Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2017:2918 ECLI:NL:RVS:2017:2918 AI generated

ECLI:NL:RVS:2017:2918 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2017:2918
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

201705987/2/R3. Datum uitspraak: 30 oktober 2017 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [verzoeker], wonend te Deventer, en de raad van de gemeente Deventer, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 28 juni 2017 heeft de raad het bestemmingsplan "Snippergroen 2016" vastgesteld. Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld. [verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 24 oktober 2017, waar de raad, vertegenwoordigd door J.D. Oosterloo en drs. ing. J. ter Veer, is verschenen. Voorts zijn ter zitting [partijen], vertegenwoordigd door mr. L. Brouwers, rechtsbijstandverlener te Leusden, gehoord. Overwegingen 1. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2017:2918 · Raad van State: Het plan biedt een actuele juridisch-planologische regeling voor de uitgifte van 33 percelen zogenoemd snippergroen, die verspreid liggen over het gehele grondgebied van de gemeente Deventer. 3. [verzoeker] kan zich, kort gezegd, niet verenigen met de wijze waarop en voorwaarden waaronder de uitgifte van de verschillende snippergroenpercelen heeft plaatsgevonden. 4. [verzoeker] heeft niet gesteld op welke wijze inwerkingtreding van het bestemmingsplan voor hem tot onomkeerbare gevolgen leidt die hij met het door hem ingediende verzoek beoogt te voorkomen. Derhalve is de voorzieningenrechter niet gebleken dat met het verzoek een spoedeisend belang is gemoeid dat het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigt.

Keywords

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

201705987/2/R3. Datum uitspraak: 30 oktober 2017 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [verzoeker], wonend te Deventer, en de raad van de gemeente Deventer, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 28 juni 2017 heeft de raad het bestemmingsplan "Snippergroen 2016" vastgesteld. Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld. [verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 24 oktober 2017, waar de raad, vertegenwoordigd door J.D. Oosterloo en drs. ing. J. ter Veer, is verschenen. Voorts zijn ter zitting [partijen], vertegenwoordigd door mr. L. Brouwers, rechtsbijstandverlener te Leusden, gehoord. Overwegingen 1. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2. Het plan biedt een actuele juridisch-planologische regeling voor de uitgifte van 33 percelen zogenoemd snippergroen, die verspreid liggen over het gehele grondgebied van de gemeente Deventer. 3. [verzoeker] kan zich, kort gezegd, niet verenigen met de wijze waarop en voorwaarden waaronder de uitgifte van de verschillende snippergroenpercelen heeft plaatsgevonden. 4. [verzoeker] heeft niet gesteld op welke wijze inwerkingtreding van het bestemmingsplan voor hem tot onomkeerbare gevolgen leidt die hij met het door hem ingediende verzoek beoogt te voorkomen. Derhalve is de voorzieningenrechter niet gebleken dat met het verzoek een spoedeisend belang is gemoeid dat het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigt.

5. Gelet op het voorgaande ziet de voorzieningenrechter aanleiding het verzoek af te wijzen.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. F.C.M.A. Michiels, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. A. Wijker-Dekker, griffier. w.g. Michiels w.g. Wijker-Dekker voorzieningenrechter griffier Uitgesproken in het openbaar op 30 oktober 2017 562.