Legislator Case Law & Legislation
AWB 12 / 5962 ECLI:NL:RBSGR:2012:BW1185 AI generated

AWB 12 / 5962 · Rechtbank 's-Gravenhage

Case Number AWB 12 / 5962
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK ’s-GRAVENHAGE Sector bestuursrecht Zittinghoudende te Amsterdam zaaknummer: AWB 12 / 5962 V-nr: [V-nr] Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken van 1 maart 2012 in de zaak tussen [eiser], alias [alias], geboren op [1992], van (gestelde) Somalische nationaliteit, eiser, gemachtigde: mr. F.M. Holwerda, advocaat te Amsterdam en de minister voor Immigratie en Asiel, verweerder, gemachtigde: mr. E.M.M. Wantenaar, werkzaam bij de Immigratie en Naturalisatiedienst. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 1 maart 2012.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 6:5 van de Awb, Artikel 6:6 van de Awb; AWB 12 / 5962 · Rechtbank 's-Gravenhage: Eiser is in persoon verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door zijn voornoemde gemachtigde. Ook was ter zitting aanwezig A. Awed, als tolk in de Somalische taal. Met inachtneming van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft de rechtbank onmiddellijk na sluiting van het onderzoek ter zitting mondeling uitspraak gedaan. De rechtbank heeft hierbij aan partijen medegedeeld dat partijen binnen één week na verzending van een afschrift van deze uitspraak hoger beroep kunnen instellen.

Keywords

AI generated
visa for temporary stay departure deadline extension of detention deportation asylum policy risk of overstaying migration administration framework

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht
Met inachtneming van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft de rechtbank onmiddellijk na sluiting van het onderzoek ter zitting mondeling uitspraak gedaan.
artikel 6:5 van de Awb
Naast de vereisten waaraan het beroepschrift moet voldoen op grond van artikel 6:5 van de Awb (zoals het overleggen van een afschrift van deze uitspraak) dient het beroepschrift ingevolge artikel 85, eerste lid, van de Vw 2000 een of meer grieven te bevatten.
Artikel 6:6 van de Awb
Artikel 6:6 van de Awb (herstel verzuim) is niet van toepassing.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK ’s-GRAVENHAGE Sector bestuursrecht Zittinghoudende te Amsterdam zaaknummer: AWB 12 / 5962 V-nr: [V-nr] Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken van 1 maart 2012 in de zaak tussen [eiser], alias [alias], geboren op [1992], van (gestelde) Somalische nationaliteit, eiser, gemachtigde: mr. F.M. Holwerda, advocaat te Amsterdam en de minister voor Immigratie en Asiel, verweerder, gemachtigde: mr. E.M.M. Wantenaar, werkzaam bij de Immigratie en Naturalisatiedienst. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 1 maart 2012.

Eiser is in persoon verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door zijn voornoemde gemachtigde. Ook was ter zitting aanwezig A. Awed, als tolk in de Somalische taal. Met inachtneming van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft de rechtbank onmiddellijk na sluiting van het onderzoek ter zitting mondeling uitspraak gedaan. De rechtbank heeft hierbij aan partijen medegedeeld dat partijen binnen één week na verzending van een afschrift van deze uitspraak hoger beroep kunnen instellen.

Beslissing De rechtbank verklaart het beroep gegrond en beveelt dat de bewaring met ingang van heden wordt opgeheven. De rechtbank veroordeelt de Staat der Nederlanden tot vergoeding van de schade, groot € 640,-- (zegge: zeshonderd en veertig euro) aan eiser. De rechtbank veroordeelt verweerder als in het ongelijk gestelde partij in de kosten die eiser in verband met de behandeling van het beroep bij de rechtbank redelijkerwijs heeft moeten maken. Deze kosten zijn begroot op € 874,- als kosten van verleende rechtsbijstand, te betalen aan de griffier van deze rechtbank.

Motivering De rechtbank is van oordeel dat de maatregel met ingang van 22 februari 2012, de dag nadat de asielbeschikking is genomen, onrechtmatig is geworden. In de asielbeschikking wordt een vertrektermijn van vier weken genoemd. Dit maakt voortzetting van de maatregel in strijd met het beleid zoals beschreven in hoofdstuk C12/2.3 van de Vreemdelingencirculaire 2000. Verweerders stelling dat sprake is van een ambtelijke misslag wordt door de rechtbank niet gevolgd. De rechtbank is van oordeel dat moet kunnen worden afgegaan op de inhoud van de beschikking.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal. M.M.J. Mooijer mr. A.J. Dondorp griffier rechter afschrift verzonden op: Conc.: MM Coll: D: C VK Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open op de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (adres: Raad van State, Afdeling bestuursrechtspraak, Hoger beroep vreemdelingenzaken, Postbus 16113, 2500 BC 's-Gravenhage). De termijn voor het instellen van hoger beroep bedraagt één week. Naast de vereisten waaraan het beroepschrift moet voldoen op grond van artikel 6:5 van de Awb (zoals het overleggen van een afschrift van deze uitspraak) dient het beroepschrift ingevolge artikel 85, eerste lid, van de Vw 2000 een of meer grieven te bevatten.

Artikel 6:6 van de Awb (herstel verzuim) is niet van toepassing.