Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2025:1085 ECLI:NL:RVS:2025:1085 AI generated

ECLI:NL:RVS:2025:1085 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2025:1085
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

202501272/1/V2 en 202501272/2/V2. Datum uitspraak: 17 maart 2025 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van: [vreemdeling 1] en [vreemdeling 2], mede namens hun minderjarige kinderen appellanten, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 25 februari 2025 in zaken nrs.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 92 van de Vw 2000, artikel 85 van de Vw 2000; ECLI:NL:RVS:2025:1085 · Raad van State: Datum uitspraak: 17 maart 2025 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van: [vreemdeling 1] en [vreemdeling 2], mede namens hun minderjarige kinderen appellanten, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 25 februari 2025 in zaken nrs.

Keywords

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 92 van de Vw 2000 artikel 85 van de Vw 2000

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht
artikel 92 van de Vw 2000
artikel 85 van de Vw 2000
Daarom kan de Afdeling geen inhoudelijk oordeel geven over het hoger beroep (artikel 85 van de Vw 2000).

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

202501272/1/V2 en 202501272/2/V2. Datum uitspraak: 17 maart 2025 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van: [vreemdeling 1] en [vreemdeling 2], mede namens hun minderjarige kinderen appellanten, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 25 februari 2025 in zaken nrs.

NL24.43873 en NL24.43874 in het geding tussen: de vreemdelingen en de minister van Asiel en Migratie. Procesverloop Bij besluiten van 24 oktober 2024 heeft de minister aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 25 februari 2025 heeft de rechtbank de daartegen door de vreemdelingen ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben de vreemdelingen, vertegenwoordigd door mr. J.J. de Vries, advocaat in Leeuwarden, hoger beroep ingesteld. Ook hebben zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen 1. Het hoger beroep richt zich niet tegen de uitspraak van de rechtbank. De vreemdelingen leggen namelijk niet uit waarom de uitspraak van de rechtbank volgens hen juist is. Daarom kan de Afdeling geen inhoudelijk oordeel geven over het hoger beroep (artikel 85 van de Vw 2000).

2. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: I. verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk; II. wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. J.C.A. de Poorter, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. R.D. Salverda, griffier. w.g. De Poorter voorzieningenrechter w.g. Salverda griffier Uitgesproken in het openbaar op 17 maart 2025 992