ECLI:NL:RVS:2023:2610 · Raad van State
Legislator summary
AI generated202303246/1/V1. Datum uitspraak: 7 juli 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 19 april 2023 in zaak nr. 21/5647 in het geding tussen: de vreemdeling en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna: het COa). Procesverloop Bij besluit van 31 augustus 2021 heeft het COa aan de vreemdeling de maatregel opgelegd dat het eenmalig zijn wekelijkse financiële toelage van € 12,95 inhoudt.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RVS:2023:2610 · Raad van State: 202303246/1/V1. Datum uitspraak: 7 juli 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 19 april 2023 in zaak nr. 21/5647 in het geding tussen: de vreemdeling en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna: het COa). Procesverloop Bij besluit van 31 augustus 2021 heeft het COa aan de vreemdeling de maatregel opgelegd dat het eenmalig zijn wekelijkse financiële toelage van € 12,95 inhoudt.
Full text
202303246/1/V1. Datum uitspraak: 7 juli 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 19 april 2023 in zaak nr. 21/5647 in het geding tussen: de vreemdeling en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna: het COa). Procesverloop Bij besluit van 31 augustus 2021 heeft het COa aan de vreemdeling de maatregel opgelegd dat het eenmalig zijn wekelijkse financiële toelage van € 12,95 inhoudt.
Bij uitspraak van 19 april 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld. Overwegingen 1. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank is namelijk terecht en op goede gronden tot haar oordeel gekomen. De Afdeling neemt de motivering van de uitspraak van de rechtbank over. 1.1. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).
2. Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: bevestigt de aangevallen uitspraak. Aldus vastgesteld door mr. J.M. Willems, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. H.J. Jongeneel, griffier. w.g. Willems lid van de enkelvoudige kamer w.g. Jongeneel griffier Uitgesproken in het openbaar op 7 juli 2023 958