Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2026:2964 ECLI:NL:RVS:2026:2964 AI generated

ECLI:NL:RVS:2026:2964 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2026:2964
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

202505259/1/A3. Datum uitspraak: 13 mei 2026 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van: [appellant], wonend in Hilversum, appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­Nederland van 7 augustus 2025 in zaak nr. 24/8200 in het geding tussen: [appellant] en het college van burgemeester en wethouders van Hilversum. Openbare zitting gehouden op 13 mei 2026 om 12:00 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. J.M. Willems, voorzitter griffier: mr. Y. Soffner jurist: mr.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2026:2964 · Raad van State: 202505259/1/A3. Datum uitspraak: 13 mei 2026 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van: [appellant], wonend in Hilversum, appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­Nederland van 7 augustus 2025 in zaak nr. 24/8200 in het geding tussen: [appellant] en het college van burgemeester en wethouders van Hilversum. Openbare zitting gehouden op 13 mei 2026 om 12:00 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. J.M. Willems, voorzitter griffier: mr. Y. Soffner jurist: mr.

Keywords

AI generated
artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht
Datum uitspraak: 13 mei 2026 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van: [appellant], wonend in Hilversum, appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­Nederland van 7 augustus 2025 in zaak nr.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

202505259/1/A3. Datum uitspraak: 13 mei 2026 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van: [appellant], wonend in Hilversum, appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­Nederland van 7 augustus 2025 in zaak nr. 24/8200 in het geding tussen: [appellant] en het college van burgemeester en wethouders van Hilversum. Openbare zitting gehouden op 13 mei 2026 om 12:00 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. J.M. Willems, voorzitter griffier: mr. Y. Soffner jurist: mr.

R.F.I. de Lange Verschenen: Het college, vertegenwoordigd door [gemachtigde]. Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 7 augustus 2025 van de rechtbank Midden­-Nederland. In die uitspraak heeft de rechtbank het beroep van [appellant] tegen het besluit op bezwaar van 19 november 2024 ongegrond verklaard. In dat besluit heeft het college de afwijzing van het verzoek van [appellant] om een bewonersparkeervergunning in stand gelaten. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Gronden: De gronden die [appellant] in hoger beroep heeft aangevoerd zijn een herhaling van wat hij in beroep heeft aangevoerd.

De rechtbank is gemotiveerd op die gronden ingegaan. [appellant] heeft geen redenen aangevoerd waarom de gemotiveerde beoordeling van die gronden in de aangevallen uitspraak onjuist of onvolledig zou zijn. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de onder 4 en 5 opgenomen overwegingen, waarop dat oordeel is gebaseerd. De rechtbank heeft dus terecht geoordeeld dat het college de bewonersparkeervergunning mocht weigeren, omdat [appellant] kan parkeren op eigen terrein. [appellant] heeft ook in hoger beroep niet aannemelijk gemaakt dat zijn eigen oprit te smal is om uit te stappen met zijn rolstoel, en daardoor niet geschikt zou zijn als parkeerplaats op eigen terrein. [appellant] kan bovendien iets verder van de woning op zijn oprit parkeren, waar de oprit breder is.

Ten overvloede merkt de Afdeling op dat het college op de zitting nog heeft toegelicht dat de gemeente Hilversum inmiddels deelneemt aan de ParkerenPlus app. Dat houdt in dat vanaf maart 2026 bewoners met een gehandicaptenparkeerkaart hun kenteken kunnen inschrijven in de app, en daarmee in de hele gemeente gratis kunnen parkeren. Het college heeft medegedeeld dat het [appellant] voor deelname in aanmerking heeft gebracht. Het hoger beroep is ongegrond. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden. w.g. Willems lid van de enkelvoudige kamer w.g.

Soffner griffier 818-1114