Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RVS:2004:AO9967 ECLI:NL:RVS:2004:AO9967 AI generated

ECLI:NL:RVS:2004:AO9967 · Raad van State

Case Number ECLI:NL:RVS:2004:AO9967
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Procesverloop Bij brief van 4 februari 2003, kenmerk BA/2002/3307, aan appellante heeft verweerder een termijn gesteld, als bedoeld in artikel 18.12, derde lid, van de Wet milieubeheer. Bij besluit van 16 december 2003, kenmerk BA/2003/774 nr. A’04-44, verzonden op dezelfde dag, heeft verweerder het hiertegen gemaakte bezwaar deels gegrond en voor het overige ongegrond verklaard. Tegen dit besluit heeft verzoekster bij brief van 27 januari 2004, bij de Raad van State ingekomen op 28 januari 2004, beroep ingesteld. Bij brief van 27 januari 2004, bij de Raad van State ingekomen op 28 januari 2004, heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RVS:2004:AO9967 · Raad van State: 200400829/2. Datum uitspraak: 19 mei 2004 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [verzoekster], gevestigd te [plaats], en het college van gedeputeerde staten van Overijssel, verweerder.

Keywords

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

200400829/2. Datum uitspraak: 19 mei 2004 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: [verzoekster], gevestigd te [plaats], en het college van gedeputeerde staten van Overijssel, verweerder.

1. Procesverloop Bij brief van 4 februari 2003, kenmerk BA/2002/3307, aan appellante heeft verweerder een termijn gesteld, als bedoeld in artikel 18.12, derde lid, van de Wet milieubeheer. Bij besluit van 16 december 2003, kenmerk BA/2003/774 nr. A’04-44, verzonden op dezelfde dag, heeft verweerder het hiertegen gemaakte bezwaar deels gegrond en voor het overige ongegrond verklaard. Tegen dit besluit heeft verzoekster bij brief van 27 januari 2004, bij de Raad van State ingekomen op 28 januari 2004, beroep ingesteld. Bij brief van 27 januari 2004, bij de Raad van State ingekomen op 28 januari 2004, heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 9 maart 2004, waar verzoekster, vertegenwoordigd door mr. J.G.M. Roijers, advocaat te Rotterdam, en verweerder, vertegenwoordigd door mr. M. van Dijk-Prakken, ambtenaar van de provincie, zijn verschenen. Voorts is het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente, vertegenwoordigd door R.P.G. Janssen, ambtenaar van de gemeente, en de “Stichting Wel en Wee”, vertegenwoordigd door mr. F.F. Scheffer, advocaat te Deventer, daar gehoord.

2. Overwegingen 2.1. Bij uitspraak van heden, inzake 200400829/1, heeft de Afdeling beslist op het door verzoekster tegen het besluit van 16 december 2003 ingestelde beroep. Reeds hierom ziet de Voorzitter geen aanleiding om het verzoek in te willigen. 2.2. Gelet op het vorenstaande wijst de Voorzitter het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af. 2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. H. Beekhuis, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. S. Scheerhout, ambtenaar van Staat. w.g. Beekhuis w.g. Scheerhout Voorzitter ambtenaar van Staat Uitgesproken in het openbaar op 19 mei 2004 318.