Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBROT:2017:4065 ECLI:NL:RBROT:2017:4065 AI generated

ECLI:NL:RBROT:2017:4065 · Rechtbank Rotterdam

Case Number ECLI:NL:RBROT:2017:4065
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Rechtbank Rotterdam Team straf 1 Parketnummer: 10/770003-13 Datum uitspraak: 2 februari 2017 Verstek Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, op de vordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht van de officier van justitie in de zaak tegen de veroordeelde: [naam veroordeelde] , geboren te [geboorteplaats veroordeelde] [geboorteland veroordeelde] ) op [geboortedaum veroordeelde] , ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres veroordeelde] , [woonplaats veroordeelde] , Raadsman mr.

Legislator headnote

AI generated

artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht; ECLI:NL:RBROT:2017:4065 · Rechtbank Rotterdam: Rechtbank Rotterdam Team straf 1 Parketnummer: 10/770003-13 Datum uitspraak: 2 februari 2017 Verstek Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, op de vordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht van de officier van justitie in de zaak tegen de veroordeelde: [naam veroordeelde] , geboren te [geboorteplaats veroordeelde] [geboorteland veroordeelde] ) op [geboortedaum veroordeelde] , ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres veroordeelde] , [woonplaats veroordeelde] , Raadsman mr.

Keywords

AI generated
artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Rechtbank Rotterdam Team straf 1 Parketnummer: 10/770003-13 Datum uitspraak: 2 februari 2017 Verstek Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, op de vordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht van de officier van justitie in de zaak tegen de veroordeelde: [naam veroordeelde] , geboren te [geboorteplaats veroordeelde] [geboorteland veroordeelde] ) op [geboortedaum veroordeelde] , ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres veroordeelde] , [woonplaats veroordeelde] , Raadsman mr.

G.R. Stolk, advocaat te Schiedam. Onderzoek op de terechtzitting Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 2 februari 2017. Vordering De vordering van de officier van justitie, mr. C.J.A. van der Maas, strekt tot het vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht wordt geschat en tot het opleggen aan de veroordeelde van de verplichting tot betaling aan de staat van een geldbedrag ter ontneming van dat geschatte voordeel tot een maximum van € 13.362,99.

Geldigheid oproeping Standpunt verdediging Aangevoerd is dat de oproeping nietig is, nu deze onjuist aan de verdachte betekend is. Beoordeling Niet is gebleken dat de oproeping op de bij de wet voorgeschreven wijze aan verdachte is betekend en de verdachte is niet ter terechtzitting verschenen. Conclusie De oproeping is nietig. Beslissing De rechtbank: - verklaart de oproeping nietig. Dit vonnis is gewezen door: mr. J.H. Janssen, voorzitter, en mrs. E.G. Fels en M. Cupido, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L. van Hemert, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 16 februari 2017.

De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.