Richtlijn voor strafvordering vuurwerkdelicten
Statutory Text (1 Articles)
Deze richtlijn ziet op vuurwerkovertredingen en -misdrijven, waaronder misdrijven met betrekking tot het zelf maken van vuurwerk (geïmproviseerd vuurwerk), gepleegd door meerderjarigen. De vuurwerkovertredingen en/of misdrijven door minderjarigen en de tabellen voor Halt staan in de richtlijn en kader voor strafvordering jeugd en adolescenten, inclusief strafmaten Halt. De overtredingen van het Vuurwerkbesluit zijn economische delicten en zijn strafbaar gesteld via artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer in samenhang met artikelen 1a ten eerste, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten. De hoofdstraffen, bijkomende straffen en maatregelen van de Wet economische delicten zijn van toepassing in aanvulling op de relevante sanctiebepalingen van het Wetboek van Strafrecht.
Daarnaast is per 01-10-2024 de wetgeving inzake het pyro-passregister van kracht. Dit is geregeld in artikel 9.5.8 Wet milieubeheer, waarbij schending van artikel 9.5.8 lid 6 van deze wet via artikel 1a onder 1 Wet op de economische delicten strafbaar is gesteld.
Deze richtlijn is niet van toepassing op delicten die zijn te beschouwen als zware (ondermijnende) criminaliteit. Men denke hierbij vooral aan het aantreffen van heel grote partijen professioneel vuurwerk en/of regionale en/of grensoverschrijdende illegale handel in professioneel vuurwerk. Dit vergt maatwerk.
Andere misdrijven, gepleegd met vuurwerk, zoals vernieling, brandstichting (explosies), mishandeling en openbare geweldpleging, vallen niet onder het Vuurwerkbesluit (commune vuurwerkcriminaliteit), maar bijvoorbeeld onder de Wet wapens en munitie en/of het Wetboek van Strafrecht. Op dit soort feiten is deze richtlijn niet van toepassing.
De richtlijn bevat richtsnoeren van algemene aard. Het is mogelijk dat deze richtsnoeren in een individueel geval niet van toepassing zijn. Er kunnen zich feiten of omstandigheden voordoen waardoor het wenselijk is dat van de richtlijn wordt afgeweken. Dit kan bijvoorbeeld aan de orde zijn bij het aantreffen van verschillende soorten en/of typen vuurwerk. Het aanpassen van de strafmaat en aldus het afwijken van deze richtlijn is dan dus mogelijk.
De Wet op de economische delicten biedt, bij veroordeling van bedrijven die bedrijfsmatig vuurwerk verhandelen/verkopen mogelijkheden om bijkomende straffen op te leggen.
Het gaat hierbij om onder meer het ontzeggen van het recht om gedurende een bepaald aantal jaren in vuurwerk te handelen, het intrekken van vergunningen, het verbod tot het uitoefenen van een bepaald beroep en het stilleggen van de onderneming. Dit kan bijdragen aan sanering van de vuurwerkbranche.
Per 01-07-2022 is het mogelijk om op grond van artikel 8 sub d WED de maatregel kostenverhaal te vorderen. Hierdoor kan een veroordeelde door de rechtbank de verplichting worden opgelegd om de kosten van de vernietiging van inbeslaggenomen vuurwerk te betalen. Daarnaast kan ook worden gedacht aan de maatregel, strekkende tot beperking van de vrijheid opgelegd bij rechterlijke uitspraak, zoals genoemd in artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht, waaronder de meldplicht en het locatieverbod. Deze mogelijkheden zijn niet expliciet opgenomen in deze richtlijn.
Deze richtlijn kent een eigen recidiveregeling voor specifiek genoemde feiten. Van recidive is sprake als vanaf de datum van een onherroepelijke veroordeling, de datum van een onherroepelijke strafbeschikking of de datum van het vervallen van het recht tot strafvordering op grond van een transactie als bedoeld in artikel 74 Wetboek van Strafrecht minder dan 5 jaar zijn verstreken na een eerdere veroordeling, een opgelegde onherroepelijke strafbeschikking of een aanvaarding van een transactie wegens een soortgelijk misdrijf. Meermalen recidive geldt voor ieder feit als strafverzwarende omstandigheid en vraagt om een op maat gesneden strafeis.
Voor overige strafverzwarende omstandigheden in het kader van deze richtlijn wordt verwezen naar de Aanwijzing kader voor strafvordering meerderjarigen.
