Uitvoeringsregeling EU-zeehavenverordening
Statutory Text (4 Articles)
Een klacht als bedoeld in artikel 7, eerste lid, tweede zin, van de Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening wordt behandeld door
de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, voor zover het een klacht betreft met betrekking tot arbeid verricht in, respectievelijk op, een zeeschip of binnenschip, met uitzondering van aanbouw, verbouwing, herstel of sloop dan wel onderhouds- of reinigingswerkzaamheden en hiermee verband houdende andere werkzaamheden aan deze schepen, alsmede met uitzondering van laden en lossen, tenzij deze arbeid wordt verricht door een werknemer die behoort tot de bemanning van een zeeschip of binnenschip;
de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor zover het de behandeling van overige klachten betreft.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening in werking treedt.
Met de behandeling van klachten zijn belast
namens de Minister van Infrastructuur en Waterstaat: de ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport; en
namens de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid: de ambtenaren van de Nederlandse Arbeidsinspectie.
Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling EU-zeehavenverordening.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening in werking treedt.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de datum waarop de Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening in werking treedt.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening in werking treedt.