Verordening PT bestemmingsheffing teelt bloembollen oogstjaar 201320134420-09-201326-03-2013PT
Table of Provisions (9)
Statutory Text (9 Articles)
In deze verordening wordt verstaan onder
a. productschap
Productschap Tuinbouw;
b. bestuur
bestuur van het productschap;
c. voorzitter
voorzitter van het productschap;
d. braakland
de gronden die in enig oogstjaar tot en met april van het daarop volgend oogstjaar niet worden beteeld;
e. cultuurgrond
de op 15 mei 2013 beteelde grond, de nog niet beteelde grond waarbij een teelt vóór eind augustus 2013 wordt ingezet, braakland;
f. bloembollen
bollen, knollen en wortelstokken van bloemgewassen alsmede voortkwekingsmateriaal dat is bestemd voor de teelt van bloembollen met uitzondering van zaden;
g. Gecombineerde opgave
het beschrijvingsbiljet als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de Landbouwwet;
h. gemeten maat
de oppervlakte van cultuurgrond, inclusief paden en voren die voor de teelt noodzakelijk zijn;
i. ondernemer
de natuurlijke- of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het productschap is ingesteld;
j. oogstjaar
de periode vanaf 1 juni 2013 tot en met 31 mei 2014;
k. telen
het telen van bloembollen, uitgangsmateriaal daaronder begrepen.
1 De ondernemer die bloembollen teelt is over het oogstjaar een bestemmingsheffing aan het productschap verschuldigd volgens de in artikel 4 vermelde heffingsgrondslag met bijbehorende tarieven.
2 In geval van contractteelt waarbij de contractgever eigenaar is van de bloembollen die door de contractnemer worden geteeld, wordt de contractgever aangemerkt als de ondernemer die bloembollen teelt als bedoeld in het eerste lid.
3 Uit de opbrengst van de bestemmingsheffing als bedoeld in het eerste lid, worden activiteiten gefinancierd die vallen binnen de investeringsprogramma's van het productschap: Plantgezondheid, Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen & Biobased Economy, Voeding & Gezondheid, Energie en CO2, Groen & Welbevinden en Arbeid.
4 De bestemmingsheffing, als bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld en opgelegd op de voet van de artikelen 5 tot en met 7 en met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Verordening PT algemene bepalingen 2009.
Voor het vaststellen van de heffing als bedoeld in artikel 4, eerste lid, gebruikt het productschap, in afwijking van de Verordening PT algemene bepalingen 2009 en onverminderd het bepaalde in artikel 2, tweede lid, de door ondernemer in het kalenderjaar 2013 bij Dienst Regelingen van het Ministerie van Economische Zaken ingediende Gecombineerde opgave.
1 Aan de ondernemer die bloembollen teelt wordt een bestemmingsheffing opgelegd naar de grondslag grondgebruik.
2 Onder grondslag grondgebruik, als bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan de bij de onderneming behorende cultuurgrond.
3 Onder cultuurgrond, zoals bedoeld in het tweede lid, wordt mede verstaan de cultuurgrond die: a. zaai- of pootklaar is gehuurd of gepacht; b. als overig los land is gehuurd of gepacht; c. om niet in gebruik is ontvangen, of d. wordt ingezet in het kader van contractteelt zoals bedoeld in artikel 2, tweede lid.
4 De bestemmingsheffing is de gemeten maat van de door de ondernemer gebruikte cultuurgrond per bloembolgewas, uitgedrukt in de genoemde eenheid, vermenigvuldigd met het genoemde tarief in euro en bedraagt voor: Gewas BRSnr. Tarief Eenh. Tulp 560 60 ha Lelie 558 60 ha Narcis 559 40 ha Hyacint 552 40 ha Gladiool 553 40 ha Iris 550 40 ha Zantedeschia 130 60 ha Dahlia 548 40 ha Krokus 578 40 ha Overige bloembolgewassen 562 40 ha
5 Bij het vaststellen van de heffing per gewas wordt een gedeelte van een hectare of een are afgerond tot een veelvoud van respectievelijk een are en een centiare.
1 De krachtens deze verordening verschuldigde bestemmingsheffing wordt op basis van de door de ondernemer verstrekte gegevens door de voorzitter vastgesteld en aan de ondernemer opgelegd in of na afloop van het oogstjaar waarover deze heffing verschuldigd is en geschiedt door toezending of uitreiking van een heffingsnota aan de ondernemer.
2 Indien geen opgave als bedoeld in artikel 3 is gedaan, kan de voorzitter de ondernemer ambtshalve een heffing opleggen.
Indien uit ter beschikking van het productschap gekomen gegevens blijkt dat de door de ondernemer verstrekte gegevens of een ambtshalve schatting niet in overeenstemming zijn met de werkelijkheid dan wel in het in artikel 2, tweede lid, bedoelde geval, dan kan een opgelegde heffing aan de hand van deze gegevens door de voorzitter worden herzien en opnieuw worden vastgesteld en opgelegd.
1 De gegevens verkregen uit hoofde van het bepaalde in deze verordening worden in handen gesteld van de voorzitter of door deze aan te wijzen personen van het secretariaat van het productschap.
2 De gegevens, als bedoeld in het eerste lid, worden uitsluitend gebruikt voor de vervulling van de taak van het productschap.
Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 mei 2013. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie, waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 mei 2013, treedt deze verordening in werking op de tweede dag na de dagtekening van dat Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt zij terug tot en met 1 mei 2013.
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT bestemmingsheffing teelt bloembollen oogstjaar 2013.