Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBUTR:2012:7332 ECLI:NL:RBUTR:2012:7332 AI generated

ECLI:NL:RBUTR:2012:7332 · Rechtbank Utrecht

Case Number ECLI:NL:RBUTR:2012:7332
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK UTRECHT Sector bestuursrecht zaaknummer: SBR 12/165 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 september 2012 in de zaak tussen [eiser] , te [woonplaats] (België), eiser (gemachtigde: mr. D.H. Andries), en Belastingdienst / Toeslagen, verweerder (gemachtigde: L. Runnenberg). Procesverloop Bij besluit van 10 februari 2011 heeft verweerder bepaald dat eiser in 2008 geen recht op kinderopvangtoeslag had. Bij besluit van 12 december 2011 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser ongegrond verklaard. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:18 van de Awb, artikel 8:75a van de Awb, artikel 8:75 van de Awb; ECLI:NL:RBUTR:2012:7332 · Rechtbank Utrecht: Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 4 mei 2012. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De rechtbank heeft met toepassing van artikel 8:64, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) het onderzoek ter zitting geschorst en partijen in de gelegenheid gesteld om met elkaar in onderhandeling te gaan en binnen drie weken de stand van zaken te melden aan de rechtbank. Bij een nadere beslissing op bezwaar van 30 mei 2012 heeft verweerder met toepassing van artikel 6:18 van de Awb het bezwaar alsnog gegrond verklaard.

Keywords

AI generated
reimbursement of costs legal representation costs defense costs party costs of attorney reduction of costs advance on court costs

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:18 van de Awb
Bij een nadere beslissing op bezwaar van 30 mei 2012 heeft verweerder met toepassing van artikel 6:18 van de Awb het bezwaar alsnog gegrond verklaard.
artikel 8:75a van de Awb
De rechtbank ziet, gelet op artikel 8:75a van de Awb, dan ook aanleiding om verweerder te veroordelen in de door eiser gemaakte proceskosten.
artikel 8:75 van de Awb
Op grond van artikel 8:75 van de Awb en artikel 1, aanhef en onder c, van het Bpb, komen de door eiser opgegeven reiskosten ter hoogte van € 67,76 voor vergoeding in aanmerking.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK UTRECHT Sector bestuursrecht zaaknummer: SBR 12/165 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 september 2012 in de zaak tussen [eiser] , te [woonplaats] (België), eiser (gemachtigde: mr. D.H. Andries), en Belastingdienst / Toeslagen, verweerder (gemachtigde: L. Runnenberg). Procesverloop Bij besluit van 10 februari 2011 heeft verweerder bepaald dat eiser in 2008 geen recht op kinderopvangtoeslag had. Bij besluit van 12 december 2011 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser ongegrond verklaard. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 4 mei 2012. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De rechtbank heeft met toepassing van artikel 8:64, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) het onderzoek ter zitting geschorst en partijen in de gelegenheid gesteld om met elkaar in onderhandeling te gaan en binnen drie weken de stand van zaken te melden aan de rechtbank. Bij een nadere beslissing op bezwaar van 30 mei 2012 heeft verweerder met toepassing van artikel 6:18 van de Awb het bezwaar alsnog gegrond verklaard.

Daarbij heeft verweerder vermeld dat de beslissing van 30 mei 2012 in de plaats treedt van de beslissing op bezwaar van 12 december 2011. De gemachtigde van eiser heeft daarop bij brief van 12 juli 2012 het beroep ingetrokken en de rechtbank verzocht om verweerder te veroordelen in de proceskosten, bestaande uit de kosten voor rechtsbijstand en € 67,76 aan reiskosten. Verweerder heeft op 18 juli 2012 de rechtbank meegedeeld dat hij zich voegt naar het oordeel van de rechtbank met betrekking tot dit verzoek. Overwegingen De veroordeling van een partij in de proceskosten in bestuursrechtelijke gedingen is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb).

Gelet op de gedingstukken en het hiervoor weergegeven procesverloop stelt de rechtbank vast dat verweerder tegemoet is gekomen aan eisers bezwaren tegen het bestreden besluit. De rechtbank ziet, gelet op artikel 8:75a van de Awb, dan ook aanleiding om verweerder te veroordelen in de door eiser gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Bpb voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 874,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 437,- en een wegingsfactor 1).

Op grond van artikel 8:75 van de Awb en artikel 1, aanhef en onder c, van het Bpb, komen de door eiser opgegeven reiskosten ter hoogte van € 67,76 voor vergoeding in aanmerking. Uit artikel 8:41, vierde lid, van de Awb volgt dat verweerder verplicht is het door eiser betaalde griffierecht aan hem te vergoeden. Beslissing - veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser ten bedrage van € 874,-, te betalen aan eiser; - veroordeelt verweerder tot het betalen van een reiskostenvergoeding van € 67,76 aan eiser; - draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 41,-- aan eiser te vergoeden.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J. Praamstra, rechter, in aanwezigheid van mr. L.Y. Wong, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 september 2012. griffier rechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Een belanghebbende en het bestuursorgaan kunnen tegen deze uitspraak binnen zes weken na de dag van bekendmaking hiervan verzet doen bij deze rechtbank, sector Bestuursrecht.