Legislator Case Law & Legislation
BWBR0013603 NL

Maatregelen in verband met deregulering en autonomievergroting op korte termijn (schoolbudget met ingang van 1 augustus 2002) 20021124-04-200215-04-2002PO/PJ-2002/1070120021124-04-200215-04-2002PO/PJ-2002/1070101-08-2002

1 Articles / Provisions · Netherlands
Open official source Machine-readable Markdown (.md)

Statutory Text (1 Articles)

BWB 2002-08-01

Met het doel op korte termijn te komen tot verdergaande verruiming van de bestedingsmogelijkheden en vereenvoudiging van regelgeving binnen het formatiebudgetsysteem zijn met organisaties van werkgevers en werknemers afspraken gemaakt in verband met onder andere het schoolbudget. Die afspraken houden het volgende in. Het schoolprofielbudget zal met ingang van 1 augustus 2002 aan het schoolbudget worden toegevoegd. De middelen voor bedrijfsgezondheidszorg (BGZ), die tot nu toe als afzonderlijke subsidie worden toegekend, worden met ingang van 1 januari 2003 toegevoegd aan het budget voor materiele instandhouding en het reguliere hoge en lage verzilveringstarief worden geharmoniseerd. In deze publicatie wordt u geïnformeerd over de wijze waarop bovenstaande afspraken worden uitgevoerd en over de bedragen per leerling op grond waarvan de hoogte van het schoolbudget kan worden berekend.

Met ingang van 1 augustus 2002 worden de middelen van het schoolprofielbudget toegevoegd aan het schoolbudget. De omrekening van de formatierekeneenheden uit het schoolprofielbudget naar geld vindt plaats op basis van het GPL-tarief van € 234,36.

In de formatieoverzichten voor het schooljaar 2002 - 2003 is met die omrekening al rekening gehouden. Op het maartoverzicht voor basisscholen en scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs bedraagt de omvang van het schoolprofielbudget 0.

Voor speciale scholen voor basisonderwijs maakt het schoolprofielbudget onderdeel uit van de basisformatie en de formatie voor speciale doeleinden. Om die reden is voor deze scholen een vermindering van de basisformatie en van de formatie voor speciale doeleinden met 0,29 fre per leerling, respectievelijk cumi-leerling aangebracht.

Bij scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs wordt bij de bedragen onderscheid aangebracht tussen speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs. Dit onderscheid is noodzakelijk om negatieve herverdeeleffecten als gevolg van de omrekening van het schoolprofielbudget te voorkomen.

Bevoegde gezagsorganen die vanwege de samenstelling van hun personeelsbestand negatieve rechtspositionele gevolgen ondervinden van de omrekening van formatierekeneenheden in geld, kunnen een beroep doen op de overgangsregeling. Deze regeling is als afzonderlijke publicatie opgenomen in ditzelfde nummer van het Gele katern.

De bedragen van het schoolbudget voor het schooljaar 2002 - 2003 zijn na de toevoeging van het schoolprofielbudget op onderstaande wijze aangepast aan het gestegen prijspeil.

Het extra bedrag voor scholen omdat 70% of meer leerlingen met de factor 0,9 bijdragen aan het schoolgewicht of omdat zij worden bezocht door 50% of meer cumi-leerlingen is verhoogd met 4,1%.

De overige bedragen zijn verhoogd met 4,5%.

De vergoeding voor bedrijfsgezondheidszorg die jaarlijks als afzonderlijke subsidie aan scholen wordt toegekend, wordt met ingang van 1 januari 2003 toegevoegd aan het budget voor materiele instandhouding. De subsidievoorwaarde dat voor het subsidiejaar een BGZ-contract is afgesloten komt daarbij te vervallen. Eventuele verplichtingen om een BGZ-contract af te sluiten die voortvloeien uit andere (arbo)regelgeving lopen uiteraard gewoon door. Omdat de huidige subsidieregeling voor bedrijfsgezondheidszorg afloopt met ingang van 1 augustus 2002 en de bekostiging ten behoeve van de materiele instandhouding plaatsvindt per kalenderjaar, zal de huidige subsidieregeling, zoals gepubliceerd in Uitleg Gele Katern nr.1 van 23 januari 2002 (kenmerk PO/F-2001/46786), worden verlengd tot 1 januari 2003. Zodoende sluit de huidige subsidieregeling weer aan op de toevoeging ervan aan het budget ten behoeve van de materiele instandhouding.

Met ingang van 1 augustus 2002 geldt er nog maar één regulier verzilveringstarief van € 190, 44. Dit tarief geldt met ingang van 1 augustus 2002 zowel wanneer uitbesteding plaatsvindt aan extern onderwijzend en onderwijsondersteunend personeel als in de overige gevallen.

