Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2023:4826 ECLI:NL:RVS:2023:4826 AI generated

ECLI:NL:RVS:2023:4826 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2023:4826
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

202306978/1/V3 en 202306978/2/V3. Datum uitspraak: 27 december 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 8 november 2023 in zaak nr. NL23.33714 in het geding tussen: de vreemdeling en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 92 van de Vw 2000; ECLI:NL:RVS:2023:4826 · Raad van State: Datum uitspraak: 27 december 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 8 november 2023 in zaak nr. NL23.33714 in het geding tussen: de vreemdeling en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Keywords

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 92 van de Vw 2000

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht
artikel 92 van de Vw 2000

Cited Case Law

AI generated
ECLI:NL:RBDHA:2023:6208
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Roermond Bestuursrecht zaaknummer: NL23.10925 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiseres] , eiseres V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr.
ECLI:NL:RVS:2023:3025
202206943/1/V3. Datum uitspraak: 7 augustus 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Zwolle, van 29 november 2022 in zaak nr. NL22.23605 in het geding tussen: de vreemdeling en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Procesverloop Bij besluit van 9 november 2022 heeft de staatssecretaris de vreemdeling in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 29 november 2022 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
ECLI:NL:RVS:2023:4219
202302907/1/V3. Datum uitspraak: 15 november 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 1 mei 2023 in zaak nr. NL23.10925 in het geding tussen: [de vreemdeling] en de staatssecretaris. Procesverloop Bij besluit van 9 april 2023 heeft de staatssecretaris de vreemdeling in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 1 mei 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard en schadevergoeding toegekend.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

202306978/1/V3 en 202306978/2/V3. Datum uitspraak: 27 december 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 8 november 2023 in zaak nr. NL23.33714 in het geding tussen: de vreemdeling en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Procesverloop Bij besluit van 24 oktober 2023 heeft de staatssecretaris de vreemdeling in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 8 november 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. P.R.L.V.M. Kruik, advocaat te Den Haag, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 1. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank.

Voor zover de vreemdeling, onder verwijzing naar de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 1 mei 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:6208, in grief 2 betoogt dat de staatssecretaris voorafgaand aan de bewaring een uittreksel uit de Justitiële Documentatie had moeten opvragen en toestemming van het OM had moeten vragen, verwijst de Afdeling naar haar uitspraken van 7 augustus 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3025, en van 15 november 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4219, onder 3. In die laatste uitspraak is op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank van 1 mei 2023 beslist.

Daarbij is die uitspraak van de rechtbank vernietigd. Daaruit volgt dat dit betoog faalt. 1.1. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).

2. De Afdeling ziet ook ambtshalve geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten. Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: I. bevestigt de aangevallen uitspraak; II. wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. M. Soffers, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. R.H.L. Dallinga, griffier. w.g. Soffers voorzieningenrechter w.g. Dallinga griffier Uitgesproken in het openbaar op 27 december 2023 18-1041