ECLI:NL:RVS:2018:1026 · Raad van State
Legislator summary
AI generated201802470/1/V2. Datum uitspraak: 26 maart 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) van: [de vreemdeling], verzoeker. Procesverloop De vreemdeling heeft op 25 maart 2018 een verzoek ingediend tot het treffen van een voorlopige voorziening om zijn voor 26 maart 2018 voorgenomen uitzetting tegen te gaan. Overwegingen 1. Bij uitspraak van 21 december 2017 in zaak nr. 17/11744 heeft de rechtbank het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 18 mei 2017, waarbij de staatssecretaris de aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, heeft afgewezen, ongegrond verklaard.
Legislator headnote
AI generatedartikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2018:1026 · Raad van State: Bij uitspraak van 20 maart 2018 in zaken nrs. 201800242/1/V2 en 201800242/2/V2 heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling deze uitspraak bevestigd en het verzoek van de vreemdeling tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen. Wat de vreemdeling in het onderhavige verzoek heeft aangevoerd, biedt geen grond om niet langer van de rechtmatigheid van de voorgenomen uitzetting uit te gaan.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
201802470/1/V2. Datum uitspraak: 26 maart 2018 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) van: [de vreemdeling], verzoeker. Procesverloop De vreemdeling heeft op 25 maart 2018 een verzoek ingediend tot het treffen van een voorlopige voorziening om zijn voor 26 maart 2018 voorgenomen uitzetting tegen te gaan. Overwegingen 1. Bij uitspraak van 21 december 2017 in zaak nr. 17/11744 heeft de rechtbank het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 18 mei 2017, waarbij de staatssecretaris de aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, heeft afgewezen, ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 20 maart 2018 in zaken nrs. 201800242/1/V2 en 201800242/2/V2 heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling deze uitspraak bevestigd en het verzoek van de vreemdeling tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen. Wat de vreemdeling in het onderhavige verzoek heeft aangevoerd, biedt geen grond om niet langer van de rechtmatigheid van de voorgenomen uitzetting uit te gaan.
2. Het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening moet worden afgewezen.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. J.J. van Eck, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. O. van Loon, griffier. w.g. Van Eck w.g. Van Loon voorzieningenrechter griffier Uitgesproken in het openbaar op 26 maart 2018 837.