Beleidsregel financiële nood als gevolg van de wateroverlast in juli 202120242030702-07-202405-06-2024546232420242030702-07-202405-06-2024546232401-09-2024
Table of Provisions (10)
Statutory Text (10 Articles)
Voor deze beleidsregel wordt verstaan onder
Minister: de Minister van Justitie en Veiligheid;
aanvrager: de particulier die blijkens de basisregistratie personen gedurende de schadeperiode was ingeschreven als bewoner en eigenaar van een binnen het schadegebied gelegen woning en daarin ook woonachtig was gedurende de schadeperiode en die op grond van artikel 4, eerste lid, een aanvraag heeft gedaan;
schadegebied: de gebieden, die zijn ingekleurd op de kaart die is opgenomen als bijlage bij de Regeling tegemoetkoming waterschade in Limburg en het onbedijkte gebied langs de Maas in Noord-Brabant in juli 2021;
schadeperiode: de periode van 13 juli 2021 tot en met 20 juli 2021;
woning: hieronder wordt mede verstaan woonwagen, woonark of woonschip;
peildatum: 31 december 2023;
financiële middelen: uitkomst van de berekening op de peildatum waarbij de banksaldi (A) worden verminderd met het op de bankrekening(en) aanwezige saldo voor zover dat minder bedraagt dan of gelijk is aan de van toepassing zijnde vermogensgrens, genoemd in artikel 34, derde lid, van de Participatiewet (B) en met schulden (C);
banksaldi: het op de peildatum bepaalde saldo van de in box 3 opgenomen lopende rekening(en), spaarrekening(en), deposito’s, alsmede de waarde van beleggingen waarbij buiten beschouwing worden gelaten de saldi op pensioenrekeningen, lijfrentekapitaalverzekeringen en hypotheekspaarrekeningen onder box 1.
schulden: op de peildatum openstaande saldi van hypotheken, kredieten of leningen voorzover die zijn afgesloten of opgehoogd na de schadeperiode en op de peildatum nog te betalen facturen van € 50 of meer (inclusief btw) per factuur;
verstrekking: eenmalige financiële bijdrage ter leniging van financiële nood, zoals omschreven in artikel 3.
De Minister kan, met inachtneming van de artikelen 3 tot en met 9 van deze beleidsregel, een verstrekking doen aan de aanvrager.
1 Van financiële nood is sprake als de aanvrager in één of meer van de volgende situaties verkeert: a. de aanvrager heeft op de peildatum onvoldoende eigen financiële middelen om te voorzien in noodzakelijke dubbele woonlasten omdat de woning als gevolg van de wateroverlast in het schadegebied in de schadeperiode geheel of gedeeltelijk onbewoonbaar is geworden en aanvrager genoodzaakt was om vervangende woonruimte te betrekken; b. de aanvrager heeft op de peildatum onvoldoende eigen financiële middelen om werkzaamheden voor het herstel van de gebruiksfunctie van de woning te laten aanvangen of afmaken; c. de aanvrager heeft op de peildatum negatieve financiële middelen als gevolg van reeds betaalde dubbele woonlasten of kosten voor het herstel van de gebruiksfunctie van de woning.
2 Voor het lenigen van de financiële nood bedraagt de eenmalige verstrekking: a. in geval van dubbele woonlasten: ten hoogste € 1.500 inclusief btw per maand; b. in geval van (reeds gefinancierde) kosten voor herstel van de gebruiksfunctie: ten hoogste € 100.000 (inclusief btw).
3 De aanvrager is verplicht alle inlichtingen te verstrekken over alle feiten en omstandigheden, waarvan het hem duidelijk is of redelijkerwijs duidelijk kan zijn dat zij van invloed kunnen zijn op de berekening van de financiële nood.
1 Degene die aanspraak wenst te maken op een eenmalige financiële verstrekking meldt zich aan bij de stichting Sociale Banken Nederland en doet voor 1 maart 2025 een aanvraag via de website van de stichting Sociale Banken Nederland.
2 De Minister beslist binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag.
Van het bepaalde in deze beleidsregel kan worden afgeweken, indien onverkorte toepassing daarvan, gelet op de doelstelling van deze beleidsregel, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
De beschikking op een aanvraag, waarbij de verstrekking op nul of hoger wordt bepaald, bevat in ieder geval
de berekening van de hoogte van de financiële middelen op de peildatum
de berekening ten behoeve van de verstrekking.
1 De beschikking tot het toekennen van een verstrekking kan worden gewijzigd of ingetrokken, indien: a. er feiten of omstandigheden zijn waarvan de Minister bij het nemen van die beschikking redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn, op grond waarvan de verstrekking hoger of lager zou zijn vastgesteld, of b. de hoogte van de toegekende verstrekking onjuist was en de ontvanger dit wist of behoorde te weten; c. de aanvrager niet voldoet aan de verplichtingen opgenomen in artikel 3, vierde lid, van deze beleidsregel.
2 Onverschuldigde verstrekkingen kunnen worden teruggevorderd voor zover na de dag waarop de verstrekking is toegekend, nog geen vijf jaren zijn verstreken.
De Minister heeft de stichting Sociale Banken Nederland gemandateerd om deze beleidsregel uit te voeren.
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 september 2024. Uiterlijk tot 6 maanden na inwerkingtreding kan een aanvraag worden gedaan op grond van artikel 4, eerste lid, van deze beleidsregel.
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel financiële nood als gevolg van de wateroverlast in juli 2021.