De afzonderlijke verzilveringstarieven ten behoeve van spaarverlof of meerwerk verricht voor een onbelaste verstrekking of vergoeding blijven gehandhaafd evenals de verhoging van het aantal te verzilveren fre’s met 28% indien wordt verzilverd ten behoeve van symbioseonderwijs of inzet van vo leraren bij scholen voor praktijkonderwijs.

De omvang van het budget wordt per school vastgesteld op basis van

het aantal leerlingen,

het schoolgewicht of het aantal cumi-leerlingen,

het aantal ambulant begeleide leerlingen.

Tenzij in deze publicatie anders is aangegeven wordt bij het bepalen van het aantal leerlingen uitgegaan van het aantal leerlingen dat de school op 1 oktober van het voor­afgaande schooljaar bezocht. Voor basisscholen wordt het aantal in deze publicatie bedoelde leerlingen vastgesteld overeenkomstig artikel 121 van de WPO; voor speciale scholen voor basisonderwijs geldt het bepaalde in artikel 122 van de WPO, voor scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs het bepaalde in artikel 118 van de WEC en voor scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging geldt het bepaalde in artikel 234 van de WVO. Hierbij wordt uitgegaan van de gegevens zoals die door het bevoegd gezag worden geleverd. Indien het definitieve door de accountant vastgestelde leerlingaantal daarvan afwijkt, kan een herberekening van de omvang van het budget plaatsvinden.

Bij de rijdende scholen wordt uitgegaan van de gemiddelde hoogste dagtelling’ als bedoeld in artikel B16L van het Besluit trekkende bevolking WPO.

Voor samengevoegde scholen voor ligplaatsonderwijs wordt het aantal leerlingen bepaald door de gemiddelde hoogste dagtellingen (artikel 15L Besluit trekkende bevolking WPO) van de bij de samenvoeging betrokken scholen bij elkaar op te tellen.

Schoolgewicht voor basisscholen is het schoolgewicht zoals bedoeld in artikel 15b van het Formatiebesluit WPO. Onder cumi-leerlingen worden verstaan de leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond zoals bedoeld in artikel 1 van het Formatiebesluit WPO, artikel 1 van het Formatiebesluit WEC of artikel 12 van het Formatiebesluit WVO.

Het schoolbudget voor basisscholen bestaat uit

A= het aantal leerlingen vermenigvuldigd met € 182,27;

B= het schoolgewicht, vermenigvuldigd met € 182,27.

Kleine basisscholen ( minder dan 145 leerlingen) tellen daar bij op

C= de uitkomst van de formule € 3506,71 - € 24,19 X het aantal leerlingen;

Basisscholen waarvan 70% of meer leerlingen die de school op 1 oktober 2000 bezochten met de factor 0,9 bijdragen aan het schoolgewicht voegen daar nog aan toe

D= (het totaal aantal leerlingen vermenigvuldigd met € 83,07) plus (het schoolgewicht vermenigvuldigd met € 103,04).

Het schoolbudget voor speciale scholen voor basisonderwijs bestaat uit

A= het aantal leerlingen vermenigvuldigd met € 298,39;

B= het aantal cumi-leerlingen, vermenigvuldigd met € 110,80.

Speciale scholen voor basisonderwijs die 1 oktober 2000 worden bezocht door 50% of meer cumi-leerlingen voegen daar nog aan toe

C= (het totaal aantal leerlingen vermenigvuldigd met € 150,58) plus (het aantal cumi-leerlingen, vermenigvuldigd met € 172,42).

Het schoolbudget voor scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs bestaat uit

A= het aantal so-leerlingen en vso-leerlingen, vermenigvuldigd met de bedragen in de bijlage genoemd onder a;

B= het aantal ambulant begeleide leerlingen, vermenigvuldigd met € 121,40

C= het aantal cumi-leerlingen, vermenigvuldigd met € 86,55

Scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs die op 1 oktober 2000 worden bezocht door 50% of meer cumi-leerlingen voegen daar nog aan toe

D= (het totaal aantal leerlingen vermenigvuldigd met het bedrag in de bijlage genoemd onder b plus het aantal cumi-leerlingen, vermenigvuldigd met € 287,38 plus het aantal ambulant begeleide leerlingen, vermenigvuldigd met € 62,27). a en b zijn volgens de bijlage afhankelijk van de onderwijssoort.

