Legislator Case Law & Legislation
BWBR0014197 NL

Verordening GZP financieringsheffing jaar 200320028527-12-200207-11-2002GZP 720028527-12-200207-11-2002GZP 701-01-2003

14 Articles / Provisions · Netherlands
Open official source Machine-readable Markdown (.md)

Table of Provisions (14)

Statutory Text (14 Articles)

BWB 2003-01-01

Deze verordening verstaat onder

productschap

Productschap Granen, Zaden en Peulvruchten;

secretaris

secretaris van het productschap;

ondernemer

natuurlijke- of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het productschap is ingesteld;

landbouwzaaizaden

alle zaaizaden met uitzondering van zaaizaden van groentegewassen, specerijgewassen, kruiden, siergewasen en bomen;

granen

granen, ingedeeld in Hoofdstuk 10 van de Gecombineerde Nomenclatuur, met uitzondering van zaaigranen en rijst;

in de handel brengen

in Nederland in het verkeer brengen.

be- of verwerking

een be- of verwerking, die aanleiding geeft tot een wijziging van de onderverdeling in de Gecombineerde Nomenclatuur.

BWB 2003-01-01

De ondernemer is voor het jaar 2003 verplicht terzake van de be- of verwerking van granen tot producten welke, al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijke consumptie kunnen dienen, aan het productschap een heffing te betalen van € 0,182 per ton graan.

BWB 2003-01-01

1 De ondernemer is voor het jaar 2003 verplicht aan het productschap een heffing te betalen terzake van de eerste koop van: a. rijst : € 0,20 per ton; b. meel van granen, niet bestemd voor dierlijke consumptie (GN-code 11.01 en 11.02) : € 0,20 per ton, vermenigvuldigd met de coëfficient 1,37; c. mout (GN-code 11.07) : € 0,20 per ton, vermenigvuldigd met de coëfficient 1,30.

2 Onder eerste koop wordt in dit artikel verstaan: de koop van rijst, meel of mout door een koper die deze producten rechtstreeks of door middel van een handelaar verkrijgt teneinde deze in Nederland te be- of verwerken of in Nederland in de handel te brengen.

3 De heffing is niet verschuldigd indien ten genoegen van de secretaris wordt aangetoond dat over de betrokken hoeveelheden rijst en graanproducten reeds op grond van dit artikel of het artikel 2 de heffing is geïnd.

BWB 2003-01-01

1 De ondernemer die werkzaamheden verricht in het kweekbedrijf voor landbouwzaaizaden en/of met betrekking tot de be- en verwerking en/of met betrekking tot het in de handel brengen van landbouwzaaizaden, is voor het jaar 2003 verplicht aan het productschap te betalen: a. een basisheffing van € 125,00 per onderneming; b. een heffing van € 1,67 per ha aangekochte landbouwzaaizaden niet zijnde zaaizaad van vezelvlas, welke op contractbasis in Nederland zijn geteeld; c. een heffing van € 0,00 per ha aangekocht zaaizaad van vezelvlas, welke op contractbasis in Nederland is geteeld.

2 De ondernemer die landbouwzaaizaden teelt, is voor het jaar 2003 verplicht aan het productschap af te dragen een heffing van € 2,12 per ha landbouwzaaizaden, niet zijnde zaaizaad van vezelvlas en van € 0,00 per ha zaaizaad van vezelvlas.

BWB 2003-01-01

De heffing bedoeld in de artikelen 2 tot en met 4 is bestemd voor de huishoudelijke uitgaven van het productschap alsmede voor de aan het Hoofdproductschap Akkerbouw te verlenen bijdrage in de algemene kosten.

BWB 2003-01-01

1 De ondernemer bedoeld in de artikelen 2 en 3 is verplicht binnen tien dagen na afloop van ieder kwartaal door middel van een hiertoe dienend opgaveformulier aan het productschap naar waarheid gegevens te verstrekken ten behoeve van de vaststelling van de in genoemde artikelen bedoelde heffing. De Verordening Algemene Bepalingen GZP 1980 is hierbij van toepassing.

2 Ook indien in een bepaalde periode geen activiteiten als vermeld op het opgaveformulier hebben plaatsgevonden dient een opgave te worden gedaan.

BWB 2003-01-01

1 De ondernemer bedoeld in artikel 4, eerste lid, is verplicht jaarlijks vóór 1 oktober door middel van een hiertoe dienend opgaveformulier aan het productschap naar waarheid gegevens te verstrekken ten behoeve van de vaststelling van de in artikel 4 bedoelde heffing. De Verordening Algemene Bepalingen GZP 1980 is hierbij van toepassing.

2 De heffing bedoeld in artikel 4, tweede lid, wordt door het productschap geïnd door middel van de in het eerste lid van artikel 4 bedoelde ondernemers op basis van de door hen afgesloten teeltcontracten.

BWB 2003-01-01

1 Indien de ondernemer de gegevens, bedoeld in de artikelen 6 en 7 niet, niet tijdig of naar het oordeel van de secretaris niet volledig heeft verstrekt, is de secretaris namens het bestuur bevoegd de verschuldigde heffing voor de betreffende periode ambtshalve bij aanslag vast te stellen.

2 Indien de heffingsplichtige binnen 21 dagen na ontvangst van de heffingsaanslag bedoeld in het eerste lid, alsnog de gevraagde gegevens verstrekt, wordt de aanvankelijk vastgestelde heffing ingetrokken en een nieuwe heffing vastgesteld op basis van de door hem verstrekte gegevens.

BWB 2003-01-01

1 De ondernemer, bedoeld in artikel 2 tot en met 4, legt indien de secretaris daarom verzoekt, een door een accountant afgegeven verklaring over, waaruit blijkt de totale hoeveelheid granen, rijst of graanproducten welke door hem is verwerkt of als eerste koper is gekocht, onderscheidenlijk het aantal hectare, op contractbasis geteelde, landbouwzaaizaden.

2 De ondernemer is verplicht alle medewerking te verlenen aan de controle door of namens het productschap van de in de artikelen 6 en 7 bedoelde opgaven.

BWB 2003-01-01

1 Het Hoofdproductschap Akkerbouw wordt gemachtigd de verschuldigde heffingsbedragen in rekening te brengen, in te vorderen, in ontvangst te nemen en daarvoor kwijting te verlenen.

2 De ingevolge deze verordening verschuldigde heffingsbedragen worden betaald uiterlijk op de achtste dag volgend op die dag waarop zij door of vanwege het productschap in rekening zijn gebracht, dan wel, indien de secretaris zulks verlangt, vóór een door deze te bepalen datum.

BWB 2003-01-01

Het productschap kan besluiten nota's met een bedrag minder dan € 50,- samen te voegen tot verzamelnota's, welke op meerdere transacties of perioden betrekking hebben.

BWB 2003-01-01

Aan de ondernemer die niet of niet geheel binnen de in artikel 10 gestelde termijn heeft betaald, kan door het productschap de wettelijke interest over het niet betaalde bedrag in rekening worden gebracht, te berekenen vanaf de dag waarop de betaling uiterlijk diende te zijn verricht ingevolge de aanmaning bedoeld in artikel 127, tweede lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie.

BWB 2003-01-01

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2003. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 2003, treedt zij in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van dat Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt terug tot en met 1 januari 2003, met uitzondering van de toepassing van de Verordening Algemene Bepalingen GZP 1980.

BWB 2003-01-01

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening GZP financieringsheffing jaar 2003.

Need to analyze how this provision applies to your matter?

Cross-reference this statute against case law, commentaries, and related legislative provisions inside Legislator AI.

Open in Legislator →