Legislator Case Law & Legislation
BWBR0035877 NL

Wijzigingswet financiële markten 2015 201447205-12-201419-11-201433918201453419-12-201411-12-201401-01-2015

25 Articles / Provisions · Netherlands
Open official source Machine-readable Markdown (.md)

Table of Provisions (25)

Statutory Text (25 Articles)

BWB 2019-07-21

Wijzigt de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES.

BWB 2019-07-21

Op overeenkomsten betreffende van het publiek ter beschikking verkrijgen van terugbetaalbare gelden als gevolg van het aanbieden van effecten in overeenstemming met het ingevolge hoofdstuk 5.1 van de Wet op het financieel toezicht, zoals dat hoofdstuk onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet luidde, bepaalde onderscheidenlijk op overeenkomsten betreffende het uitzetten van deze gelden die zijn aangegaan voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel S, blijft artikel 3:2 van de Wet op het financieel toezicht, zoals dat artikel onmiddellijk voorafgaand aan dat tijdstip luidde, van toepassing.

Artikel Ia van Stb. 2019/190 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

BWB 2019-07-21

Wijzigt de Wijzigingswet Wet op het financieel toezicht, enz. (implementatie richtlijn 2011/61/EU).

BWB 2019-07-21

Dit artikel treedt niet meer in werking. Het artikel is ingetrokken door Stb. 2018/408.

Artikel 1:23a van de Wet op het financieel toezicht is niet van toepassing op burgerlijke zaken die aanhangig zijn op de datum van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C van deze wet.

BWB 2019-07-21

1 Degene met zetel in Nederland op wie onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel S, het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de Wet op het financieel toezicht niet van toepassing was op grond van artikel 3:2 van de Wet op het financieel toezicht, zoals dat artikel luidde tot aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel S, behoeft geen vergunning als bedoeld in artikel 2:11, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht en op hem is het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de Wet op het financieel toezicht niet van toepassing.

2 Degene, bedoeld in het eerste lid, toont binnen zes maanden na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel S, aan dat wordt voldaan aan artikel 3:2 van de Wet op het financieel toezicht.

3 Indien degene, bedoeld in het eerste lid, niet voldoet aan het tweede lid, is het hem met ingang van de dag, volgende op een periode van zes maanden na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel S, verboden zonder een daartoe door de Nederlandsche Bank op grond van artikel 2:11, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht verleende vergunning het bedrijf van bank uit te oefenen en is op hem met ingang van dezelfde dag het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de Wet op het financieel toezicht van toepassing.

BWB 2019-07-21

1 De artikelen 3:17b, eerste en tweede lid, en 4:15a, eerste en tweede lid, van de Wet op het financieel toezicht gelden ten aanzien van natuurlijke personen die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel W, reeds werkzaam zijn bij of onder verantwoordelijkheid van een financiële onderneming, met ingang van de eerste dag van de twaalfde kalendermaand na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel W, voor zover die personen gedurende dat jaar werkzaam blijven bij of onder verantwoordelijkheid van dezelfde financiële onderneming.

2 Artikel 3:17c, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht geldt ten aanzien van natuurlijke personen die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel Wa, reeds werkzaam zijn bij of onder verantwoordelijkheid van een financiële onderneming, met ingang van de eerste dag van de twaalfde kalendermaand na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel Wa, voor zover die personen gedurende dat jaar werkzaam blijven bij of onder verantwoordelijkheid van dezelfde financiële onderneming.

BWB 2019-07-21

1 De registratie van categorieën obligaties en uitgevende banken, die voor 1 januari 2015 op grond van artikel 124b, eerste lid, van het Besluit prudentiële regels Wft heeft plaatsgevonden, wordt voor de toepassing van de Wet op het financieel toezicht gelijkgesteld aan de registratie, bedoeld in artikel 1:107, derde lid, onderdelen m en n van die wet.

2 Het eerste lid is niet van toepassing op categorieën obligaties waarvan de registratie reeds voor 1 januari 2015 is doorgehaald.

BWB 2019-07-21

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Need to analyze how this provision applies to your matter?

Cross-reference this statute against case law, commentaries, and related legislative provisions inside Legislator AI.

Open in Legislator →