Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5831 ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5831 AI generated

ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5831 · Rechtbank 's-Gravenhage

Case Number ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5831
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Ontstaan en loop van het geding 1.1. Verweerder heeft eiser op 8 december 2011 in vreemdelingenbewaring gesteld. 1.2. Bij faxbericht van 2 mei 2012 heeft eiser beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring, nadat de rechtbank het vorige beroep van eiser tegen het voortduren van zijn bewaring bij uitspraak van 6 april 2012 ongegrond heeft verklaard.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5831 · Rechtbank 's-Gravenhage: Overwegingen 2.1. De rechtbank constateert dat eiser wederom dezelfde gronden heeft aangevoerd, zij het met aanpassing van enkele data, als in de procedures bekend onder nummer AWB 12/7414 en AWB 12/10930. In die twee eerdere procedures is het beroep ongegrond verklaard. Met opnieuw slechts de aanpassing van de data, heeft eiser geen feiten en omstandigheden gesteld die aanleiding geven tot een ander oordeel. 2.2. Het beroep is derhalve ongegrond. Er is geen grond voor schadevergoeding. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling als bedoeld in artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. 2.3. Gezien het voorgaande beslist de rechtbank als volgt.

Keywords

AI generated
reconsideration reopening of the file repetition of criminal offenses grounds for revision appealability of remand decision new legal argument
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE Nevenzittingsplaats Dordrecht Sector Bestuursrecht Vreemdelingenkamer procedurenummer: AWB 12/14586, V-nummer: [nummer], uitspraak van de enkelvoudige kamer in het geding tussen [naam], eiser, gemachtigde: mr. Y. Özdemir, advocaat te 's-Gravenhage, en de Minister voor Immigratie, Integratie en Asiel, verweerder.

1. Ontstaan en loop van het geding 1.1. Verweerder heeft eiser op 8 december 2011 in vreemdelingenbewaring gesteld. 1.2. Bij faxbericht van 2 mei 2012 heeft eiser beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring, nadat de rechtbank het vorige beroep van eiser tegen het voortduren van zijn bewaring bij uitspraak van 6 april 2012 ongegrond heeft verklaard.

2. Overwegingen 2.1. De rechtbank constateert dat eiser wederom dezelfde gronden heeft aangevoerd, zij het met aanpassing van enkele data, als in de procedures bekend onder nummer AWB 12/7414 en AWB 12/10930. In die twee eerdere procedures is het beroep ongegrond verklaard. Met opnieuw slechts de aanpassing van de data, heeft eiser geen feiten en omstandigheden gesteld die aanleiding geven tot een ander oordeel. 2.2. Het beroep is derhalve ongegrond. Er is geen grond voor schadevergoeding. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling als bedoeld in artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. 2.3. Gezien het voorgaande beslist de rechtbank als volgt.

3. Beslissing De rechtbank 's-Gravenhage: - verklaart het beroep ongegrond; - wijst het verzoek om schadevergoeding af. Aldus gegeven door mr. J.J. Klomp, rechter, en door deze en H. Philips, griffier, ondertekend.