Legislator Case Law & Legislation
BWBR0034184 NL

Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rijkswaterstaat 20132013757425-03-201311-03-2013RWS/SDG-2013/128952013757425-03-201311-03-2013RWS/SDG-2013/1289501-04-2013

18 Articles / Provisions · Netherlands
Open official source Machine-readable Markdown (.md)

Table of Provisions (18)

Statutory Text (18 Articles)

BWB 2025-05-17

In dit besluit wordt onder Rijkswaterstaat Bestuursstaf, regionale en centrale organisatieonderdelen, programmadirecties en projectdirecties verstaan: organisatieonderdelen van het directoraat-generaal Rijkswaterstaat als bedoeld in artikel 2 van het Instellingsbesluit directoraat-generaal Rijkswaterstaat 2013.

Treedt in werking op het tijdstip waarop de Omgevingswet in werking treedt.

BWB 2025-05-17

1 De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden gemandateerd aan de plaatsvervangend directeur-generaal, de chief financial officer en de chief operations officer.

2 Aan de in het eerste lid genoemde chief operations officer worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

BWB 2025-05-17

Aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat, de plaatsvervangend directeur-generaal en de chief financial officer blijft voorbehouden de bevoegdheid tot het opstellen van circulaires die een verzoek, gericht tot een groep van personen of instanties buiten de rijksoverheid, om medewerking of inlichtingen bevatten.

BWB 2025-05-17

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de directeuren van de Rijkswaterstaat Bestuursstaf.

BWB 2025-05-17

1 De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de hoofdingenieur-directeuren van de regionale en centrale organisatieonderdelen.

2 De hoofdingenieur-directeuren kunnen met inachtneming van artikel 12 binnen hun organisatieonderdeel ten aanzien van de aan hen verleende bevoegdheden mandaat verlenen aan: a. de directeuren; b. de afdelingshoofden en districtshoofden, en c. de projectdirecteuren, projectmanagers en projectleiders van projecten met een waarde groter dan € 50.000.000.

3 De in het tweede lid, onder c, genoemde functionarissen worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

4 De hoofingenieur-directeuren van de organisatieonderdelen Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud en Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud kunnen met inachtneming van artikel 12 hun bevoegdheden ook mandateren aan project- of programmadirecteuren – Portfoliomanagement, project- of programmamanagers – Portfoliomanagement, project- of programmadirecteuren – Projectmanagement, project- of programmamanagers en projectleiders. De project- of programmadirecteuren – Projectmanagement, project- of programmamanagers en projectleiders worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

5 De hoofdingenieur-directeur van het organisatieonderdeel Rijkswaterstaat Centrale Informatievoorziening kan met inachtneming van artikel 12 binnen zijn organisatieonderdeel zijn bevoegdheden ook mandateren aan de programmadirecteuren.

6 De hoofdingenieur-directeur van het organisatieonderdeel Rijkswaterstaat Zuid-Nederland kan met inachtneming van artikel 12 binnen zijn organisatieonderdeel zijn bevoegdheden ook mandateren aan de project- of programmadirecteur van Rijkswaterstaat Zuid-Nederland.

BWB 2025-05-17

1 De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat Corporate Dienst.

2 De hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat Corporate Dienst kan met inachtneming van artikel 12 binnen zijn organisatieonderdeel ten aanzien van de aan hem verleende bevoegdheden mandaat verlenen aan: a. de directeuren; b. het hoofd Klant en Services; c. project- of programmamanagers van projecten of programma’s met een waarde groter dan € 50.000.000; d. de afdelingshoofden; e. de senior adviseurs van de afdeling Bestuurlijk Juridische zaken en Vastgoed/Schade, voor zover het schadeafhandeling betreft; f. de directeur/kwartiermaker van het onderdeel NOVA; g. de directeuren van allianties; h. de project- of programmadirecteur, de project-of programmamanager en de projectleider van het onderdeel NOVA; i. het afdelingshoofd Departementaal Coördinatiecentrum Crisisbeheersing (DCC); j. de Manager Nationale Bewegwijzeringsdienst, en k. de coördinerend specialistisch adviseur van het onderdeel NOVA aangewezen door de hoofdingenieur-directeur.

3 De in het tweede lid, onder c en e, genoemde functionarissen worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

BWB 2025-05-17

1 Aan de hoofdingenieur-directeuren, bedoeld in artikel 5, eerste lid, en artikel 6, eerste lid, worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, tevens de aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden gemandateerd voor zover zij een door de directeur-generaal Rijkswaterstaat aangewezen corporate taak uitoefenen die het eigen organisatieonderdeel overstijgt.

2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de verlening van bevoegdheden in mandaat aan directeuren of project- of programmadirecteuren als bedoeld in de artikelen 5 en 6, steeds tweede lid.

3 De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de volgende functionarissen: a. de hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat-programma Duurzaamheid en Leefomgeving; b. de project- of programmamanager portefeuillehouder bedrijfsvoering project Schiphol – Amsterdam – Almere; c. de programmamanager Veranderopgave Omgevingswet RWS, en d. het Hoofd secretariaat Vlaams Nederlands Schelde Commissie (VNSC) bij het organisatieonderdeel Rijkswaterstaat Zee en Delta.

BWB 2025-05-17

1 De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende volmacht en machtiging worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens verleend aan de functionarissen genoemd in de artikelen 2, 4, 5, eerste lid, 6, eerste lid en 7.

2 De in de artikelen 5 en 6 steeds eerste lid, genoemde functionarissen kunnen met inachtneming van artikel 12 de verleende volmacht en machtiging binnen hun organisatieonderdeel doorgeven aan de functionarissen genoemd in artikel 5, tweede en vierde tot en met zesde lid en artikel 6, tweede lid.

3 De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende machtiging wordt, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, voor zover het de vertegenwoordiging bij geschillen betreft, eveneens verleend aan de juridisch adviseurs van de afdelingen Bestuurlijk Juridische Zaken en de afdeling Corporate HRM en Organisatieontwikkeling binnen de Rijkswaterstaat Corporate Dienst, de juridisch adviseurs van de afdelingen Werkenpakket van de regionale organisatieonderdelen en aan de juridisch adviseur van het project Gevelisolatie binnen Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud. Desgewenst kan de gemachtigde zich doen bijstaan door een door hem of haar aan te wijzen persoon.

BWB 2025-05-17

1 Bij afwezigheid van een bevoegde functionaris is bevoegd een in dit besluit genoemde functionaris op hetzelfde of een hoger niveau.

2 Bij gelijktijdige afwezigheid van de directeur-generaal Rijkswaterstaat, de plaatsvervangend directeur-generaal en de chief financial officer kan een van hen bij besluit een in dit besluit genoemde functionaris als waarnemer aanwijzen voor die periode.

3 Bij afwezigheid van de functionaris bedoeld in de artikelen 5 tot en met 7, steeds eerste lid, kan de directeur-generaal Rijkswaterstaat, de plaatsvervangend directeur-generaal of de chief financial officer bij besluit een in dit besluit genoemde functionaris als waarnemer aanwijzen voor die periode.

BWB 2025-05-17

1 Het mandaat, de volmacht en de machtiging, door de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleend, zijn voor verplichtingen welke financiële gevolgen hebben of kunnen hebben beperkt tot de grensbedragen exclusief btw van maximaal: Functionarissen Grensbedragen in € excl. btw Chief operations officer: 250.000.000 De hoofdingenieur-directeur van een regionaal of een centraal organisatieonderdeel: 25.000.000 De hoofdingenieur-directeuren in de uitoefening van een corporate taak: 25.000.000 De hoofdingenieur-directeur RWS-programma Duurzaamheid en Leefomgeving: 25.000.000 Directeuren in de uitoefening van een corporate taak: 5.000.000 Project- of programmadirecteuren in de uitoefening van een corporate taak: 5.000.000 Project- of programmamanager portefeuillehouder bedrijfsvoering project Schiphol – Amsterdam – Almere: 5.000.000 Programmamanager Veranderopgave Omgevingswet RWS: 1.000.000 Het hoofd secretariaat Vlaams Nederlands Schelde Commissie (VNSC): 500.000 De directeur Rijkswaterstaat Bestuursstaf: 50.000

