Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2018:552 ECLI:NL:RVS:2018:552 AI generated

ECLI:NL:RVS:2018:552 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2018:552
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

201801327/1/A2. Datum uitspraak: 16 februari 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [appellante], wonend te Amsterdam, appellante, en het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Amsterdam, verweerder. Openbare zitting gehouden op 16 februari 2018 om 10:00 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. C.H.M. van Altena voorzitter Staatsraad mr. D.A.C. Slump lid Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos lid griffier: mr. M. Rijsdijk, mr.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2018:552 · Raad van State: 201801327/1/A2. Datum uitspraak: 16 februari 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [appellante], wonend te Amsterdam, appellante, en het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Amsterdam, verweerder. Openbare zitting gehouden op 16 februari 2018 om 10:00 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. C.H.M. van Altena voorzitter Staatsraad mr. D.A.C. Slump lid Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos lid griffier: mr. M. Rijsdijk, mr.

Keywords

AI generated
artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

201801327/1/A2. Datum uitspraak: 16 februari 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [appellante], wonend te Amsterdam, appellante, en het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Amsterdam, verweerder. Openbare zitting gehouden op 16 februari 2018 om 10:00 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. C.H.M. van Altena voorzitter Staatsraad mr. D.A.C. Slump lid Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos lid griffier: mr. M. Rijsdijk, mr.

J. Wieland Verschenen: [appellante], bijgestaan door mr. R. Bleijendaal, advocaat te Haarlem, en vergezeld van [personen]; het centraal stembureau, vertegenwoordigd door mr. J.E. Geuzinge; de Kiesraad, vertegenwoordigd door mr. W.A.E. Brüheim. Het beroep is gericht tegen het besluit van het centraal stembureau van 9 februari 2018, waarbij de blanco lijst met als eerste kandidaat [appellante] ongeldig is verklaard omdat niet voldoende geldige verklaringen van ondersteuning zijn ingeleverd. Beslissing De Afdeling verklaart het beroep ongegrond. Gronden: - Tussen partijen is niet in geschil dat niet voldoende geldige ondersteuningsverklaringen zijn ingeleverd.

Op grond van artikel I 5, aanhef en onder c, van de Kieswet is de lijst dan ongeldig. - Het belang van een uniforme toepassing van de Kieswet prevaleert, zodat, behoudens situaties van overmacht, daaraan strikt de hand moet worden gehouden. - Het enkele feit dat op een aantal momenten enige ondertekenaars van ondersteuningsverklaringen, in het bijzonder op 9 februari 2018, te maken kregen met een relatief lange wachttijd bij het Stadsloket Centrum voor het waarmerken van hun verklaring, kan niet als een dergelijke situatie worden aangemerkt. [appellante] heeft eerst een periode van veertien dagen gehad voorafgaande aan de dag van kandidaatstelling, en na constatering van het verzuim nog drie dagen tijdens de hersteltermijn, om voldoende ondersteuningsverklaringen te verkrijgen en in te leveren.

Zij heeft er zelf voor gekozen om van de mogelijkheid tot verzuimherstel op de laatste dag van de hersteltermijn nog gebruik te maken. Dat zij daardoor niet optimaal gebruik heeft gemaakt van de inleverperiode ligt in de risicosfeer van [appellante]. w.g. Van Altena w.g. Rijsdijk Voorzitter griffier 705.