Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2023:1673 ECLI:NL:RVS:2023:1673 AI generated

ECLI:NL:RVS:2023:1673 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2023:1673
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

202002090/3/V3. Datum uitspraak: 3 mei 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [de vreemdeling], verzoeker, om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het hoger beroep. Procesverloop De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 19 maart 2020 in zaak nr. NL20.3756. De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. F.H. Bruggink, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven en voorwaardelijk incidenteel hoger beroep ingesteld.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RVS:2023:1673 · Raad van State: 202002090/3/V3. Datum uitspraak: 3 mei 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [de vreemdeling], verzoeker, om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het hoger beroep. Procesverloop De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 19 maart 2020 in zaak nr. NL20.3756. De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. F.H. Bruggink, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven en voorwaardelijk incidenteel hoger beroep ingesteld.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

202002090/3/V3. Datum uitspraak: 3 mei 2023 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: [de vreemdeling], verzoeker, om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het hoger beroep. Procesverloop De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 19 maart 2020 in zaak nr. NL20.3756. De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. F.H. Bruggink, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven en voorwaardelijk incidenteel hoger beroep ingesteld.

De staatssecretaris heeft een zienswijze naar voren gebracht. De staatssecretaris heeft het hoger beroep ingetrokken. De vreemdeling heeft de Afdeling verzocht de staatssecretaris te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten. Overwegingen Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: veroordeelt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 837,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. E. Steendijk, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. C.M.J.B. A Campo, griffier. w.g. Steendijk lid van de enkelvoudige kamer w.g. A Campo griffier Uitgesproken in het openbaar op 3 mei 2023 907