ECLI:NL:RVS:2023:1850 · Raad van State
Legislator summary
AI generated202301154/1/V2. Datum uitspraak: 10 mei 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op het verzoek van: [de vreemdeling], verzoeker, om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het hoger beroep. Procesverloop De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 26 januari 2023 in zaak nr. NL21.11738. De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. H.C.Ch. Kneuvels, advocaat te Rijsbergen, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
Legislator headnote
AI generatedartikel 8:75 van de Awb; ECLI:NL:RVS:2023:1850 · Raad van State: 202301154/1/V2. Datum uitspraak: 10 mei 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op het verzoek van: [de vreemdeling], verzoeker, om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het hoger beroep. Procesverloop De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 26 januari 2023 in zaak nr. NL21.11738. De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. H.C.Ch. Kneuvels, advocaat te Rijsbergen, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
202301154/1/V2. Datum uitspraak: 10 mei 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op het verzoek van: [de vreemdeling], verzoeker, om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het hoger beroep. Procesverloop De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 26 januari 2023 in zaak nr. NL21.11738. De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. H.C.Ch. Kneuvels, advocaat te Rijsbergen, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
De staatssecretaris heeft het hoger beroep ingetrokken. De vreemdeling heeft de Afdeling verzocht de staatssecretaris te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten. Overwegingen 1. Op grond van artikel 8:118, eerste lid, van de Awb kan een bestuursorgaan, bij afzonderlijke uitspraak en met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van de Awb, op verzoek van een partij in de proceskosten worden veroordeeld, als het bestuursorgaan het hoger beroep heeft ingetrokken.
2. De staatssecretaris heeft het hoger beroep ingetrokken, nadat de vreemdeling kosten heeft gemaakt voor het indienen van een schriftelijke uiteenzetting. De Afdeling ziet hierin aanleiding het verzoek van de vreemdeling toe te wijzen.
3. De staatssecretaris moet de proceskosten vergoeden. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: veroordeelt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 837,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Aldus vastgesteld door mr. A.J.C. de Moor-van Vugt, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. G.A. van de Sluis, griffier. w.g. De Moor-van Vugt lid van de enkelvoudige kamer w.g. Van de Sluis griffier Uitgesproken in het openbaar op 10 mei 2023 802-1003