Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2018:946 ECLI:NL:PHR:2018:946 AI generated

ECLI:NL:PHR:2018:946 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2018:946
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 17/01587 B Zitting: 20 februari 2018 Mr. D.J.C. Aben Conclusie inzake: [klager] Bij beschikking van 8 november 2016 heeft de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, het klaagschrift ex art. 552a Sv van de klager ongegrond verklaard. Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr. R.T.A.G. Keller, advocaat te Tilburg, heeft middelen van cassatie voorgesteld. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op. Blijkens de beschikking van de rechtbank van 8 november 2016 gaat het in deze zaak om een onder de vader van de klager in beslag genomen personenauto Porsche Cayenne met Pools kenteken [kenteken].

Legislator headnote

AI generated

art. 552a Sv; ECLI:NL:PHR:2018:946 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 17/01587 B Zitting: 20 februari 2018 Mr. D.J.C. Aben Conclusie inzake: [klager] Bij beschikking van 8 november 2016 heeft de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, het klaagschrift ex art. 552a Sv van de klager ongegrond verklaard. Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr. R.T.A.G. Keller, advocaat te Tilburg, heeft middelen van cassatie voorgesteld. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op. Blijkens de beschikking van de rechtbank van 8 november 2016 gaat het in deze zaak om een onder de vader van de klager in beslag genomen personenauto Porsche Cayenne met Pools kenteken [kenteken].

Keywords

AI generated
art. 552a Sv

Cited Legislation

AI generated
art. 552a Sv
Aben Conclusie inzake: [klager] Bij beschikking van 8 november 2016 heeft de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, het klaagschrift ex art. 552a Sv van de klager ongegrond verklaard.

Cited Case Law

AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 17/01587 B Zitting: 20 februari 2018 Mr. D.J.C. Aben Conclusie inzake: [klager] Bij beschikking van 8 november 2016 heeft de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, het klaagschrift ex art. 552a Sv van de klager ongegrond verklaard. Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr. R.T.A.G. Keller, advocaat te Tilburg, heeft middelen van cassatie voorgesteld. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op. Blijkens de beschikking van de rechtbank van 8 november 2016 gaat het in deze zaak om een onder de vader van de klager in beslag genomen personenauto Porsche Cayenne met Pools kenteken [kenteken].

Voorts heeft de rechtbank vastgesteld dat uit identificatieonderzoek is gebleken dat de betreffende personenauto voorzien is van een vals VIN-nummer en dat het voertuig gesignaleerd staat als gestolen/vermist in Duitsland. Uit namens mij bij het openbaar ministerie ingewonnen inlichtingen blijkt dat op het inbeslaggenomen voertuig inderdaad een diefstalsignalering van toepassing is en het inbeslaggenomen voertuig op 11 september 2017 is teruggegeven aan de rechthebbende. Dit betekent dat het beslag kennelijk op grond van art. 134, tweede lid onder a Sv is beëindigd.

Klager heeft dan ook geen belang bij het cassatieberoep.

6. Deze conclusie strekt ertoe dat de klager niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG Uit de opgevraagde inlichtingen valt af te leiden dat het voertuig is teruggegeven aan Kravag-Allgemeine Versicherungs - AG, een verzekeringsmaatschappij te Duitsland. Art. 134, lid 2 onder a, Sv lijkt te impliceren dat het enkel ziet op teruggave aan de beslagene zelf. Dat is hier niet het geval. De voor de beoordeling van de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep van belang zijnde uitkomst, te weten dat het beslag is geëindigd te bestaan, is hoe dan ook dezelfde. Vgl. HR 9 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2748 en HR 6 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:8.