Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2018:1816 ECLI:NL:RVS:2018:1816 AI generated

ECLI:NL:RVS:2018:1816 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2018:1816
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

201803906/2/A1 Datum uitspraak: 6 juni 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van: [verzoeker], wonend te Amsterdam, verzoeker, tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam (hierna: de rechtbank) van 18 april 2018 in zaak nrs. 18/1992 en 18/1994 in het geding tussen: [verzoeker] en het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van het stadsdeel Zuid.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2018:1816 · Raad van State: 18/1992 en 18/1994 in het geding tussen: [verzoeker] en het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van het stadsdeel Zuid.

Keywords

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

201803906/2/A1 Datum uitspraak: 6 juni 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van: [verzoeker], wonend te Amsterdam, verzoeker, tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam (hierna: de rechtbank) van 18 april 2018 in zaak nrs. 18/1992 en 18/1994 in het geding tussen: [verzoeker] en het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van het stadsdeel Zuid.

Openbare zitting gehouden op 31 mei 2018 om 11:30 uur. Tegenwoordig: Staatsraad mr. C.J. Borman, voorzieningenrechter griffier: mr. S. de Koning Verschenen: [verzoeker], bijgestaan door mr. M.H.J. van Riessen, advocaat te Amsterdam; Het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van het stadsdeel Zuid, vertegenwoordigd door mr. G.A. Jansen. Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 18 april 2018 van de rechtbank. [verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

Gronden • Ter zitting heeft [verzoeker] verklaard dat het dakterras is verwijderd. • Dit betekent dat een verlenging van de begunstigingstermijn teneinde een dergelijke verwijdering te voorkomen geen zin heeft. • Een belang bij het treffen van de gevraagde voorziening ontbreekt dus. • Dat [verzoeker] snel een uitspraak in de hoofdzaak verlangt en wil dat een signaal wordt afgegeven aan het algemeen bestuur dat het onjuist heeft gehandeld door de begunstigingstermijn niet op te schorten, brengt niet mee dat een dergelijk belang alsnog ontstaat . w.g.

Borman w.g. De Koning voorzieningenrechter griffier 712.