Legislator Case Law & Legislation
BWBR0051651 NL

Tijdelijke subsidieregeling stimulering verwijdering medicijnresten tweede tranche

16 Articles / Provisions · Netherlands
Open official source Machine-readable Markdown (.md)

Table of Provisions (16)

Statutory Text (16 Articles)

BWB 2025-10-25

In deze regeling wordt verstaan onder

gidsstoffen: organische microverontreinigingen

Categorie 1

amisulprid (CAS No 71675-85-9),

carbamazepine (CAS No 298-46-4),

citalopram (CAS No 59729-33-8),

clarithromycin (CAS No 81103-11-9),

diclofenac (CAS No 15307-86-5),

hydrochlorothiazide (CAS No 58-93-5),

metoprolol (CAS No 37350-58-6),

venlafaxine (CAS No 93413-69-5);

Categorie 2

benzotriazole (CAS No 95-14-7),

candesartan (CAS No 139481-59-7),

irbesartan (CAS No 138402-11-6),

mix van 4-methylbenzotriazole (CAS No 29878-31-7) en 5-methyl- benzotriazole (CAS No 136-85-6),

op basis waarvan het verwijderingsrendement kan worden vastgesteld en die gebruikt worden om de zuiveringsprestaties onderling tussen verschillende vergaande zuiveringstechnieken te vergelijken;

functioneel in bedrijf stellen van de installatie: in werking brengen van de installatie door het waterschap nadat deze officieel is opgeleverd door de leverancier conform de vastgelegde afspraken of specificaties hierover met het waterschap;

installatie: vergaande zuivering op een zuiveringtechnisch werk;

Kaderbesluit: Kaderbesluit subsidies I en M;

lerend implementeren: implementeren van een vergaande zuiveringstechniek op een zuiveringtechnisch werk als een demonstratieproject, waarbij het functioneren wordt gemonitord met als doel hiervan te leren en kennis te ontwikkelen en deze vervolgens te gebruiken bij keuzes en toepassing voor toekomstige installaties;

minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

project: geheel aan activiteiten, werkzaamheden en op te leveren producten zoals opgenomen in het projectplan;

projectcoördinator: projectcoördinator als bedoeld in artikel 10, eerste lid;

projectplan: projectplan ‘Zuivering medicijnresten op rioolwaterzuivering (X)’ of een programma voor meerdere rioolwaterzuiveringen van een waterschap;

resultaten: uitvindingen, uitkomsten, materialen, methodes, processen, producten, programma’s, software, vindingen of ontdekkingen die binnen een project worden gegenereerd;

rioolwaterzuivering: zuiveringtechnisch werk;

vergaande zuivering: additioneel zuiveringsproces of additionele zuiveringsstap op een zuiveringtechnisch werk met als doel de belasting van het oppervlaktewater met organische microverontreinigingen, waaronder medicijnresten, zodanig te reduceren dat de concentraties van deze stoffen substantieel worden verlaagd waardoor het verwijderingsrendement behaald wordt, waarbij ook het verlagen van de ecotoxicologische risico’s van het geloosde afvalwater voor het ontvangende oppervlaktewater onderdeel is van vergaand zuiveren;

verwijderingsrendement: verwijdering van minimaal 80% van de opgenomen selectie aan gidsstoffen na functionele inbedrijfstelling van de installatie;

zuiveringtechnisch werk: werk voor het zuiveren van stedelijk afvalwater, in exploitatie bij een waterschap of een gemeente, dan wel een rechtspersoon die door het bestuur van een waterschap met de zuivering van stedelijk afvalwater is belast, met inbegrip van het bij dat werk behorende werk voor het transport van stedelijk afvalwater.

BWB 2025-10-25

Deze regeling heeft tot doel met subsidieverstrekking aan een waterschap de implementatie en kennisontwikkeling van vergaande zuiveringstechnieken op rioolwaterzuiveringen door waterschappen te stimuleren, om medicijnresten en andere organische microverontreinigingen vergaand te verwijderen uit stedelijk afvalwater ter bevordering van de waterkwaliteit.

