Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2025:4367 ECLI:NL:RVS:2025:4367 AI generated

ECLI:NL:RVS:2025:4367 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2025:4367
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

202503371/2/V1. Datum uitspraak: 12 september 2025 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van: [verzoeker], verzoeker, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 23 mei 2025 in zaak nr. NL25.13715 in het geding tussen: verzoeker en de minister van Asiel en Migratie.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2025:4367 · Raad van State: 202503371/2/V1. Datum uitspraak: 12 september 2025 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van: [verzoeker], verzoeker, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 23 mei 2025 in zaak nr. NL25.13715 in het geding tussen: verzoeker en de minister van Asiel en Migratie.

Keywords

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

202503371/2/V1. Datum uitspraak: 12 september 2025 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van: [verzoeker], verzoeker, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 23 mei 2025 in zaak nr. NL25.13715 in het geding tussen: verzoeker en de minister van Asiel en Migratie.

Procesverloop Bij besluit van 27 februari 2025 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan verzoeker verleende verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd ingetrokken. Bij uitspraak van 23 mei 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 1. Verzoeker heeft de voorzieningenrechter verzocht om de voorlopige voorziening te treffen dat hij verstrekkingen blijft krijgen totdat de Afdeling op zijn hoger beroep heeft beslist.

2. Gelet op wat is aangevoerd, treft de voorzieningenrechter geen voorlopige voorziening.

3. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. M.J.M. Ristra-Peeters, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. Q. Boon, griffier. w.g. Ristra-Peeters voorzieningenrechter w.g. Boon griffier Uitgesproken in het openbaar op 12 september 2025 977