Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2008:BD2101 ECLI:NL:RVS:2008:BD2101 AI generated

ECLI:NL:RVS:2008:BD2101 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2008:BD2101
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Procesverloop Bij brief van 17 mei 2004 heeft de vereniging Vereniging Bewoners Belanghebbenden B.o.Z., e.o. (hierna: de vereniging), namens een aantal van haar leden, het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom (hierna: het college) verzocht om toepassing van bestuurlijke handhavingsmiddelen wegens het in strijd met het Besluit geluidhinder spoorwegen wijzigen van een spoorweg. Dit verzoek is door het college doorgezonden aan de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (hierna: de minister). Tegen het uitblijven van een besluit op dit verzoek heeft de vereniging bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 6 juni 2007, beroep ingesteld.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2008:BD2101 · Raad van State: Overwegingen 2.1. Het beroep richt zich tegen het niet tijdig nemen van een besluit op het verzoek om handhaving van 17 mei 2004. Ingevolge artikel 7:1, eerste lid, in samenhang met artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht, dient alvorens beroep wordt ingesteld bezwaar te worden gemaakt. Nu dit niet is gebeurd, dient het beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard. De Afdeling zal het beroepschrift op grond van artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht doorzenden aan de minister ter behandeling als bezwaarschrift. 2.2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Keywords

AI generated
artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht
De Afdeling zal het beroepschrift op grond van artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht doorzenden aan de minister ter behandeling als bezwaarschrift.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

200703921/1. Datum uitspraak: 21 mei 2008 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak in het geding tussen: de vereniging Vereniging Bewoners Belanghebbenden B.o.Z., e.o., gevestigd te Bergen op Zoom, appellante, en de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, verweerder.

1. Procesverloop Bij brief van 17 mei 2004 heeft de vereniging Vereniging Bewoners Belanghebbenden B.o.Z., e.o. (hierna: de vereniging), namens een aantal van haar leden, het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom (hierna: het college) verzocht om toepassing van bestuurlijke handhavingsmiddelen wegens het in strijd met het Besluit geluidhinder spoorwegen wijzigen van een spoorweg. Dit verzoek is door het college doorgezonden aan de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (hierna: de minister). Tegen het uitblijven van een besluit op dit verzoek heeft de vereniging bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 6 juni 2007, beroep ingesteld.

Door de vereniging en het college zijn nadere stukken ingediend. Deze zijn aan de andere partijen toegezonden. De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 31 maart 2008, waar de vereniging, vertegenwoordigd door R.H. van der Pols, en de minister, vertegenwoordigd door mr. P.C. Cup en drs. T.C. Welkers, beiden werkzaam bij het ministerie, en door J.W. Takkenberg en ing. A.C.W. Schaareman, beiden werkzaam bij het Bureau Sanering Verkeerslawaai, zijn verschenen. Voorts zijn het college, vertegenwoordigd door ing. R.E.S.S. Vliex, werkzaam bij de Regionale Milieudienst West-Brabant, en de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ProRail B.V., vertegenwoordigd door mr.

L. Makkinga, drs. D. van Bemmel en mr. A. 't Mannetje, als belanghebbende gehoord.

2. Overwegingen 2.1. Het beroep richt zich tegen het niet tijdig nemen van een besluit op het verzoek om handhaving van 17 mei 2004. Ingevolge artikel 7:1, eerste lid, in samenhang met artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht, dient alvorens beroep wordt ingesteld bezwaar te worden gemaakt. Nu dit niet is gebeurd, dient het beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard. De Afdeling zal het beroepschrift op grond van artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht doorzenden aan de minister ter behandeling als bezwaarschrift. 2.2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Recht doende in naam der Koningin: verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Aldus vastgesteld door mr. J.H. van Kreveld, voorzitter, en mr. H.Ph.J.A.M. Hennekens en mr. C.W. Mouton, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.P.J.M. van Grinsven, ambtenaar van Staat. w.g. Van Kreveld w.g. Van Grinsven voorzitter ambtenaar van Staat Uitgesproken in het openbaar op 21 mei 2008 462.