Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBZWB:2017:434 ECLI:NL:RBZWB:2017:434 AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2017:434 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Case Number ECLI:NL:RBZWB:2017:434
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Kabinet rechter-commissaris Locatie Breda rc-nummer : 16/541 parketnummer : 02/820404-16 Beslissing op bezwaarschrift onthouding processtukken (artikel 30 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering) inzake verdachte naam : [verdachte] voornamen : [voornamen] geboren op : [geboortedatum en plaats] woonplaats : [woonplaats] adres : [straatnaam] procedure De officier van justitie heeft de verdachte bij brief van 10 januari 2017 medegedeeld, dat de aan verdachte ter inzage gegeven stukken niet volledig zijn en dat de kennisneming van bepaalde processtukken wordt onthouden.

Legislator headnote

AI generated

artikel 30 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering, artikel 30 Wetboek van Strafvordering; ECLI:NL:RBZWB:2017:434 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant: RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Kabinet rechter-commissaris Locatie Breda rc-nummer : 16/541 parketnummer : 02/820404-16 Beslissing op bezwaarschrift onthouding processtukken (artikel 30 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering) inzake verdachte naam : [verdachte] voornamen : [voornamen] geboren op : [geboortedatum en plaats] woonplaats : [woonplaats] adres : [straatnaam] procedure De officier van justitie heeft de verdachte bij brief van 10 januari 2017 medegedeeld, dat de aan verdachte ter inzage gegeven stukken niet volledig zijn en dat de kennisneming van bepaalde processtukken wordt onthouden.

Keywords

AI generated
prosecutorial jurisdiction inaction of public prosecutor recusal of public prosecutor exclusion of public hearing authorization for criminal prosecution withdrawal of public action

Cited Legislation

AI generated
artikel 30 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering
artikel 30 Wetboek van Strafvordering
beoordeling De rechter-commissaris is van oordeel dat de verdachte de rechter-commissaris in het voorbereidend onderzoek verzoeken kan doen in het kader van artikel 30 Wetboek van Strafvordering.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Kabinet rechter-commissaris Locatie Breda rc-nummer : 16/541 parketnummer : 02/820404-16 Beslissing op bezwaarschrift onthouding processtukken (artikel 30 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering) inzake verdachte naam : [verdachte] voornamen : [voornamen] geboren op : [geboortedatum en plaats] woonplaats : [woonplaats] adres : [straatnaam] procedure De officier van justitie heeft de verdachte bij brief van 10 januari 2017 medegedeeld, dat de aan verdachte ter inzage gegeven stukken niet volledig zijn en dat de kennisneming van bepaalde processtukken wordt onthouden.

De raadsman van verdachte heeft hiertegen op 11 januari 2017 een bezwaarschrift ingediend bij de rechter-commissaris. De officier van justitie is in de gelegenheid gesteld op dit bezwaarschrift te reageren. De officier van justitie heeft op 13 januari 2017 schriftelijk gereageerd. Een afschrift van deze reactie is als bijlage aan deze beslissing gehecht. beoordeling De rechter-commissaris is van oordeel dat de verdachte de rechter-commissaris in het voorbereidend onderzoek verzoeken kan doen in het kader van artikel 30 Wetboek van Strafvordering.

In onderhavige strafzaak is geen sprake (meer) van de fase van voorbereidend onderzoek, nu de zaak is aangebracht op de zitting van 14 juli 2016. Het verzoek van (de raadsman van) de verdachte d.d. 11 januari 2017, ziet op de op de zitting van 3 oktober 2016 genomen beslissing van de rechtbank, en het standpunt en de beslissing van de officier van justitie op die beslissing. Dientengevolge dient dit verzoek te worden voorgelegd aan de rechtbank. De rechter-commissaris is in deze fase niet bevoegd. beslissing De rechter-commissaris wijst het verzoek door naar de meervoudige kamer van de rechtbank.

Deze beslissing is op 17 januari 2017 genomen door mr. I.M.A. Hinfelaar, rechter-commissaris.