Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2023:995 ECLI:NL:RVS:2023:995 AI generated

ECLI:NL:RVS:2023:995 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2023:995
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

202301542/1/A2. Datum uitspraak: 14 maart 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [appellant], en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (hierna: het college), verweerder. Openbare zitting gehouden op 14 maart 2023 om 09:15 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. C.J. Borman, voorzitter Staatsraad mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, lid Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos, lid griffier: mr. M. Rijsdijk Verschenen: Het college, vertegenwoordigd door mr.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2023:995 · Raad van State: 202301542/1/A2. Datum uitspraak: 14 maart 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [appellant], en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (hierna: het college), verweerder. Openbare zitting gehouden op 14 maart 2023 om 09:15 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. C.J. Borman, voorzitter Staatsraad mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, lid Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos, lid griffier: mr. M. Rijsdijk Verschenen: Het college, vertegenwoordigd door mr.

Keywords

AI generated
artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht
Datum uitspraak: 14 maart 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [appellant], en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (hierna: het college), verweerder.
artikel 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht
Gronden Op grond van artikel 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht is [appellant] voor het door hem ingestelde beroep griffierecht verschuldigd.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

202301542/1/A2. Datum uitspraak: 14 maart 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [appellant], en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (hierna: het college), verweerder. Openbare zitting gehouden op 14 maart 2023 om 09:15 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. C.J. Borman, voorzitter Staatsraad mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, lid Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos, lid griffier: mr. M. Rijsdijk Verschenen: Het college, vertegenwoordigd door mr.

S. Lensink; De Kiesraad, vertegenwoordigd door mr. D. Bogaart. [appellant] heeft beroep bij de Afdeling ingesteld, omdat hij een stempas wil krijgen voor de provinciale statenverkiezingen en de waterschapsverkiezingen. Beslissing De Afdeling verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Gronden Op grond van artikel 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht is [appellant] voor het door hem ingestelde beroep griffierecht verschuldigd. Hij is daar in de brief van 10 maart 2023 op gewezen. Tot aan de zitting kon hij het verschuldigde griffierecht van € 184,00 voldoen.

De Afdeling stelt vast dat het griffierecht niet is voldaan. De door [appellant] aangevoerde bezwaren tegen het betalen van griffierecht kunnen niet leiden tot het oordeel dat hij redelijkerwijs niet in verzuim is geweest. w.g. Borman voorzitter w.g. Rijsdijk griffier 705