ECLI:NL:RBSHE:2007:BC3981 · Rechtbank 's-Hertogenbosch
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK ’s-HERTOGENBOSCH Sector bestuursrecht Zaaknummer: AWB 07/145 Uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 maart 2007 inzake Stichting To The Point, te Kaatsheuvel, eiseres tegen het hoofd administratiekantoor van de gemeente Boxtel, te Boxtel verweeerder. Procesverloop Bij beroepschrift van 11 januari 2007 heeft eiseres beroep ingesteld tegen een besluit van verweerder van 6 december 2006. Overwegingen 1. Ingevolge artikel 8:54, eerste lid, aanhef en onder b, van de Awb kan de rechtbank, totdat partijen zijn uitgenodigd om op een zitting te verschijnen, het onderzoek sluiten indien voortzetting van het onderzoek niet nodig is omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.
Legislator headnote
AI generatedartikel 8:41 van de Awb, artikel 8:54 van de Awb; ECLI:NL:RBSHE:2007:BC3981 · Rechtbank 's-Hertogenbosch: Nu de rechtbank geen griffierecht van eiser heeft ontvangen zal het beroep met toepassing van artikel 8:54 van de Awb niet-ontvankelijk worden verklaard.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
RECHTBANK ’s-HERTOGENBOSCH Sector bestuursrecht Zaaknummer: AWB 07/145 Uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 maart 2007 inzake Stichting To The Point, te Kaatsheuvel, eiseres tegen het hoofd administratiekantoor van de gemeente Boxtel, te Boxtel verweeerder. Procesverloop Bij beroepschrift van 11 januari 2007 heeft eiseres beroep ingesteld tegen een besluit van verweerder van 6 december 2006. Overwegingen 1. Ingevolge artikel 8:54, eerste lid, aanhef en onder b, van de Awb kan de rechtbank, totdat partijen zijn uitgenodigd om op een zitting te verschijnen, het onderzoek sluiten indien voortzetting van het onderzoek niet nodig is omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.
2. De rechtbank acht in het onderhavig geval termen aanwezig om van de vorenbedoelde bevoegdheid gebruik te maken en overweegt daartoe als volgt.
3. Ingevolge artikel 8:41 van de Awb is voor de behandeling van het beroep een griffierecht verschuldigd.
4. De griffier heeft eiseres bij brief van 28 februari 2007 verzocht om het verschuldigde griffierecht binnen vier weken te voldoen. Tevens is eiseres erop gewezen dat als hij dit niet doet, het beroep niet-ontvankelijk verklaard kan worden.
5. Aan dit verzoek is door eiseres geen gevolg gegeven.
6. De desbetreffende brief is voorzien van de juiste adressering en is niet als onbestelbaar retour ontvangen. De rechtbank gaat er daarom van uit dat deze brief eiseres heeft bereikt.
7. Nu de rechtbank geen griffierecht van eiser heeft ontvangen zal het beroep met toepassing van artikel 8:54 van de Awb niet-ontvankelijk worden verklaard.
8. De rechtbank acht geen termen aanwezig om een proceskostenveroordeling uit te spreken.
9. Beslist wordt als volgt. Beslissing De rechtbank, verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Aldus gedaan door mr. M.T. van Vliet als rechter en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van J. Schel als griffier op 20 maart 2007. Tegen deze uitspraak staat het rechtsmiddel verzet open. Indien u daarvan gebruik wenst te maken, dient u binnen zes weken na de dagtekening van de verzending van het afschrift, een verzetschrift aan deze rechtbank te zenden. Daarin vermeldt u waarom u de uitspraak niet juist vindt. Tevens gelieve u aan te geven of u wel/niet in de gelegenheid gesteld wilt worden over het verzet te worden gehoord. Afschriften verzonden: