Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBZWB:2022:7168 ECLI:NL:RBZWB:2022:7168 AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2022:7168 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Case Number ECLI:NL:RBZWB:2022:7168
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Middelburg parketnummer: 02-305152-19 vonnis van de meervoudige kamer van 30 november 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedag] 1996 te [geboorteplaats] , wonende te [woonadres] , raadsman mr. J.C.W.L. Grootjans, advocaat te Middelburg.

Legislator headnote

AI generated

artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering; ECLI:NL:RBZWB:2022:7168 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant: De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering. De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte in de periode van 28 mei 2014 tot en met 10 oktober 2019, samen of alleen, geldbedragen van in totaal ruim € 80.000,--, personenauto's, een woning, aanbetalingen voor onroerend goed in Turkije en de uitbetaling van een bouwdepot heeft witgewassen, subsidiair ten laste gelegd als eenvoudig witwassen in de periode van 1 januari 2017 tot en met 10 oktober 2019.

Keywords

AI generated
illicit financial flows misappropriation of assets concealment of assets fraudulent causing of financial loss property offenses economic wealth

Cited Legislation

AI generated
artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering
De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Middelburg parketnummer: 02-305152-19 vonnis van de meervoudige kamer van 30 november 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedag] 1996 te [geboorteplaats] , wonende te [woonadres] , raadsman mr. J.C.W.L. Grootjans, advocaat te Middelburg.

1Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 16 november 2022, waarbij de officier van justitie, mr. G. Oosterveld, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2De tenlastelegging

De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering. De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte in de periode van 28 mei 2014 tot en met 10 oktober 2019, samen of alleen, geldbedragen van in totaal ruim € 80.000,--, personenauto's, een woning, aanbetalingen voor onroerend goed in Turkije en de uitbetaling van een bouwdepot heeft witgewassen, subsidiair ten laste gelegd als eenvoudig witwassen in de periode van 1 januari 2017 tot en met 10 oktober 2019.

3De voorvragen

De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. 4De beoordeling van het bewijs 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair ten laste gelegde, te weten het medeplegen van het witwassen en baseert zich daarbij op de bewijsmiddelen in het dossier. Uit het dossier blijkt dat verdachte en de medeverdachten wisten dat de herkomst van de gelden en de voorwerpen uit misdrijf afkomstig waren.

Op basis van het dossier kan niet worden bewezen dat verdachte wist van de aanbetalingen van onroerend goed in Turkije (gedachtestreepje 5). 4.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft integrale vrijspraak bepleit wegens het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. Uit het dossier blijkt niet dat verdachte wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat de tenlastegelegde voorwerpen afkomstig waren uit misdrijf. Er is dan ook geen sprake geweest van grove of aanmerkelijke onvoorzichtigheid. 4.3 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat het dossier onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat voor de betrokkenheid van verdachte bij witwassen.

Op basis van het dossier kan worden vastgesteld dat verdachte in de woning aan het [adres] te Vlissingen heeft gewoond. Haar zus [zus verdachte] was eigenaar van de woning. Het moment dat de hypotheek werd verkregen door [zus verdachte] en het bouwdepot aan haar werd uitbetaald was verdachte minderjarig. Een groot deel van de periode die verdachte daar woonachtig was, was zij ook nog minderjarig. De officier van justitie heeft ter zitting de tenlastelegging gewijzigd, in die zin dat de periode ingaat op het moment dat verdachte meerderjarig werd, waardoor het witwassen van de woning en het bouwdepot niet (meer) binnen de bij verdachte ten laste gelegde periode vallen.

Ten aanzien van de overige ten laste gelegde geldbedragen en voorwerpen kan op basis van het dossier enkel worden vastgesteld dat verdachte vanaf haar rekening éénmaal duizend euro heeft overgemaakt naar de rekening van haar zus [zus verdachte] . Dit betrof geen contante storting. Het dossier biedt verder geen aanknopingspunten voor enige betrokkenheid van deze verdachte bij de overige tenlastegelegde geldbedragen en voorwerpen. Voornoemde omstandigheden zijn onvoldoende om wettig en overtuigend te kunnen bewijzen dat verdachte, al dan niet samen met anderen, redelijkerwijs moest vermoeden dat de tenlastegelegde geldbedragen en voorwerpen uit enig misdrijf afkomstig waren en dus heeft witgewassen.

De rechtbank zal verdachte dan ook vrijspreken van het primair en subsidiair ten laste gelegde.

5De beslissing

De rechtbank: Vrijspraak - spreekt verdachte vrij van het ten laste gelegde. Dit vonnis is gewezen door mr. J. Bergen, voorzitter, mr. J.C. Gillesse en mr. A.B. Scheltema Beduin, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H. Holtgrefe, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 30 november 2022.