ECLI:NL:RBUTR:2011:BR5023 · Rechtbank Utrecht
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK UTRECHT Sector strafrecht parketnummer: 16/440824-10 vonnis van de meervoudige kamer d.d. 14 juli 2011 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [1964] te [geboorteplaats], wonende te [adres], [woonplaats], Groot-Brittannië, niet als ingezetene ingeschreven in de basis administratie persoonsgegevens en zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats in Nederland. 1 Onderzoek van de zaak De zaak is behandeld op de terechtzitting van 14 juli 2011. Verdachte is niet verschenen. 2 De tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBUTR:2011:BR5023 · Rechtbank Utrecht: 14 juli 2011 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [1964] te [geboorteplaats], wonende te [adres], [woonplaats], Groot-Brittannië, niet als ingezetene ingeschreven in de basis administratie persoonsgegevens en zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats in Nederland. 1 Onderzoek van de zaak De zaak is behandeld op de terechtzitting van 14 juli 2011. Verdachte is niet verschenen. 2 De tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK UTRECHT Sector strafrecht parketnummer: 16/440824-10 vonnis van de meervoudige kamer d.d. 14 juli 2011 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [1964] te [geboorteplaats], wonende te [adres], [woonplaats], Groot-Brittannië, niet als ingezetene ingeschreven in de basis administratie persoonsgegevens en zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats in Nederland. 1 Onderzoek van de zaak De zaak is behandeld op de terechtzitting van 14 juli 2011. Verdachte is niet verschenen. 2 De tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: in de periode van 8 december 2009 tot en met 25 februari 2010 een minderjarige, te weten haar dochter [minderjarige], heeft onttrokken aan het wettig gezag. 3 De voorvragen De geldigheid van de dagvaarding. Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de uitreiking van de dagvaarding aan de verdachte niet op de juiste wijze heeft plaatsgevonden. Nu de verdachte niet ter terechtzitting is verschenen is de rechtbank van oordeel dat de dagvaarding nietig moet worden verklaard. 4 De beslissing De rechtbank: - verklaart de dagvaarding nietig;
Dit vonnis is gewezen door mr. A.G. van Doorn, voorzitter, mrs. Z.J. Oosting en G. Perrick rechters, in tegenwoordigheid van griffier Z. Berkouwer en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 14 juli 2011.