2 Het mandaat, de volmacht en de machtiging, welke door de in de artikelen 5 en 6, steeds eerste lid, genoemde functionarissen kunnen worden verleend zijn voor verplichtingen welke financiële gevolgen hebben of kunnen hebben beperkt tot de grensbedragen exclusief btw van maximaal: Functionarissen Grensbedragen in € excl. btw Directeur/kwartiermaker van het onderdeel NOVA: 5.000.000 Directeur Nationaal Dataportaal Wegverkeer: 10.000.000 Directeur Nationale Bewegwijzeringsdienst: 5.000.000 Directeur Nationaal Wegenbestand: 1.000.000 Directeur Neerlands Diep: 1.000.000 Directeur binnen een regionaal en een centraal organisatieonderdeel: 5.000.000 Project- of programmadirecteur Rijkswaterstaat Zuid-Nederland: 5.000.000 Project- of programmadirecteur – Portfoliomanagement en Project- of programmamanager – Portfoliomanagement binnen de directies Productie en Projectmanagement van Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud en Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud: 5.000.000 Project- of programmadirecteur – Projectmanagement binnen Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud en Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud: 2.500.000 Project- of programmamanager binnen Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud en Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud: 1.000.000 Programmadirecteur Industriële Automatisering binnen Rijkswaterstaat Centrale Informatievoorziening: 1.000.000 Het afdelingshoofd Departementaal Coördinatiecentrum Crisisbeheersing (DCC): 100.000 Manager Nationale Bewegwijzeringsdienst: 100.000 Project- of programmadirecteur, project-of programmamanager en projectleider van het onderdeel NOVA: 50.000 Coördinerend specialistisch adviseur van het onderdeel NOVA aangewezen door de hoofdingenieur-directeur: 50.000 Het hoofd Eenheid Klant en Services binnen Rijkswaterstaat Corporate Dienst: 500.000 Afdelingshoofd of districtshoofd in geval van Liaison Regionaal Operationeel Team (ROT) bij crisismanagement: 150.000 Projectleider binnen Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud en Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud: 100.000 Districtshoofd: 50.000 Project- of programmamanagers Rijkswaterstaat Corporate Dienst: 50.000 Afdelingshoofd Bestuurlijk Juridische Zaken en Vastgoed/ Schade: 50.000 Afdelingshoofd: 15.000 Project- of programmadirecteur, project- of programmamanager en projectleider van projecten met een waarde groter dan € 50.000.000 binnen een regionaal of een centraal organisatieonderdeel: 15.000 Senior adviseur van de afdeling Bestuurlijk Juridische zaken en Vastgoed/Schade binnen de Rijkswaterstaat Corporate Dienst, voor zover het schadeafhandeling betreft: 15.000

3 De grensbedragen gelden, met inachtneming van artikel 12, niet: a. in HRM-aangelegenheden welke deel uitmaken van de interdepartementale procesafspraken in het kader van P-Direkt. b. bij het treffen van schikkingen in civielrechtelijke procedures door de hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat Corporate Dienst inzake vorderingen van Rijkswaterstaat op derden.

BWB 2025-05-17

Ten aanzien van de in dit besluit verleende bevoegdheden gelden de in de bijlage bij dit besluit opgenomen voorbehouden en beperkingen.

BWB 2025-05-17

1 De directeur-generaal Rijkswaterstaat, de plaatsvervangend directeur-generaal en de chief financial officer kunnen instructies geven ter zake van de uitoefening van alle bevoegdheden welke verleend zijn in of op grond van dit besluit.

2 De in de artikelen 5 en 6, steeds eerste lid, genoemde functionarissen kunnen in hun organisatieonderdeel of directie instructies geven ter zake van de uitoefening van de bevoegdheden welke zij op grond van dit besluit verlenen, doch alleen in overeenstemming met de krachtens het eerste lid gegeven instructies.

3 De in of op grond van dit besluit gemandateerde bevoegdheden worden uitgeoefend met inachtneming van de gegeven instructies.

BWB 2025-05-17

1 In het geval de aan de hoofdingenieur-directeuren verleende bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 5, 6 en 9, steeds eerste lid, een en dezelfde aangelegenheid betreft en meer dan een organisatieonderdeel aangaat, kan een van deze hoofdingenieur-directeuren namens de andere bevoegde hoofdingenieur-directeuren deze bevoegdheden uitoefenen.

2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de aan directeuren en afdelingshoofden verleende bevoegdheden op grond van de artikelen 5, 6 en 9, steeds tweede lid, voor zover het hun werkterrein betreft.

BWB 2025-05-17

Op verleende bevoegdheden in mandaat, volmacht en machtiging aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat of aan een andere functionaris binnen Rijkswaterstaat door een ander bestuursorgaan dan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, is dit besluit van overeenkomstige toepassing, tenzij betreffend besluit tot verlening van bevoegdheden in mandaat, volmacht en machtiging zelf in het onderwerp van dit besluit voorziet.

BWB 2025-05-17

1 Het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rijkswaterstaat 2011 wordt ingetrokken.

2 Na de inwerkingtreding van dit besluit, berusten de besluiten gebaseerd op het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rijkswaterstaat 2011 op dit besluit.

Need to analyze how this provision applies to your matter?

Cross-reference this statute against case law, commentaries, and related legislative provisions inside Legislator AI.

Open in Legislator →