Legislator Case Law & Legislation
BWBR0029205 NL

Regeling volksverzekeringen BES 20102071622-12-201014-12-2010IVV/FB/2010/2432920102071622-12-201014-12-2010IVV/FB/2010/2432901-01-2011

10 Articles / Provisions · Netherlands
Open official source Machine-readable Markdown (.md)

Table of Provisions (10)

Statutory Text (10 Articles)

BWB 2024-01-01

1 Gedeelten van kalenderjaren, gedurende welke de pensioengerechtigde na het bereiken van de 15-jarige, doch vóór het bereiken van de 65-jarige leeftijd, niet verzekerd is geweest, worden voor de vaststelling van de korting, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES samengeteld en herleid tot gehele kalenderjaren.

2 Gedeelten van kalenderjaren, gedurende welke de echtgenoot van de pensioengerechtigde na het bereiken van de 15-jarige leeftijd, doch vóór het bereiken van de 65-jarige leeftijd van die pensioengerechtigde niet verzekerd is geweest, worden voor de vaststelling van de korting, bedoeld in artikel 7a, zevende lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES samengeteld en herleid tot gehele kalenderjaren.

3 De samentelling en herleiding, bedoeld in het eerste en tweede lid, geschieden met inachtneming van het volgende: 1°. een kalenderjaar wordt op 360 dagen en elke kalendermaand op 30 dagen gesteld; 2°. een dag, waarop de verzekering een aanvang nam of eindigde, wordt: a. voor een gehele dag gerekend, wanneer de betrokkene gedurende die gehele dag ingezetene was; b. verwaarloosd, wanneer de betrokkene gedurende die dag of gedurende een gedeelte van die dag geen ingezetene was.

4 Een na de in het eerste, tweede en derde lid bedoelde herleiding overblijvend gedeelte van een kalenderjaar blijft verder buiten beschouwing. De eerste zin vindt overeenkomstige toepassing, indien de samentelling minder dan een kalenderjaar oplevert, alsmede indien de betrokkene slechts éénmaal gedurende een voor korting meetellend gedeelte van een kalenderjaar niet verzekerd is geweest.

BWB 2024-01-01

Deze regeling berust mede op artikel 8, tweede lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES.

BWB 2024-01-01

Niet als verzekerde in de zin van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES wordt aangemerkt

de Canadese staatsburger, die niet geacht kan worden blijvend binnen de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba te wonen, verzekerd is krachtens een in Canada geldende wettelijke regeling inzake geldelijke gevolgen van ouderdom en in dienstbetrekking staat tot de I.B.M. World Trade Corporation te Curaçao;

de ambtenaar in Nederlandse pensioengerechtigde overheidsdienst, die naar de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba is gedetacheerd;

de Engelse staatsburger, die niet geacht kan worden binnen de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba te wonen, verzekerd is krachtens een in Engeland geldende wettelijke regeling inzake geldelijke gevolgen van ouderdom en in dienstbetrekking staat tot de bankinstelling, handelende onder de naam van Banco Barclays Antiliano N.V.

BWB 2024-01-01

Niet als verzekerd in de zin van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES en van de Wet algemene weduwen- en wezenverzekering BES worden aangemerkt de werknemers van Saipem S.p.A., die van vreemde nationaliteit zijn, indien hun verblijf in openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba niet langer dan vier jaren heeft geduurd.

BWB 2024-01-01

In afwijking van de artikelen 1, eerste en tweede lid, en 2, tweede lid, wordt

voor degene die voor 1 januari 2013 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 60 jaar;

voor degene die in 2013 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 62 jaar;

voor degene die in 2014 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 63 jaar;

voor degene die in 2015 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 64 jaar.

BWB 2024-01-01

De volgende regelingen worden ingetrokken

Ministeriële regeling van de 22ste augustus 1960 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N°. 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

Ministeriële regeling van de 21ste oktober 1960 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N°. 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

Ministeriële regeling van de 15de juni 1965 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N° 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

Ministeriële regeling van de 1ste augustus 1980 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N°. 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

Ministeriële regeling van de 8ste mei 1973 t.u.v. artikel 5, vierde lid, sub c, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES en artikel 6, vierde lid, sub c, van de Wet algemene weduwen- en wezenverzekering; en

Ministeriële regeling AOV/AWW en loonbelasting 1976.

Need to analyze how this provision applies to your matter?

Cross-reference this statute against case law, commentaries, and related legislative provisions inside Legislator AI.

Open in Legislator →