Legislator Case Law & Legislation
BWBR0043922 NL

Tijdelijke regeling tegemoetkoming studenten in verband met de uitbraak van COVID-1920203890022-07-202007-07-20202467475120203890022-07-202007-07-20202467475123-07-2020

22 Articles / Provisions · Netherlands
Open official source Machine-readable Markdown (.md)

Table of Provisions (22)

Statutory Text (22 Articles)

BWB 2024-01-01

1 In deze regeling wordt verstaan onder Minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

2 In deze regeling wordt in paragrafen 2, 3 en 4a verstaan onder: a. bankrekening: het bij de Minister bekende bankrekeningnummer waarop de student studiefinanciering op grond van de Wsf 2000 ontvangt; b. opleiding: 1°. een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste en tweede lid, van de WEB, verzorgd aan een bekostigde instelling in de zin van artikel 1.1.1 van de WEB; of 2°. een opleiding hoger onderwijs als bedoeld in artikel 7.3a, eerste lid, onder b, en tweede lid, van de WHW met accreditatie in de zin van artikel 1.1 van de WHW aan een bekostigde instelling in de zin van artikel 1.8, eerste lid, van de WHW; c. student: degene die een opleiding volgt, niet zijnde extraneus, en voor zover het een student aan een beroepsopleiding betreft, die op 1 augustus 2020 de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt; d. Wsf 2000: Wet studiefinanciering 2000.

3 In deze regeling wordt in paragraaf 4 verstaan onder: a. bankrekening: het bij de Minister bekende bankrekeningnummer waarop de student studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering BES ontvangt; b. opleiding: 1°. een beroepsopleiding die vergelijkbaar is met een beroepsopleiding in de zin van artikel 1.1 van de Wsf BES waarvoor in artikel 2 van de Regeling studiefinanciering BES criteria zijn vastgesteld; of 2°. een opleiding hoger onderwijs in de zin van artikel 1.1, eerste lid, van de Wsf BES; c. student: degene die een opleiding volgt, niet zijnde extraneus; d. Wsf BES: Wet studiefinanciering BES.

BWB 2024-01-01

1 Een ho-student die in de periode maart tot en met december 2020 voor de duur van minimaal 1 kalendermaand aanspraak had op een reisvoorziening en voor wie in die periode voor een of meerdere maanden een vorm van reguliere studiefinanciering als bedoeld in hoofdstuk 3 van de Wsf 2000 is toegekend, komt in aanmerking voor een extra reisvoorziening, bestaande uit een verlenging van de duur van de aanspraak op een reisvoorziening, als bedoeld in artikel 5.2 van de Wsf 2000, met de duur van 12 kalendermaanden.

2 De verlengde aanspraak op reisvoorziening wordt toegekend aansluitend aan de laatste maand van de reguliere aanspraak op reisvoorziening.

BWB 2024-01-01

1 De extra reisvoorziening, bedoeld in artikel 14a, wordt ambtshalve toegekend.

2 In afwijking van het eerste lid, vindt toekenning van de extra reisvoorziening, bedoeld in artikel 14a, plaats op aanvraag in het geval waarin de reguliere reisvoorziening vóór 1 april 2021 was geëindigd.

BWB 2024-01-01

De extra reisvoorziening wordt uitsluitend met terugwerkende kracht toegekend voor de maand of maanden waarover een student voor wie de aanspraak op de reguliere reisvoorziening reeds was geëindigd een bedrag als bedoeld in artikel 3.27, tweede lid, van de Wsf 2000 aan de Minister is verschuldigd.

BWB 2024-01-01

Geen tegemoetkoming wordt toegekend aan een student van wie de aanspraak op tegemoetkoming pas ontstaat na het studiejaar 2022–2023.

BWB 2024-01-01

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

BWB 2024-01-01

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling tegemoetkoming studenten in verband met de uitbraak van COVID-19.

Need to analyze how this provision applies to your matter?

Cross-reference this statute against case law, commentaries, and related legislative provisions inside Legislator AI.

Open in Legislator →