Het aangetroffen vuurwerk wordt ten behoeve van de strafmaat ingedeeld in de hierna genoemde vier lijsten. De indeling van het vuurwerk in deze vier lijsten is gebaseerd op de algemene gevaarzetting die van dat vuurwerk uit gaat, onafhankelijk van de omstandigheden waaronder het is aangetroffen. De lijstindeling komt terug in de processen-verbaal van het onderzoek van vuurwerk van het Centraal Onderzoeksteam Vuurwerk (verder te noemen: COV) Deze lijstindeling correspondeert niet met de categorie-indeling F1–F4 ingevolge de Pyrorichtlijn, zoals doorgaans aangegeven op het vuurwerk zelf en vermeld in artikel 1A.1.3 lid 3 van het Vuurwerkbesluit (verder te noemen Vwb)
Lijst I betreft in Nederland toegestaan consumentenvuurwerk, zoals aangegeven in de Regeling aanwijzing consumentenvuurwerk (verder te noemen: RAC);
Lijst II betreft professioneel vuurwerk, dat is ingedeeld in categorie F2 en niet als consumentenvuurwerk aangewezen in de RAC en professioneel vuurwerk F3. Daarnaast betreft Lijst II pyrotechnische artikelen voor theatergebruik van de categorie T1/T2. Verder is deze lijst van toepassing op handfakkels;
Lijst III betreft professioneel vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F4, of vuurwerk dat volgens opschrift niet is voorzien van een F-categorie en daarnaast vuurwerk P1/P2, met uitzondering van handfakkels;
Lijst IV betreft geïmproviseerd vuurwerk (vuurwerk dat zelf is vervaardigd of is aangepast).
Te trachten een ander te bewegen om de handelingen in art. 1.2.2 lid 1 t/m 4 Vb te plegen, te doen plegen, mede te plegen of uit te lokken, om daarbij behulpzaam te zijn of om daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen te verschaffen (art. 1.2.2 lid 5 onder a Vb).
Strafuitgangspunt: de straf uit de tabel voor lijst II, III of IV minus 50%.
Te trachten zich of een ander gelegenheid, middelen of inlichtingen tot het verrichten van de handelingen in art. 1.2.2 lid 1 t/m 4 Vb te verschaffen (art. 1.2.2 lid 5 onder b Vb).
Strafuitgangspunt: de straf uit de tabel voor lijst II, III of IV minus 50%.
Voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden of andere betaalmiddelen voorhanden te hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het verrichten van de handelingen in art. 1.2.2 lid 1 t/m 4 Vb (art. 1.2.2 lid 5 onder c Vb).
Strafuitgangspunt: de straf uit de tabel voor lijst II, III of IV minus 50%.
Het gaat dan om de volgende situaties
Binnen de toegestane tijd meer dan 25 kilo consumentenvuurwerk voorhanden hebben op een voor het publiek toegankelijke plaats (art. 1.2.4, lid 2 onder a Vwb);
Buiten de toegestane tijd voorhanden hebben van consumentenvuurwerk (met uitzondering het voorhanden hebben van maximaal 25 kilo op een niet voor het publiek toegankelijke plaats, 1.2.4, lid 2 onder b VwB);
Deze lijst geldt niet voor overtredingen en/of misdrijven die voortvloeien uit milieubelastende activiteiten inzake vuurwerk, gepleegd door (lokale) vuurwerkhandelaren die op basis van een omgevingsvergunning vuurwerk mogen verkopen. Daarvoor is de Richtlijn bestuurlijke strafbeschikkingsbevoegdheid fysieke leefomgevingsfeiten van toepassing. De reden voor de vergunningplicht is de externe veiligheid, omdat verkopers van vuurwerk immers op bepaalde locaties vuurwerk op mogen slaan.
Voorhanden hebben van consumentenvuurwerk
First offender
1x recidive
t/m 25 kg (buiten toegestane tijd)
GB € 100
GB € 150
26 tot 50 kg
GB € 250
GB € 375
50 tot 100 kg
GB € 500
GB € 750
100 kg of meer
GB vanaf € 750
GB vanaf € 1.200
Afsteken buiten toegestane tijd
GB € 250
GB € 375
NB: verdachten inzake grote partijen consumentenvuurwerk worden vervolgd op basis van art. 1.2.4 Vuurwerkbesluit.
Dit vuurwerk wordt onderverdeeld in twee lijsten
Lijst A: vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F2 en niet is aangewezen in de RAC of rookbommen T1/T2 en handfakkels;
Lijst B: vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F3.
