Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2018:3649 ECLI:NL:RVS:2018:3649 AI generated

ECLI:NL:RVS:2018:3649 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2018:3649
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

201807725/3/A3. Datum beslissing: 8 november 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht in het hoger beroep van: [appellant A] en [appellant B] (hierna in enkelvoud: [appellant]), wonend te Harderwijk, appellanten, tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 18 september 2018 in zaak nrs. 18/4100 en 18/4101 in het geding tussen: [appellant] en de burgemeester van Harderwijk. Procesverloop [appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 18 september 2018 in zaak nrs. 18/4100 en 18/4101.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2018:3649 · Raad van State: Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.

Keywords

AI generated
artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht
De burgemeester heeft een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

201807725/3/A3. Datum beslissing: 8 november 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht in het hoger beroep van: [appellant A] en [appellant B] (hierna in enkelvoud: [appellant]), wonend te Harderwijk, appellanten, tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 18 september 2018 in zaak nrs. 18/4100 en 18/4101 in het geding tussen: [appellant] en de burgemeester van Harderwijk. Procesverloop [appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 18 september 2018 in zaak nrs. 18/4100 en 18/4101.

De burgemeester heeft een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken. Het betreft een aantal processen-verbaal van de politie, Eenheid Oost-Nederland, district Noord- en Oost-Gelderland, basisteam Veluwe-West en de Landelijke Eenheid, Dienst Infrastructuur, Afdeling Luchtvaart, Team Luchtwaarneming, met bijlagen. In deze processen-verbaal is [appellant] als verdachte aangemerkt. Overwegingen 1. De burgemeester heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van de stukken kennis zal nemen.

2. Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.

3. Ter ondersteuning van het verzoek om beperking van de kennisneming heeft de burgemeester aangevoerd dat de officier van justitie de processen-verbaal na hevige discussie aan hem heeft verstrekt en daarbij de zwaarwegende opsporingsbelangen op grond van de Wet politiegegevens heeft benadrukt. De burgemeester wil niet op zijn geweten hebben dat hij de opsporingsbelangen frustreert en de verhouding met de officier van justitie onder druk zet.

4. De Afdeling stelt vast dat het belang van de opsporing van strafbare feiten op zichzelf reden kan zijn voor inwilliging van een verzoek om beperking van de kennisneming. Zonder nadere motivering valt echter niet in te zien waarom kennisneming door [appellant] van de processen-verbaal, die zijn opgesteld naar aanleiding van het aantreffen van een warmtebron op de zolderverdieping in zijn eigen woning en het in vervolg daarop gehouden onderzoek in die woning, het belang van de opsporing van strafbare feiten zal schaden. Daarbij is mede van belang dat [appellant] blijkens de processen-verbaal over de inhoud ervan is verhoord. De Afdeling acht daarom het verzoek tot beperkte kennisneming niet gerechtvaardigd.

5. De Afdeling bepaalt dat de processen-verbaal worden teruggezonden aan de burgemeester.

6. Indien de burgemeester geen gehoor geeft aan het in dictumonderdeel II. aangeduide verzoek om de stukken waarvan het verzoek om geheimhouding is afgewezen, toe te sturen, kan de Afdeling daaraan gevolgen verbinden. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: I. wijst het verzoek af; II. verzoekt de burgemeester binnen zeven dagen na heden de stukken waarvan geheimhouding is afgewezen aan de Afdeling en de andere partij toe te sturen. Aldus vastgesteld door mr. E.J. Daalder, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. P. Klein, griffier. w.g. Daalder w.g. Klein lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer griffier Uitgesproken in het openbaar op 8 november 2018