Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3776 ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3776 AI generated

ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3776 · Rechtbank 's-Gravenhage

Case Number ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3776
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK ’s-GRAVENHAGE Sector bestuursrecht Zittinghoudende te Amsterdam zaaknummer: AWB 12/5457 V-nr: [nummer] uitspraak van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken in de zaak tussen [eiseres], geboren op [1976], van Nigeriaanse nationaliteit, eiseres, gemachtigde: mr. R.T. Laigsingh, advocaat te Amsterdam en de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel, verweerder, gemachtigde: mr. I. Boon, werkzaam bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Procesverloop Op 19 januari 2012 heeft verweerder een terugkeerbesluit aan eiseres uitgereikt waarbij eiseres is aangezegd dat zij de Europese Unie binnen een termijn van 28 dagen dient te verlaten.

Legislator headnote

AI generated

artikel 62 van de Vw 2000; ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3776 · Rechtbank 's-Gravenhage: Nu eiseres de ingevolge artikel 62 van de Vw 2000 maximaal mogelijke termijn voor vrijwillig vertrek is toegekend, bestond voor verweerder geen ruimte op humanitaire gronden of anderszins meer in het voordeel van eiseres te beslissen dan hij heeft gedaan. Dat eiseres stelt wel een adres te hebben, kan dit niet anders maken.

Keywords

AI generated
right of return extension of detention deportation extension of visiting rights consequences of withdrawal restoration of time limit reconsideration of expulsion

Cited Legislation

AI generated
artikel 62 van de Vw 2000
Nu eiseres de ingevolge artikel 62 van de Vw 2000 maximaal mogelijke termijn voor vrijwillig vertrek is toegekend, bestond voor verweerder geen ruimte op humanitaire gronden of anderszins meer in het voordeel van eiseres te beslissen dan hij heeft gedaan.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ’s-GRAVENHAGE Sector bestuursrecht Zittinghoudende te Amsterdam zaaknummer: AWB 12/5457 V-nr: [nummer] uitspraak van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken in de zaak tussen [eiseres], geboren op [1976], van Nigeriaanse nationaliteit, eiseres, gemachtigde: mr. R.T. Laigsingh, advocaat te Amsterdam en de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel, verweerder, gemachtigde: mr. I. Boon, werkzaam bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Procesverloop Op 19 januari 2012 heeft verweerder een terugkeerbesluit aan eiseres uitgereikt waarbij eiseres is aangezegd dat zij de Europese Unie binnen een termijn van 28 dagen dient te verlaten.

Op 16 februari 2012 heeft de rechtbank het beroepschrift van eiseres ontvangen. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 15 mei 2012. Eiseres is vertegenwoordigd door haar gemachtigde. Verweerder is vertegenwoordigd door zijn voornoemde gemachtigde. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten. Overwegingen 1. Niet in geschil is dat eiseres niet rechtmatig in Nederland verbleef ten tijde van het bestreden besluit. Verweerder was om deze reden op grond van artikel 62a van de Vreemdelingenwet (Vw) 2000 gehouden eiseres een zogenaamd terugkeerbesluit uit te reiken.

2. Nu eiseres de ingevolge artikel 62 van de Vw 2000 maximaal mogelijke termijn voor vrijwillig vertrek is toegekend, bestond voor verweerder geen ruimte op humanitaire gronden of anderszins meer in het voordeel van eiseres te beslissen dan hij heeft gedaan. Dat eiseres stelt wel een adres te hebben, kan dit niet anders maken.

3. Voorts blijkt uit de stukken dat eiseres in de Engelse taal de strekking van het terugkeerbesluit is uitgelegd en dat zij heeft verklaard die te hebben begrepen.

4. Reeds omdat zoals hierboven overwogen geen ruimte bestond voor een voor eiseres voordeliger beslissing, bestaat geen grond voor de stelling dat zij onvoldoende is gehoord.

5. Voor zover eiseres heeft betoogd dat verweerder haar had moeten informeren omtrent de mogelijkheid verlenging van de vertrektermijn aan te vragen op de voet van artikel 62, derde lid, van de Vw 2000 in samenhang met artikel 6.3 van het Voorschrift Vreemdelingen 2000, overweegt de rechtbank dat dit in de onderhavige zaak, die betrekking heeft op het terugkeerbesluit en niet op een verlengingsverzoek, niet tot het door eiseres beoogde resultaat kan leiden.

6. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De rechtbank, in de zaak geregistreerd onder nummer: AWB 12/5457, - verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.J. Dondorp, rechter, in aanwezigheid van mr. M.E. Pluymaekers, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 mei 2012.