Richtlijn voor strafvordering uitgeven enz. van vals geld
Statutory Text (1 Articles)
Deze richtlijn heeft betrekking op het uitgeven, in voorraad hebben, invoeren e.d. van valse bankbiljetten.
Bij artikel 209 Sr geldt een verzwaarde recidiveregeling.
Uitgeven, in voorraad hebben enz. van zelf vervalst biljet, of uitgeven van biljet met bekendheid van valsheid bij verkrijging (art 209 Sr)
Totaal bedrag valse biljetten
first offender
1 x recidive
meermalen recidive
€ 5–100
GS 4 mnd*
GS 6 mnd
GS 8–12 mnd ov
€ 100–500
GS 6 mnd
GS 9 mnd
GS 10–14 mnd ov
€ 500–5.000
GS 10 mnd
GS 15 mnd
GS 18–24 mnd ov
* Dit uitgangspunt ziet op het bewust uitgeven van meerdere valse biljetten.
Uitgeven van een vals biljet, dat te goeder trouw was ontvangen (art 213 Sr)
Totaal bedrag valse biljetten
first offender
1 x recidive*
meermalen recidive
€ 5–100
TS 60 uur
5j
2j
TS 90 uur
Idem of GS 6 wkn
GS 2 mnd ov
€ 100–500
TS 80 uur
5j
2j
TS 120 uur
Idem of GS 2 mnd
GS 11 wkn ov
€ 500–5.000
TS 120 uur
5j
2j
Eis TS 180 uur + GS 1 mnd vw
Idem of GS 4 mnd waarvan 1 vw
GS 4 mnd ov
Bijzonderheden
Toelichting bij verschil in strafmaat: Bij artikel 209 gaat het om echte vervalsers die er aan beginnen om er beter van te worden. Bij 213kan het ook gaan om mensen die er achter komen dat ze een vals briefje hebben teruggekregen en het vervolgens uitgeven om de schade te ontlopen.
* Let op eventueel taakstrafverbod (art. 22b Sr) en of er sprake is van een (zeer actieve) veelpleger of stelselmatige dader
Afkortingen
GB = Geldboete
TS = Taakstraf
GS = gevangenisstraf
vw = voorwaardelijk
ov = onvoorwaardelijk
5j = recidive binnen 5 jaar
2j = recidive binnen 2 jaar
Voor een toelichting op de onderstreepte begrippen zie de Aanwijzing kader voor strafvordering en OM-afdoeningen.