ECLI:NL:RVS:2020:36 · Raad van State
Legislator summary
AI generated201907092/2/R3. Datum uitspraak: 8 januari 2020 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [verzoeker] en anderen, wonend te Rotterdam, en de raad van de gemeente Rotterdam, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 9 juli 2019 heeft de raad het bestemmingsplan "Zestienhoven" vastgesteld. Tegen dit besluit hebben [verzoeker] en anderen beroep ingesteld.
Legislator headnote
AI generatedartikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2020:36 · Raad van State: 201907092/2/R3. Datum uitspraak: 8 januari 2020 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [verzoeker] en anderen, wonend te Rotterdam, en de raad van de gemeente Rotterdam, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 9 juli 2019 heeft de raad het bestemmingsplan "Zestienhoven" vastgesteld. Tegen dit besluit hebben [verzoeker] en anderen beroep ingesteld.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedCited Case Law
AI generatedFull text
201907092/2/R3. Datum uitspraak: 8 januari 2020 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [verzoeker] en anderen, wonend te Rotterdam, en de raad van de gemeente Rotterdam, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 9 juli 2019 heeft de raad het bestemmingsplan "Zestienhoven" vastgesteld. Tegen dit besluit hebben [verzoeker] en anderen beroep ingesteld.
Bij deze brief hebben [verzoeker] en anderen de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 13 december 2019, waar [verzoeker] en anderen, vertegenwoordigd door mr. R.J.G. Backer, advocaat te 's-Gravenhage, is verschenen. Overwegingen 1. Bij uitspraak van heden, nr. 201907092/5/R3 (ECLI:NL:RVS:2020:12), heeft de Afdeling op het beroep beslist. Derhalve is geen sprake meer van een geding. Daarom dient het verzoek als ongegrond te worden afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. W.D.M. van Diepenbeek, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. E.K. van Leening, griffier. w.g. Van Diepenbeek w.g. Van Leening voorzieningenrechter griffier Uitgesproken in het openbaar op 8 januari 2020