Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBROT:2018:3235 ECLI:NL:RBROT:2018:3235 AI generated

ECLI:NL:RBROT:2018:3235 · Rechtbank Rotterdam

Case Number ECLI:NL:RBROT:2018:3235
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Team haven en handel zaaknummer / rekestnummer: C/10/543305 / KG RK 18-104 Beschikking van de voorzieningenrechter van 4 april 2018 in de zaak van de naamloze vennootschap APOLLO GROUP N.V., gevestigd te Mijdrecht, verzoekster, advocaat mr. S.J. Piekaar te Amsterdam. tegen THE STATE TRADING CORPORATION OF INDIA LIMITED, gevestigd te New Delhi, India, gerekestreerde 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het ‘verzoekschrift’ (een Europeesrechtelijk modelformulier als na te melden), ingekomen ter griffie op 22 januari 2018, het verzoek van de griffier aan verzoekster om nadere onderbouwing van het verzoek, - de reacties van verzoekster hierop, vervat in e-mailberichten van 22 februari 2018 en 16 maart 2018, - de overgelegde producties. 1.2.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBROT:2018:3235 · Rechtbank Rotterdam: De gedeeltelijke afwijzing van de verzoeken betreft het volgende. Niet wordt toegestaan om bankrekeninginformatie op te vragen voor zover betrekking hebbend op andere, in het verzoek genoemde lidstaten dan Duitsland. Ondanks daartoe in de gelegenheid gesteld te zijn heeft verzoekster niet behoorlijk onderbouwd of aannemelijk gemaakt dat in andere lidstaten zoals België, Frankrijk of Italië vermoedelijke bankrekeningen ten name van voormelde gerekestreerde bestaan. Het vermoeden dat gerekestreerde in die landen een of meer rekeningen aanhoudt heeft verzoekster onderbouwd met de stelling dat zij daar een beroepsactiviteit uitoefent.

Keywords

AI generated
bank account information requests for information banking documents bank account holders monitoring of bank accounts bank credit balance
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Team haven en handel zaaknummer / rekestnummer: C/10/543305 / KG RK 18-104 Beschikking van de voorzieningenrechter van 4 april 2018 in de zaak van de naamloze vennootschap APOLLO GROUP N.V., gevestigd te Mijdrecht, verzoekster, advocaat mr. S.J. Piekaar te Amsterdam. tegen THE STATE TRADING CORPORATION OF INDIA LIMITED, gevestigd te New Delhi, India, gerekestreerde 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het ‘verzoekschrift’ (een Europeesrechtelijk modelformulier als na te melden), ingekomen ter griffie op 22 januari 2018, het verzoek van de griffier aan verzoekster om nadere onderbouwing van het verzoek, - de reacties van verzoekster hierop, vervat in e-mailberichten van 22 februari 2018 en 16 maart 2018, - de overgelegde producties. 1.2.

Ten slotte is beschikking bepaald. 2Het verzoek en de beoordeling 2.1. Het verzoek strekt tot verkrijging van verlof tot het leggen van Europees bankbeslag alsmede tot verkrijging van verlof om bankrekeninginformatie op te vragen. 2.2. Het Europees bankbeslag en het opvragen van bankrekeninginformatie zijn geregeld in Vo. (EU) Nr. 655/2014 van 15 mei 2014 alsmede, voor wat betreft de in dit verband te hanteren modelformulieren, in Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1823 van de Commissie van 10 oktober 2016, en voorts in de Uitvoeringswet verordening Europees bevel tot conservatoir beslag op bankrekeningen. 2.3.

De verzoeken worden deels toegewezen. Dat geschiedt niet in deze beschikking, maar in een separaat standaardformulier, zoals vastgesteld op grond van de voormelde Uitvoeringsverordening. 2.4. De verzoeken worden deels afgewezen. Voor afwijzing van de onderhavige verzoeken is geen standaardformulier vastgesteld. Daarom dient de afwijzing vervat te worden in een gerechtelijke beslissing overeenkomstig het in zoverre toepasselijke nationale Nederlandse (formele) recht. Deze beslissing dient in dit geval een beschikking te zijn en geen vonnis. Het gaat hier immers niet, kort gezegd, om een rechtsmiddel zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van de verordening, maar om de afwijzing van een verzoek (artikel 12, leden 1 en 2, van de uitvoeringswet). 2.5.

De gedeeltelijke afwijzing van de verzoeken betreft het volgende. Niet wordt toegestaan om bankrekeninginformatie op te vragen voor zover betrekking hebbend op andere, in het verzoek genoemde lidstaten dan Duitsland. Ondanks daartoe in de gelegenheid gesteld te zijn heeft verzoekster niet behoorlijk onderbouwd of aannemelijk gemaakt dat in andere lidstaten zoals België, Frankrijk of Italië vermoedelijke bankrekeningen ten name van voormelde gerekestreerde bestaan. Het vermoeden dat gerekestreerde in die landen een of meer rekeningen aanhoudt heeft verzoekster onderbouwd met de stelling dat zij daar een beroepsactiviteit uitoefent.

Desverzocht heeft zij toegelicht dat gerekestreerde op haar website haar belangrijkste im- en exportlanden vermeldt alsmede een lijst van vennootschappen waarmee zij zaken doet. Omdat in die lijst vennootschappen in België, Frankrijk en Italië staan meent verzoekster dat gerekestreerde in die landen beroepsactiviteiten uitoefent in de zin van de Verordening en het formulier en daar vermoedelijk over een of meer bankrekeningen beschikt. Daarin volgt de voorzieningenrechter haar niet. De enkele omstandigheid dat gerekestreerde zaken doet, althans heeft gedaan, met in genoemde landen gevestigde vennootschappen is onvoldoende onderbouwing voor het vermoeden dat zij daartoe ter plaatse een bankrekening heeft.

Het is in het internationale betalingsverkeer immers niet nodig om in het land van de handelspartner over een bankrekening te beschikken, nu betalingen van en naar buitenlandse banken mogelijk en in veel sectoren ook gebruikelijk zijn. Ten aanzien van Nederland kan, desgewenst, een regulier beslagrekest, strekkende tot verlof voor conservatoir derdenbeslag onder een bank worden ingediend, indien en voor zover verzoekster van oordeel is dat daarvoor aanleiding is en (om nader toe te lichten redenen) niet volstaan kan worden met het leggen van executoriaal beslag.

Het gaat in zoverre in ieder geval niet om grensoverschrijdend beslag, zodat de verordening in deze louter nationale aangelegenheid toepassing mist.

3De beslissing

De voorzieningenrechter 3.1. wijst de verzoeken om bankrekeninginformatie af, voor zover betrekking hebbend op andere in het verzoek genoemde lidstaten dan Duitsland, 3.2. weigert het verlof om Europees bankbeslag te mogen leggen in Nederland. Deze beschikking is gegeven door mr. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten en in het openbaar uitgesproken op 4 april 2018. 2517/106