BWB 2025-10-25

De artikelen 4, eerste lid, onder a, b, e, f, h, en k, 6, eerste vierde en zesde lid, 8, eerste lid en tweede lid, onder c, 10, eerste en vierde lid, 11, 12, 14, eerste en vierde lid, 17, eerste lid, onder a, b, c, e en f en tweede lid, 18, 19, 20, 21, 24, derde en vierde lid, en 25 van het Kaderbesluit, zijn van overeenkomstige toepassing op een subsidie die op grond van deze regeling wordt verstrekt.

BWB 2025-10-25

1 De minister kan op aanvraag van een waterschap subsidie verstrekken voor de kosten die zijn gemaakt voor 31 december 2028 en die direct verbonden zijn met de uitvoering van de volgende activiteiten: a. de keuze van de vergaande zuiveringstechniek op de rioolwaterzuivering, waaronder onderzoekskosten; b. de bouw van de vergaande zuiveringstechniek; c. het functioneel in bedrijf stellen van de installatie van de vergaande zuiveringstechniek.

2 De voor indiening van de aanvraag gemaakte kosten die rechtstreeks samenhangen met de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, komen ook voor subsidie in aanmerking.

BWB 2025-10-25

De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking

kosten voor aanpassingen aan de reguliere zuivering die nodig zijn voor het behalen van de bestaande lozingseisen;

operationele kosten die samenhangen met het in bedrijf houden van de vergaande zuivering;

kosten die samenhangen met het monitoren van de effectiviteit van de toegepaste vergaande zuivering;

kosten die samenhangen met de uitvoering van projecten waarvoor reeds subsidie is verleend op grond van de Subsidieregeling stimulering verwijdering medicijnresten eerste tranche;

kosten waarvoor uit andere hoofde een subsidie of een bijdrage of vergoeding voor de kosten van de activiteiten, bedoeld in artikel 4, eerste of tweede lid, door derden is of wordt verstrekt.

BWB 2025-10-25

1 Het subsidieplafond bedraagt € 32.600.000,–.

2 De te verstrekken subsidie bedraagt: a. een vast bedrag van maximaal € 250.000,– per zuiveringtechnisch werk; en b. een variabel bedrag per zuiveringtechnisch werk dat wordt bepaald aan de hand van het aantal kubieke meter inkomend vergaand te zuiveren afvalwater berekend volgens de formule: € 0,21 x aantal m3/jaar van het gemiddelde over de drie voorgaande kalenderjaren op het moment van de aanvraag, conform bijlage I bij deze regeling.

3 Subsidie kan worden verstrekt tot een maximumbedrag van € 3.000.000,– per zuiveringtechnisch werk.

4 De subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de volledige aanvragen.

BWB 2025-10-25

1 Een subsidie kan op aanvraag van een waterschap worden verstrekt.

2 Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend bij de minister van 1 december 2025 tot en met 30 november 2026, waarvoor gebruik wordt gemaakt van het aanvraagformulier, bedoeld in bijlage II, bij deze regeling.

3 De aanvraag tot subsidieverlening bevat naast de in artikel 10, vierde lid, van het Kaderbesluit genoemde gegevens in ieder geval: a. een projectplan voor uitvoering van de activiteiten; b. een toelichting op welke vergaande zuiveringstechniek in de installatie wordt toegepast; c. een technisch onderbouwde analyse waarmee aangetoond wordt dat met de vergaande zuiveringstechniek het minimale verwijderingsrendement behaald kan worden; d. het aantal kubieke meter vergaand behandeld afvalwater per kalenderjaar over de drie voorafgaande jaren, zoals uitgewerkt in bijlage I bij deze regeling; en e. de bijlagen, genoemd in het aanvraagformulier, bedoeld in bijlage II, bij deze regeling.

4 Waterschappen die de installatie voor 1 december 2025 in bedrijf hebben gesteld, overleggen in aanvulling op het derde lid, ook de gegevens en bescheiden, bedoeld in artikel 12, derde lid, bij de aanvraag.

