Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname inzake de binnenkomst en het verblijf van wederzijdse onderdanen
Table of Provisions (17)
Statutory Text (17 Articles)
De Overeenkomstsluitende Partijen stellen hierbij een Commissie in, samengesteld uit door elk van hen benoemde vertegenwoordigers (hierna te noemen: „de Commissie”).
Degenen die over een uit hoofde van de op 25 november 1975 te Paramaribo tot stand gekomen Overeenkomst inzake het verblijf en de vestiging van wederzijdse onderdanen afgegeven verblijfstitel beschikken, blijven na 25 november 1980 de uit die Overeenkomst voortvloeiende rechten genieten.
De Commissie bespreekt het beleid van de Overeenkomstsluitende Partijen inzake de binnenkomst en het verblijf van wederzijdse onderdanen en inzake remigratie.
Degenen die vóór 25 november 1980 een verzoek om vergunning tot verblijf of een machtiging tot voorlopig verblijf hebben ingediend en van wie is vastgesteld, dat zij vóór die datum hebben voldaan aan de vereisten die gelden op grond van de in artikel 1 genoemde Overeenkomst, komen voor een vergunning tot verblijf in aanmerking en genieten de uit genoemde Overeenkomst voortvloeiende rechten.
De Commissie komt op verzoek van een der Overeenkomstsluitende Partijen, doch tenminste eenmaal per half jaar, bijeen, afwisselend in Nederland en Suriname.
Een Surinaamse onderdaan, die op 24 november 1980 in Nederland is en ten aanzien van wie vóór 25 november 1980 een recht op een verblijfstitel is ontstaan, krijgt de gelegenheid om dit recht ook na 24 november 1980 te effectueren, mits hij zijn aanvraag om een vergunning tot verblijf en, indien nodig, een tewerkstellingsvergunning heeft ingediend vóór 25 februari 1981. Hij geniet de rechten die voortvloeien uit de in Artikel 1 genoemde Overeenkomst.
De leden van de Commissie kunnen zich doen bijstaan door deskundigen.
De bijeenkomsten van de Commissie zullen worden voorgezeten door een Commissielid van het land, waar de bijeenkomst wordt gehouden.
In het kader van deze Overeenkomst van belang zijnde punten van het Nederlandse beleid inzake de binnenkomst en het verblijf van Surinaamse onderdanen zijn neergelegd in Bijlage 1 bij deze Overeenkomst.
In het kader van deze Overeenkomst van belang zijnde punten van het Surinaamse beleid inzake de binnenkomst en het verblijf van Nederlandse onderdanen zijn neergelegd in Bijlage 2 bij deze Overeenkomst.
Elk der Overeenkomstsluitende Partijen blijft, met inachtneming van bestaande verdragsverplichtingen, autonoom terzake van haar beleid inzake de binnenkomst en het verblijf van onderdanen van de andere Partij. Elk der Overeenkomstsluitende Partijen behoudt derhalve het recht om op eigen gezag wijzigingen aan te brengen in de op haar beleid van toepassing zijnde Bijlage.
Niettegenstaande het bepaalde in artikel 8, doch behoudens gevallen van openbare orde en veiligheid, effectueert elk der Overeenkomstsluitende Partijen wijzigingen eerst, nadat het voornemen daartoe ter kennis is gebracht van de andere Partij en deze laatste niet binnen 21 dagen na notificatie van het voornemen om overleg heeft verzocht in de commissie.
Indien een Overeenkomstsluitende Partij om overleg verzoekt, zal de Commissie bijeenkomen niet later dan 21 dagen, nadat de wens om overleg ter kennis is gebracht van de andere Partij.
In het kader van deze Overeenkomst van belang zijnde gemeenschappelijke punten inzake de remigratie zijn neergelegd in Bijlage 3 bij deze Overeenkomst.
De bevoegde autoriteiten van elk der Overeenkomstsluitende Partijen stellen in gemeenschappelijk overleg nadere regels vast ter uitvoering van de in artikel 10 bedoelde punten inzake de remigratie.
Deze Overeenkomst zal vanaf de datum van ondertekening voorlopig worden toegepast. Zij treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de dag waarop de Overeenkomstsluitende Partijen elkaar schriftelijk hebben medegedeeld, dat in hun onderscheiden landen voldaan is aan de voor inwerkingtreding vereiste formaliteiten.
Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, zal deze Overeenkomst alleen gelden voor het in Europa gelegen grondgebied van het Koninkrijk.
Deze Overeenkomst geldt voor onbepaalde tijd. Zij kan door elk der Overeenkomstsluitende Partijen worden opgezegd.
Opzegging heeft effect twee maanden, nadat de ene Overeenkomstsluitende Partij de andere daarvan schriftelijk in kennis heeft gesteld.