Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBZWB:2023:7103 ECLI:NL:RBZWB:2023:7103 AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2023:7103 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Case Number ECLI:NL:RBZWB:2023:7103
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Tilburg Zaaknummer: 10170723 \ CV EXPL 22-4018 vonnis d.d. 11 oktober 2023 inzake 1V.O.F. [eiser sub 1] , te [plaats] ,2. [eiser sub 2], te [plaats] ,3. [eiser sub 3], te [plaats] , eisende partijen, hierna samen te noemen: [eiser sub 1] , gemachtigde: Juridisch Adviesbureau Van Duijnhoven, tegen TRIPOLAIR BV, te Tilburg, gedaagde partij, hierna te noemen: Tripolair, gemachtigde: mr. R. Bosman. 1Het verloop van het geding 1.1. De procesgang blijkt uit de volgende stukken: - het tussenvonnis van 19 juli 2023 met de daarin genoemde stukken; - de akte van [eiser sub 1] van 16 augustus 2023 met producties 6 en 7; - de antwoordakte van Tripolair van 13 september 2023 met productie 7. 1.2.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2023:7103 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant: Het bewijs van deze betaling legt [eiser sub 1] over door middel van een afschrift van de boeking naar de tegenrekening van mevrouw [naam 1] (productie 6 van de akte van [eiser sub 1] ) en de afdruk van pashouder [eiser sub 2] van [eiser sub 1] (productie 7 van de akte van [eiser sub 1] ). 2.3. Tripolair zegt dat [eiser sub 1] niet aan haar bewijsopdracht ter hoogte van € 9.590,48 heeft voldaan, waardoor de gevorderde notariskosten niet toewijsbaar zijn en het toewijsbare bedrag aan schade in dit geval hooguit € 8.750,- bedraagt. Daarnaast voert Tripolair nog een aantal verweren aan waarom zij vindt dat zij dit bedrag aan schade toch niet hoeft te betalen aan [eiser sub 1] , waaronder kort gezegd verrekening en eigen schuld. 2.4.

Keywords

AI generated
untimely advance on costs calculation of damages timeliness of filing payment of the fine party costs action for payment
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Tilburg Zaaknummer: 10170723 \ CV EXPL 22-4018 vonnis d.d. 11 oktober 2023 inzake 1V.O.F. [eiser sub 1] , te [plaats] ,2. [eiser sub 2], te [plaats] ,3. [eiser sub 3], te [plaats] , eisende partijen, hierna samen te noemen: [eiser sub 1] , gemachtigde: Juridisch Adviesbureau Van Duijnhoven, tegen TRIPOLAIR BV, te Tilburg, gedaagde partij, hierna te noemen: Tripolair, gemachtigde: mr. R. Bosman. 1Het verloop van het geding 1.1. De procesgang blijkt uit de volgende stukken: - het tussenvonnis van 19 juli 2023 met de daarin genoemde stukken; - de akte van [eiser sub 1] van 16 augustus 2023 met producties 6 en 7; - de antwoordakte van Tripolair van 13 september 2023 met productie 7. 1.2.

Hierna is vonnis bepaald. 2De verdere beoordeling 2.1. In het vonnis van 19 juli 2023 heeft de kantonrechter [eiser sub 1] de gelegenheid gegeven om te bewijzen dat zij een bedrag van € 9.590,48 (of zoveel lager) aan de verkoper(s) van het pand aan de [adres] heeft betaald op grond van het boetebeding in de koopovereenkomst. 2.2. Bij akte van 16 augustus 2023 heeft [eiser sub 1] – samengevat – het volgende gezegd. Het oorspronkelijke boetebedrag van 10 % van de verkoopsom, wat dus neerkwam op een bedrag van € 17.500,-, was na overleg met de verkoopster, mevrouw [naam 1] , gehalveerd naar een bedrag van € 8.750,-. [eiser sub 1] heeft op donderdag 12 mei 2022 dit bedrag overgemaakt naar de rekening van mevrouw [naam 1] .

Het bewijs van deze betaling legt [eiser sub 1] over door middel van een afschrift van de boeking naar de tegenrekening van mevrouw [naam 1] (productie 6 van de akte van [eiser sub 1] ) en de afdruk van pashouder [eiser sub 2] van [eiser sub 1] (productie 7 van de akte van [eiser sub 1] ). 2.3. Tripolair zegt dat [eiser sub 1] niet aan haar bewijsopdracht ter hoogte van € 9.590,48 heeft voldaan, waardoor de gevorderde notariskosten niet toewijsbaar zijn en het toewijsbare bedrag aan schade in dit geval hooguit € 8.750,- bedraagt. Daarnaast voert Tripolair nog een aantal verweren aan waarom zij vindt dat zij dit bedrag aan schade toch niet hoeft te betalen aan [eiser sub 1] , waaronder kort gezegd verrekening en eigen schuld. 2.4.

De kantonrechter wijst in dit geval een bedrag van € 8.750,- aan schadevergoeding toe dat Tripolair aan [eiser sub 1] moet betalen en legt hieronder uit waarom. [eiser sub 1] heeft met de door haar gegeven producties en uitleg voldoende bewezen dat zij een bedrag van € 8.750,- heeft betaald aan de verkoper. In het tussenvonnis van 19 juli 2023 (met name overweging 4.14 en 4.15) heeft de kantonrechter al eerder gezegd dat Tripolair in dat geval – kort gezegd – zal worden veroordeeld om dat bedrag te betalen aan [eiser sub 1] . Hierbij is ook al gezegd dat de kantonrechter voor een verdere veroordeling in notariskosten geen aanleiding ziet, waardoor het door [eiser sub 1] gevorderde bedrag van € 9.590,48 niet helemaal wordt toegewezen.

De verweren die Tripolair bij antwoordakte van 13 september 2023 verder nog (voor het eerst in deze procedure) aanvoert zijn te laat (“tardief”) aangevoerd, waardoor de kantonrechter deze verweren niet meer behandelt en dus ook niet meer meeneemt in deze beslissing. Ook de productie die Tripolair bij deze antwoordakte meestuurt, wordt om dezelfde reden buiten beschouwing gelaten. 2.5. [eiser sub 1] heeft daarnaast wettelijke rente gevorderd. Deze zal in dit geval worden toegewezen over het bedrag van € 8.750,- vanaf 8 juni 2022 tot aan de dag dat Tripolair het bedrag heeft betaald.

De kantonrechter heeft bij het vaststellen van deze datum rekening gehouden met een (redelijke) termijn van 7 werkdagen, zoals [eiser sub 1] die in haar brief aan Tripolair op 27 mei 2022 heeft gegeven. 2.6. Tripolair zal als de voor het grootste deel in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Tot aan dit vonnis worden de proceskosten (inclusief nakosten) aan de zijde van [eiser sub 1] als volgt berekend: - kosten van de dagvaarding € 131,18 - griffierecht € 514,00 - salaris gemachtigde € 825,00 (2,50 punten × € 330,00) - nakosten € 132,00 Totaal € 1.602,18 3De beslissing De kantonrechter: veroordeelt Tripolair om aan [eiser sub 1] te betalen een bedrag van € 8.750,- en de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 8 juni 2022 tot aan de dag dat Tripolair dit bedrag heeft betaald; veroordeelt Tripolair in de kosten van dit geding, aan de kant van [eiser sub 1] (inclusief nakosten) tot vandaag berekend op € 1.602,18; verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. Dijkman en in het openbaar uitgesproken op 11 oktober 2023.