BWB 2025-10-25

Een besluit tot verlening van de subsidie vermeldt in ieder geval

de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verleend;

het bedrag van de subsidie; en

de wijze waarop het bedrag van de subsidie is bepaald.

BWB 2025-10-25

1 De subsidie wordt uitsluitend besteed aan activiteiten waarvoor de subsidie is verleend.

2 Er wordt voldaan aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 10.

BWB 2025-10-25

1 De subsidieontvanger wijst een projectcoördinator aan, die het project coördineert en die aanspreekpunt is voor de minister.

2 De installatie is functioneel in bedrijf gesteld voor 31 december 2028.

3 De vergaande zuiveringstechniek kan technisch het verwijderingsrendement behalen.

4 Het verwijderingsrendement wordt bepaald als het rekenkundig gemiddelde van de specifieke verwijderingspercentages van minimaal zes gidsstoffen, verdeeld over twee categorieën, waarbij de verhouding tussen stoffen uit categorie 1 en categorie 2 altijd 2:1 is.

5 Als minder dan zes gidsstoffen in voldoende concentratie worden gemeten, kan gebruik worden gemaakt van de gidsstoffen uit de Subsidieregeling stimulering verwijdering medicijnresten eerste tranche om het verwijderingsrendement te berekenen.

6 Voor het meten van de gidsstoffen om het zuiveringsrendement te bepalen, bedoeld in het vierde lid, wordt gebruik gemaakt van de werkinstructie, bedoeld in bijlage I van de Subsidieregeling stimulering verwijdering medicijnresten eerste tranche, dan wel de werkinstructies, bedoeld in ‘STOWA 2024-43, werkinstructie bemonstering en chemische analyse medicijnresten in rwzi-afvalwater t.b.v. bijdrageregeling ‘zuivering medicijnresten’ (IenW)’ en de ‘Handreiking voor het uitvoeren van biologische effectmonitoring bij vergaande zuivering van RWZI-effluenten Versie 0.9, eindversie 24 oktober 2024’.

7 Gedurende vijf jaren na de datum van het functioneel in bedrijf stellen van de installatie rapporteert het waterschap jaarlijks, voor 1 maart in het opvolgende kalenderjaar, aan de minister over de voortgang van de bevindingen ten aanzien van het project.

8 De rapportage, bedoeld in het zevende lid, bevat de gegevens, bedoeld in bijlage III, bij deze regeling.

BWB 2025-10-25

De binnen het project gegenereerde resultaten en de opgedane kennis en ervaring worden door de subsidieontvanger beschikbaar gesteld voor de Nederlandse zuiveringspraktijk.

BWB 2025-10-25

1 De subsidieontvanger dient uiterlijk binnen dertien weken na het functioneel in bedrijf stellen van de installatie een aanvraag voor subsidievaststelling in bij de minister.

2 In afwijking van het eerste lid dienen waterschappen die de installatie voor 1 december 2025 functioneel in bedrijf hebben gesteld uiterlijk 1 april 2026 een aanvraag voor subsidievaststelling in bij de minister.

3 De aanvraag tot subsidievaststelling bevat naast de in artikel 24, derde en vierde lid, van het Kaderbesluit genoemde gegevens in ieder geval: a. een beschrijving van de reeds uitgevoerde activiteiten; en b. de datum van functionele inbedrijfstelling van de installatie.

BWB 2025-10-25

De minister publiceert uiterlijk op 31 december 2030 een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk.

BWB 2025-10-25

Wijzigt de Subsidieregeling stimulering verwijdering medicijnresten eerste tranche.

BWB 2025-10-25

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 15 oktober 2030, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verleend.

BWB 2025-10-25

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling stimulering verwijdering medicijnresten tweede tranche.

Need to analyze how this provision applies to your matter?

Cross-reference this statute against case law, commentaries, and related legislative provisions inside Legislator AI.

Open in Legislator →