Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBOVE:2025:4136 ECLI:NL:RBOVE:2025:4136 AI generated

ECLI:NL:RBOVE:2025:4136 · Rechtbank Overijssel

Case Number ECLI:NL:RBOVE:2025:4136
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK OVERIJSSEL Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Almelo Zaaknummer: 11427747 \ CV EXPL 24-2361 Vonnis van 24 juni 2025 in de zaak van REFINED DEPARTMENT B.V., te Waardenburg, eisende partij, hierna te noemen: Refined, gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso, tegen [gedaagde] , te [woonplaats], gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde], gemachtigde: [gemachtigde] (NPH Consultant). 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding- de conclusie van antwoord- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald. 1.2.

Legislator headnote

AI generated

artikel 21 Rv, artikel 3:13 BW; ECLI:NL:RBOVE:2025:4136 · Rechtbank Overijssel: In haar conclusie van antwoord heeft zij aangevoerd dat de vordering toch (in ieder geval deels) moet worden afgewezen, omdat Refined in strijd met artikel 21 Rv geen melding heeft gemaakt van het haar aangeboden onderhandse akkoord. 2.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 3De beoordeling 3.1. De kantonrechter ziet geen aanleiding om aan het feit dat Refined in haar dagvaarding geen melding heeft gemaakt van het haar aangeboden akkoord de door [gedaagde] gewenste consequentie te verbinden. Verder wordt als volgt overwogen. 3.2.

Keywords

AI generated
production refunds restitution and compensation irreparable harm back payment export refunds right of return

Cited Legislation

AI generated
artikel 21 Rv
In haar conclusie van antwoord heeft zij aangevoerd dat de vordering toch (in ieder geval deels) moet worden afgewezen, omdat Refined in strijd met artikel 21 Rv geen melding heeft gemaakt van het haar aangeboden onderhandse akkoord.
artikel 3:13 BW
Dit kan uitzondering lijden indien de uitoefening van deze bevoegdheid wordt misbruikt (artikel 3:13 BW), en de schuldeiser aldus naar redelijkheid aanvaarding van dit aanbod niet had kunnen weigeren.

Cited Case Law

AI generated
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK OVERIJSSEL Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Almelo Zaaknummer: 11427747 \ CV EXPL 24-2361 Vonnis van 24 juni 2025 in de zaak van REFINED DEPARTMENT B.V., te Waardenburg, eisende partij, hierna te noemen: Refined, gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso, tegen [gedaagde] , te [woonplaats], gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde], gemachtigde: [gemachtigde] (NPH Consultant). 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding- de conclusie van antwoord- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald. 1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 3 juni 2025. Daarbij is deze zaak gevoegd behandeld met de zaken 11504139 CV EXPL 25-103 en 11504090 CV EXPL 25-101. 1.3. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten en het geschil 2.1. Refined vordert veroordeling van [gedaagde] tot, samengevat, betaling van een bedrag van € 2.736,19, te vermeerderen met rente en kosten. Volgens Refined laat [gedaagde], ondanks herhaalde aanmaning, na de haar in rekening gebrachte bedragen voor door haar gekochte kleding te betalen. 2.2. [gedaagde] erkent de gevorderde hoofdsom verschuldigd te zijn.

In haar conclusie van antwoord heeft zij aangevoerd dat de vordering toch (in ieder geval deels) moet worden afgewezen, omdat Refined in strijd met artikel 21 Rv geen melding heeft gemaakt van het haar aangeboden onderhandse akkoord. 2.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 3De beoordeling 3.1. De kantonrechter ziet geen aanleiding om aan het feit dat Refined in haar dagvaarding geen melding heeft gemaakt van het haar aangeboden akkoord de door [gedaagde] gewenste consequentie te verbinden. Verder wordt als volgt overwogen. 3.2.

De kantonrechter begrijpt het betoog van [gedaagde] ter zitting zo dat zij meent dat Refined verplicht zou moeten worden zich aan te sluiten bij de overeenstemming die met (volgens haar) het merendeel van de overige schuldeisers is bereikt. Zij heeft bij haar conclusie van antwoord echter geen daartoe strekkende vordering ingesteld, zodat een en ander niet ter beoordeling voorligt. 3.3. Ten overvloede wordt overwogen als volgt. Het staat een schuldeiser in beginsel vrij om een hem door de schuldenaar aangeboden buitengerechtelijk akkoord – indien dat inhoudt dat de schuldeiser slechts een (beperkt) deel van zijn vordering betaald krijgt en voor het restant afstand doet van zijn recht op voldoening – te weigeren.

Dit kan uitzondering lijden indien de uitoefening van deze bevoegdheid wordt misbruikt (artikel 3:13 BW), en de schuldeiser aldus naar redelijkheid aanvaarding van dit aanbod niet had kunnen weigeren. Bij de toewijzing van een vordering tot medewerking aan een buitengerechtelijk akkoord is terughoudendheid geboden; slechts onder zeer bijzondere omstandigheden kan plaats zijn voor een daartoe strekkend bevel aan de schuldeiser. Zodanig bevel rust dan op de grond dat de schuldeiser naar redelijkheid niet tot weigering van instemming met het akkoord heeft kunnen komen. 3.4.

Dergelijke zeer bijzondere omstandigheden zijn in deze zaak gesteld noch gebleken. Het (uiteraard voor [gedaagde] verdrietige) feit dat zij haar onderneming wegens financiële moeilijkheden niet heeft kunnen voortzetten, is daarvoor onvoldoende. 3.5. Dit betekent dat de gevorderde hoofdsom zal worden toegewezen. Ditzelfde geldt voor de daarover gevorderde (niet betwiste) overeengekomen rente. 3.6. Met inachtneming van de redelijk geachte wettelijke tarieven zal van de vordering ter zake van de buitengerechtelijke incassokosten een bedrag van € 398,62 worden toegewezen. 3.7. [gedaagde] is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen.

De proceskosten van Refined worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 116,39 - griffierecht € 496,00 - salaris gemachtigde € 476,00 (2 punten × € 238,00) - nakosten € 119,00 (plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 1.207,39 4De beslissing De kantonrechter 4.1. veroordeelt [gedaagde] om aan Refined te betalen een bedrag van € 2.736,19, te vermeerderen met de overeengekomen rente van 1,5% per maand over het toegewezen bedrag, vanaf de respectieve vervaldata van de onderliggende facturen, tot de dag van volledige betaling, 4.2. veroordeelt [gedaagde] om aan Refined te betalen een bedrag van € 398,62 aan buitengerechtelijke kosten, 4.3. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.207,39, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, 4.4. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 4.5. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2025. HR 12 augustus 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT7799