Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3860 ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3860 AI generated

ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3860 · Rechtbank Zutphen

Case Number ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3860
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK ZUTPHEN Enkelvoudige kamer voor bestuursrechtelijke zaken Reg.nr.: 02/1082 PROCES-VERBAAL VAN MONDELINGE UITSPRAAK in het geding tussen: [eiseres]., gevestigd te [woonplaats], gemachtigde: mr. F.J.M. Kobossen en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lichtenvoorde, verweerder, gemachtigde: mr. A.H.E. Brons 1. Aanduiding bestreden besluit Het beroep van eiseres is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een bezwaarschrift.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3860 · Rechtbank Zutphen: Motivering Eiseres stelt zich op het standpunt dat nog niet is beslist op haar bezwaarschrift gericht tegen het uitblijven van een beslissing op haar verzoek om een vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO). Ingevolge artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt onder een besluit verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Ingevolge artikel 1:3, derde lid, van de Awb wordt onder een aanvraag verstaan: een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen.

Keywords

AI generated
artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskosten-veroordeling op grond van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ZUTPHEN Enkelvoudige kamer voor bestuursrechtelijke zaken Reg.nr.: 02/1082 PROCES-VERBAAL VAN MONDELINGE UITSPRAAK in het geding tussen: [eiseres]., gevestigd te [woonplaats], gemachtigde: mr. F.J.M. Kobossen en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lichtenvoorde, verweerder, gemachtigde: mr. A.H.E. Brons 1. Aanduiding bestreden besluit Het beroep van eiseres is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een bezwaarschrift.

2. Motivering Eiseres stelt zich op het standpunt dat nog niet is beslist op haar bezwaarschrift gericht tegen het uitblijven van een beslissing op haar verzoek om een vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO). Ingevolge artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt onder een besluit verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Ingevolge artikel 1:3, derde lid, van de Awb wordt onder een aanvraag verstaan: een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen.

Ingevolge artikel 6:2, eerste lid, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep met een besluit gelijkgesteld het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank is van oordeel dat namens eiseres geen verzoek aan verweerder is gedaan om haar een vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van de WRO te verlenen. Gelet daarop is er geen sprake van het niet tijdig nemen van een besluit op dat verzoek en vervolgens is er eveneens geen sprake van het niet tijdig nemen van een besluit op het bezwaarschrift van eiseres.

Eiseres - die zich heeft voorzien van rechtsbijstand - heeft artikel 19 van de WRO wel in enig geschrift genoemd maar dat is onvoldoende om van een aanvraag te kunnen spreken. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskosten-veroordeling op grond van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.

3. Beslissing De rechtbank: verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan op 20 december 2002. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Waarvan proces-verbaal, mr. J.W.M. Bunt mr. J.A. Lok griffier rechter