Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBZWB:2013:5789 ECLI:NL:RBZWB:2013:5789 AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2013:5789 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Case Number ECLI:NL:RBZWB:2013:5789
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden: a. de naam en het adres van de indiener; b. een dagtekening; c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld; d. de gronden van het hoger beroep. Voor burgers is het mogelijk hoger beroep digitaal in te stellen. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van de formulieren op Rechtspraak.nl / Digitaal loket bestuursrecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBZWB:2013:5789 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant: RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Belastingrecht, enkelvoudige kamer Locatie: Breda Procedurenummer AWB 13/1470 Uitspraak van 25 juli 2013 Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 27d van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) in het geding tussen [belanghebbende] , verblijvende te [plaats] (Duitsland), belanghebbende, en de inspecteur van de Belastingdienst/Limburg, kantoor Venlo, de inspecteur. De bestreden beslissing De beslissing van de inspecteur van 29 januari 2013.

Keywords

AI generated
insufficiently substantiated grievance unsolicited observations oral pronouncement non-compliance with inspection regulations intimidation lawsuit authorization to sue
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Belastingrecht, enkelvoudige kamer Locatie: Breda Procedurenummer AWB 13/1470 Uitspraak van 25 juli 2013 Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 27d van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) in het geding tussen [belanghebbende] , verblijvende te [plaats] (Duitsland), belanghebbende, en de inspecteur van de Belastingdienst/Limburg, kantoor Venlo, de inspecteur. De bestreden beslissing De beslissing van de inspecteur van 29 januari 2013.

Zitting Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 11 juli 2013 te Breda. Aldaar zijn verschenen en gehoord, namens de inspecteur, [gemachtigden]. Belanghebbende is, met kennisgeving aan de rechtbank, niet verschenen. Tegelijkertijd zijn behandeld de zaken bij de rechtbank bekend onder de procedurenummers 13/1469 tot en met 13/1474. 1Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. 2Gronden 2.1. De beslissing van de inspecteur van 29 januari 2013 betreft, volgens de tekst, een uitspraak op het bezwaar van belanghebbende tegen de navorderingsaanslag inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet. 2009, aanslagnummer [nummer].W.97, dagtekening van het aanslagbiljet 17 november 2012 (hierna: de navorderingsaanslag). 2.2.

De inspecteur heeft in zijn verweerschrift van 7 juni 2013 aangegeven dat de navorderingsaanslag niet is opgelegd. 2.3. Het fiscale procesrecht bevat een gesloten stelsel van rechtsmiddelen. Ingevolge artikel 26 van de AWR kan, in afwijking van het bepaalde in artikel 8:1, eerste lid van de Awb, slechts beroep worden ingesteld indien het – voor zover hier van belang - betreft een belastingaanslag. 2.4. Nu vaststaat dat er geen navorderingsaanslag is opgelegd, kon de inspecteur geen uitspraak op bezwaar doen en staat er geen beroep bij de belastingrechter open.

Het beroep dient dan ook niet-ontvankelijk te worden verklaard. 2.5. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Deze uitspraak is gedaan op 25 juli 2013 door mr. W.A.P. van Roij, rechter, en op dezelfde dag in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van mr. M.J. van Balkom, griffier. De griffier, De rechter, Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ ’s-Hertogenbosch.

Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:

1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden: a. de naam en het adres van de indiener; b. een dagtekening; c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld; d. de gronden van het hoger beroep. Voor burgers is het mogelijk hoger beroep digitaal in te stellen. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van de formulieren op Rechtspraak.nl / Digitaal loket bestuursrecht.