Het schoolbudget voor scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging bestaat uit

A= het aantal leerlingen vermenigvuldigd met € 268,56;

B= het aantal cumi-leerlingen, vermenigvuldigd met € 72,00;

C= het aantal ambulant begeleide leerlingen, vermenigvuldigd met € 47,16.

Bovenstaande scholen die 1 oktober 2000 worden bezocht door 50% of meer cumi-leerlingen voegen daar nog aan toe

D= (het totaal aantal leerlingen, vermenigvuldigd met € 12,59) plus (het aantal cumi-leerlingen, vermenigvuldigd met € 486,77 plus het aantal ambulant begeleide leerlingen, vermenigvuldigd met € 115,35).

Het schoolbudget is een vrij besteedbaar budget voor personele doeleinden dat wordt uitgekeerd in de vorm van geld. Scholen beschikken daarmee structureel over financiële ruimte om zelfstandig afwegingen te maken en daarbij voldoende rekening te houden met de specifieke situatie waarin zij zich bevinden. Bij besteding aan personele doeleinden kan onder andere worden gedacht aan

salariskosten

kosten van ondersteunende functionarissen

kosten voor LIO’s en hun begeleiders,

toelagen, gratificaties en extra periodieke verhogingen

extra salariskosten van hoger ingeschaald personeel (functiedifferentiatie)

extra salariskosten in verband met betaald ouderschapsverlof

overige personele kosten zoals

kosten van nascholing en deskundigheidsbevordering van het personeel en management

kosten in verband met arbeidsomstandigheden en arbo-zorg,

kosten van arbeidsmarktbeleid

integraal personeelsbeleid.

Als gevolg van de samenvoeging van het schoolprofielbudget (PKI-budget) met het schoolbudget kan bij de besteding aan personele doeleinden tevens worden gedacht aan kwaliteitsverbetering en innovatie.

Het schoolbudget wordt in twee termijnen beschikbaar gesteld, te weten 5/12 deel in oktober 2002 en 7/12 deel in januari 2003.

De verantwoording en monitoring van de besteding vinden op overeenkomstige wijze plaats als in het schooljaar 2001-2002. Voor de wijze waarop de besteding dient te worden verantwoord, wordt daarom verwezen naar de publicatie ’Verantwoording en monitoring van het schoolbudget in het primair onderwijs’, PO/PJ/2001-43137, gepubliceerd in Uitleg Gele katern nr. 30 van 12 december 2001.

WEC naar onderwijssoort

a (bedrag per leerling alle scholen)

b ( 50% cumi)

so

vso

so en vso

DOVN

614,93

614,93

268,43

SH

432,23

502,53

157,9

ESM

420,51

0,00

157,9

LG

521,19

591,49

268,43

LZ (cluster 3)

420,51

490,82

157,9

ZMLK

420,51

432,23

157,9

Cluster 4 (ZMOK, PI en LZ)

432,23

490,82

157,9

MGA01 (DO + ZMLK/MLK)

918,76

918,76

442,12

MGA02 (DO + LOM)

918,76

918,76

442,12

MGA03 (DO + ZMLK)

918,76

918,76

442,12

MGA04 (DO + LOM/ZMLK/MLK)

918,76

918,76

442,12

MGA06 (DO + VSG)

1.249,98

1.249,98

600,02

MGA07 (DO + LOM/MLK)

918,76

918,76

442,12

MGB01 (SH/ESM + ZMLK/MLK)

579,78

591,49

268,43

MGB02 (SH/ESM + MLK)

579,78

591,49

268,43

MGB03 (SH/ESM + MLK/LOM)

579,78

591,49

268,43

MGB05 (SH + LOM/MLK)

579,78

591,49

268,43

MGB06 (SH/ESM + LOM)

579,78

591,49

268,43

MGF01 (LG + ZMLK/MLK)

668,73

680,44

378,96

MGF02 (LG + MLK)

668,73

680,44

378,96

MGF03 (LG + ZMLK)

668,73

680,44

378,96

MGF04 (LG + SH/ESM)

668,73

680,44

378,96

MGH01 (LZ + ZMLK/MLK)

568,06

568,06

268,43

MGH02 (LZ + LG + ESM + LOM/ZMLK/MLK)

568,06

568,06

268,43

MGF05 (LG + DO/SH/VSG + ZMLK/MLK)

668,73

680,44

378,96

MGJ01 (ZMLK + LG)

668,73

680,44

378,96

MGF07 (LG + DO/SH/ESM + ZMLK/MLK)

668,73

680,44

378,96

VGK instellingen

456,69

456,69

221,06

Need to analyze how this provision applies to your matter?

Cross-reference this statute against case law, commentaries, and related legislative provisions inside Legislator AI.

Open in Legislator →