ECLI:NL:RBOVE:2024:2140 · Rechtbank Overijssel
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Zwolle Parketnummer: 71.310282.23 Datum vonnis: 16 april 2024 Vonnis in de zaak van de officier van justitie tegen [verdachte], geboren op [geboortedatum] 1984 in [geboorteplaats], zonder bekende woon-of verblijfplaats. Het onderzoek op de terechtzitting Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 16 april 2024. De verdachte is niet verschenen. De rechtbank heeft kennis genomen van het standpunt van de officieren van justitie. De geldigheid van de dagvaarding Het is de officieren van justitie en de rechtbank ambtshalve bekend dat verdachte zich bevindt in de Verenigde Arabische Emiraten (hierna:
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBOVE:2024:2140 · Rechtbank Overijssel: VAE). Door het Openbaar Ministerie is aan de VAE verzocht de dagvaarding aan verdachte uit te reiken. Onbekend is of dit is gebeurd. Uit het onderzoek op de zitting is duidelijk geworden dat een akte van uitreiking, of een daaraan gelijk te stellen document, ontbreekt. Verdachte is niet op de zitting verschenen en niet is gebleken dat verdachte op andere wijze bekend is geraakt met deze zittingsdatum of van een omstandigheid waaruit voortvloeit dat hij kennelijk geen gebruik wenst te maken van zijn aanwezigheidsrecht. De dagvaarding moet daarom nietig worden verklaard, aangezien niet is gebleken dat deze op de bij de wet voorgeschreven wijze aan de verdachte is betekend.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Zwolle Parketnummer: 71.310282.23 Datum vonnis: 16 april 2024 Vonnis in de zaak van de officier van justitie tegen [verdachte], geboren op [geboortedatum] 1984 in [geboorteplaats], zonder bekende woon-of verblijfplaats. Het onderzoek op de terechtzitting Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 16 april 2024. De verdachte is niet verschenen. De rechtbank heeft kennis genomen van het standpunt van de officieren van justitie. De geldigheid van de dagvaarding Het is de officieren van justitie en de rechtbank ambtshalve bekend dat verdachte zich bevindt in de Verenigde Arabische Emiraten (hierna:
VAE). Door het Openbaar Ministerie is aan de VAE verzocht de dagvaarding aan verdachte uit te reiken. Onbekend is of dit is gebeurd. Uit het onderzoek op de zitting is duidelijk geworden dat een akte van uitreiking, of een daaraan gelijk te stellen document, ontbreekt. Verdachte is niet op de zitting verschenen en niet is gebleken dat verdachte op andere wijze bekend is geraakt met deze zittingsdatum of van een omstandigheid waaruit voortvloeit dat hij kennelijk geen gebruik wenst te maken van zijn aanwezigheidsrecht. De dagvaarding moet daarom nietig worden verklaard, aangezien niet is gebleken dat deze op de bij de wet voorgeschreven wijze aan de verdachte is betekend.
De beslissing De rechtbank verklaart de dagvaarding nietig. Dit vonnis is gewezen door mr. M. Melaard, voorzitter, mr. N.J.C. Monincx en mr. A.J. de Loor, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.R. Lageveen, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 16 april 2024. Mr. N.J.C. Monincx is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.