Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBZWB:2024:3473 ECLI:NL:RBZWB:2024:3473 AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2024:3473 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Case Number ECLI:NL:RBZWB:2024:3473
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Middelburg parketnummer: 02-190867-23 vonnis van de meervoudige kamer van 14 mei 2024 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedag] 2002 te [geboorteplaats] , wonende te [woonadres] , raadsman mr. W.N. Ramnun, advocaat te Breda.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2024:3473 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant: De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte samen met anderen openlijk geweld heeft gepleegd tegen [aangever 1] , [aangever 2] , [aangever 3] , en/of [aangever 4] met lichamelijk letsel voor [aangever 1] , [aangever 2] en/of [aangever 3] tot gevolg.

Keywords

AI generated
offences against public authority challengeable acts pleas in law violent offenses standing of public prosecutor threat charges
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Middelburg parketnummer: 02-190867-23 vonnis van de meervoudige kamer van 14 mei 2024 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedag] 2002 te [geboorteplaats] , wonende te [woonadres] , raadsman mr. W.N. Ramnun, advocaat te Breda.

1Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 14 mei 2024, waarbij de officier van justitie, mr. J. Verschuren, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte samen met anderen openlijk geweld heeft gepleegd tegen [aangever 1] , [aangever 2] , [aangever 3] , en/of [aangever 4] met lichamelijk letsel voor [aangever 1] , [aangever 2] en/of [aangever 3] tot gevolg.

3De voorvragen

De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. 4De beoordeling van het bewijs 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat verdachte moet worden vrijgesproken van het aan hem ten laste gelegde feit, omdat het dossier hiervoor onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat. 4.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging bepleit vrijspraak van het aan verdachte ten laste gelegde feit, omdat het dossier hiervoor onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat. 4.3 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat het dossier onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat dat verdachte het aan hem ten laste gelegde feit heeft begaan en zal hem dan ook vrijspreken van het feit.

5De benadeelde partij

De benadeelde partij [aangever 1] vordert een schadevergoeding van € 500,= voor het feit, bestaande uit immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De benadeelde partij [aangever 2] vordert een schadevergoeding van € 492,66 voor het feit, bestaande uit € 92,66 aan materiële schade en € 400,= aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De benadeelde partij [aangever 3] vordert een schadevergoeding van € 400,= voor het feit, bestaande uit immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Verdachte is vrijgesproken van het feit waaruit de schade zou zijn ontstaan. De rechtbank zal de benadeelde partijen daarom niet-ontvankelijk verklaren in hun vorderingen.

6De beslissing

De rechtbank: Vrijspraak - spreekt verdachte vrij van het aan hem ten laste gelegde feit; Benadeelde partijen - verklaart de benadeelde partij [aangever 1] niet-ontvankelijk in de vordering; - veroordeelt de benadeelde partij [aangever 1] in de kosten van verdachte, tot nu toe begroot op nihil; - verklaart de benadeelde partij [aangever 2] niet-ontvankelijk in de vordering; - veroordeelt de benadeelde partij [aangever 2] in de kosten van verdachte, tot nu toe begroot op nihil; - verklaart de benadeelde partij [aangever 3] niet-ontvankelijk in de vordering; - veroordeelt de benadeelde partij [aangever 3] in de kosten van verdachte, tot nu toe begroot op nihil. Dit vonnis is gewezen door mr. E.J. Zuijdweg, voorzitter, mr. N. van der Ploeg-Hogervorst en mr. P.W.G. de Beer, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.J. van der Welle, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 14 mei 2024.