ECLI:NL:RBOVE:2025:462 · Rechtbank Overijssel
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Almelo Parketnummer: 08/133828-23 (P) Datum vonnis: 28 januari 2025 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 2000 in [geboorteplaats], huidig BRP-adres: [adres].
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBOVE:2025:462 · Rechtbank Overijssel: De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. 4De bewijsmotivering 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken van het tenlastegelegde.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Almelo Parketnummer: 08/133828-23 (P) Datum vonnis: 28 januari 2025 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 2000 in [geboorteplaats], huidig BRP-adres: [adres].
1Het onderzoek op de terechtzitting
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 10 december 2024 en 14 januari 2025. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door verdachte en haar raadsvrouw mr. D. Greven, advocaat in Borne, naar voren is gebracht.
2De tenlastelegging
De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte al dan niet samen met anderen, vijf vrouwen uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van wederrechtelijk verblijf in Nederland, terwijl verdachte daarvan een beroep of gewoonte heeft gemaakt (mensensmokkel). Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat: zij op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 februari 2023 tot en met 6 maart 2023 te Enschede, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, een ander of anderen, te weten - [naam 1] en/of - [naam 2] en/of - [naam 3] en/of - [naam 4] en/of - [naam 5] uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland of haar/hen daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen heeft verschaft, terwijl zij, verdachte en/of haar mededader(s), wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden dat dat verblijf wederrechtelijk was door - voornoemde perso(o)n(en) onderdak en/of een verblijfplaats en/of een werkplaats te bieden en/of - contacten te leggen en/of te onderhouden ten einde voornoemde perso(o)n(en) aan een werkplaats/verblijfplaats te helpen en/of aan het werk te helpen als prostituee en/of (aldus) haar/hun prostitutiewerk mogelijk te maken en haar/hen (daarmee) te helpen aan middelen van bestaan in Nederland terwijl verdachte en/of haar mededader(s) daarvan een beroep of gewoonte heeft/ hebben gemaakt.
3De voorvragen
De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. 4De bewijsmotivering 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard. 4.2 Het standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken van het tenlastegelegde.
De raadsvrouw heeft daartoe samengevat het volgende aangevoerd. Op 2 februari 2023 zijn in de huurwoning van verdachte drie vrouwen aangetroffen, te weten [naam 1], [naam 2] en [naam 3]. In het dossier zijn geen Whatsappberichten van verdachte over deze vrouwen aangetroffen. Bovendien beschikte verdachte op 2 februari 2023 niet meer over de sleutel van haar woning. Verdachte heeft de sleutel aan een medeverdachte afgegeven, maar dat is van onvoldoende gewicht om van medeplegen te kunnen spreken. Verdachte dient van betrokkenheid bij mensensmokkel bij deze drie vrouwen te worden vrijgesproken.
Op 6 maart 2023 zijn in de woning van medeverdachte [medeverdachte] twee vrouwen genaamd [naam 4] en [naam 5] aangetroffen. In het dossier bevinden zich geen bewijsmiddelen waaruit de betrokkenheid van verdachte bij mensensmokkel van deze vrouwen blijkt. Er zijn geen berichten van verdachte over deze vrouwen aangetroffen. Bovendien hebben de vrouwen verklaard over een negroïde man en niet over iemand die aan het signalement van verdachte voldoet. Ook van betrokkenheid bij mensensmokkel bij deze vrouwen dient verdachte te worden vrijgesproken. 4.3 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de betrokkenheid van verdachte bij mensensmokkel van de in de tenlastelegging genoemde vrouwen in de tenlastegelegde periode niet uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting kan volgen.
Weliswaar zijn [naam 1], [naam 2] en [naam 3] op 2 februari 2023 aangetroffen in een woning die op dat moment door verdachte werd gehuurd, maar niet is gebleken dat verdachte daar op dat moment zelf verbleef of op een andere manier wetenschap had van het verblijf van deze vrouwen in de door haar gehuurde woning. [naam 4] en [naam 5] zijn op 6 maart 2023 in de woning van medeverdachte [medeverdachte] aangetroffen. Het dossier bevat berichten tussen verdachte en [medeverdachte], die kunnen duiden op betrokkenheid bij mensensmokkel, maar daaruit valt geen betrokkenheid van verdachte bij deze vrouwen in de ten laste gelegde periode af te leiden.
Omdat dat ook niet uit andere bewijsmiddelen kan worden afgeleid, zal de rechtbank verdachte vrijspreken van het ten laste gelegde feit.
5De beslissing
De rechtbank: vrijspraak - verklaart niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt haar daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.G. Ellenbroek, voorzitter, mr. E.J.M. Bos en mr. P.A.M. Miltenburg, rechters, in tegenwoordigheid van M.M. Greven-Diepenmaat, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 28 januari 2025. Mr. Bos is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.