Voorhanden hebben
Ter beschikking stellen/afleveren aan meerderjarigen
Ter beschikking stellen/ afleveren aan minderjarigen
tot 10 kg
GB € 400
TS 20 uur
TS 40 uur
10 tot 50 kg
GB € 600
TS 40 uur
TS 80 uur
50 tot 100 kg
GB € 600 tot € 1.000 of TS 20 uur
TS 80 uur
TS 120 uur
100 kg of meer
TS 60 uur
TS 120 uur + GS 2 weken vw
TS 180 uur + GS 1 maand vw
Tot ontbranding brengen; per stuk
GB € 400
Voorhanden hebben
Ter beschikking stellen/afleveren aan meerderjarigen
Ter beschikking stellen/ afleveren aan minderjarigen
tot 10 kg siervuurwerk/
tot 20 stuks (flash)bangers
GB € 600
TS 60 uur
TS 90 uur
10 tot 50 kg siervuurwerk/
20 tot 60 stuks (flash)bangers
GB € 750 tot € 1.000 of TS 20 uur
TS 120 uur +
GS 2 tot 4 weken vw
TS 180 uur +
GS 1 maand vw
50 tot 100 kg siervuurwerk/
60–100 stuks (flash)bangers
TS 100 uur
TS 180 uur +
GS 1 maand vw
TS 240 uur +
GS 6 weken vw
100 kg of meer siervuurwerk/ 100 of meer stuks (flash)bangers
TS 180 uur +
GS 1 maand vw
GS vanaf 2 maanden ov
GS vanaf 4 maanden ov
Tot ontbranding brengen; per stuk
GB € 600
Voorhanden hebben van vuurwerk, ingedeeld in categorie F4 of niet ingedeeld, niet zijnde shells (mortierbommen), vuurpijlen met hoofdzakelijk knaleffect (zoals lawinepijlen, signaalraketten etc), knalvuurwerk
First offender
1x recidive
1 tot 20 stuks
TS 90 uur
GS 6 weken tot 3 maanden ov
20 tot 40 stuks
TS 120 uur
GS 4 tot 6 maanden ov
40 tot 60 stuks
TS 140 uur + GS 2 weken vw
GS 6 tot 9 maanden ov
60 tot 100 stuks
TS 180 uur + GS 6 weken vw
GS 9 tot 12 maanden ov
100 tot 200 stuks
GS 6 maanden ov
GS vanaf 12 maanden ov
200 stuks of meer
GS 9 maanden ov
GS vanaf 15 maanden ov
Voorhanden hebben van shells (mortierbommen), vuurpijlen met hoofdzakelijk knaleffect (zoals lawinepijlen, signaalraketten etc), knalvuurwerk, ingedeeld in categorie F4 of niet ingedeeld
First offender
1x recidive
1 tot 7 stuks
TS 60 uur
GS 1 maand ov
7 tot 20 stuks
TS 120 uur
GS 3 tot 6 maanden ov
20 tot 40 stuks
TS 180 uur
GS 9 tot 12 maanden ov
40 tot 60 stuks
TS 200 uur + 1 maand vw
GS vanaf 12 maanden ov
60 tot 100 stuks
TS 240 uur + 3 maanden vw
GS vanaf 12 maanden ov
100 tot 200 stuks
GS 9 maanden ov
GS vanaf 12 maanden ov
200 stuks of meer
GS 12 maanden ov
GS vanaf 15 maanden ov
Professioneel vuurwerk lijst III
Ter beschikking stellen/afleveren
1x recidive
Per aflevering aan meerderjarige
2 maanden ov
3 maanden ov
Per aflevering aan minderjarige
4 maanden ov
6 maanden ov
Voor de strafmaat dient, bij de strafmaat voor het enkel ter beschikking stellen, ook de strafmaat voor het voorhanden hebben te worden opgeteld.
Professioneel vuurwerk lijst III
Tot ontbranding brengen
1x recidive
Per keer
TS 60 uren
TS 90 uren
Deze tabel is niet van toepassing indien er door het ter ontbranding brengen van dit vuurwerk schade is ontstaan of als er doden of gewonden bij zijn gevallen.
Schenden voorschriften betreffende de pyro-pass gegeven in artikel 9.5.8 lid 6 Wet milieubeheer: als marktdeelnemer (fabrikant, importeur en distributeur) in de BENELUX pyrotechnische artikelen verstrekken zonder aan de hand van de pyro-pass, raadpleging van het pyro-passregister en een document als bedoeld in art. 1 lid 1 Wet op de identificatieplicht vast te stellen of de pyrotechnische artikelen worden verstrekt aan een persoon die gemachtigd is de betreffende pyrotechnische artikelen te hanteren of te gebruiken
First offender
1x recidive
natuurlijk persoon (administratieve omissie)
GB € 750
GB € 1.100 + taakstraf 60 uur vw
natuurlijk persoon (calculerend gedrag)
GB € 1.500
GB € 2.200 + taakstraf 60 uur ov
rechtspersoon (administratieve omissie)
GB € 1.500
GB € 2.200
rechtspersoon (calculerend gedrag)
GB € 3.000
GB € 4.500 en/of voorlopige maatregel art. 28 WED
Zonder erkenning vervaardigen, voorhanden hebben, aan een ander overdragen/ter beschikking stellen, tot ontbranding brengen
Geïmproviseerd vuurwerk
GS 6 tot 9 maanden ov
GB = geldboete
TS = taakstraf
GS = gevangenisstraf
vw = voorwaardelijk
ov = onvoorwaardelijk