Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBOVE:2023:4960 ECLI:NL:RBOVE:2023:4960 AI generated

ECLI:NL:RBOVE:2023:4960 · Rechtbank Overijssel

Case Number ECLI:NL:RBOVE:2023:4960
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Almelo Parketnummer: 08-205598-23 (P) Datum vonnis: 5 december 2023 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats], wonende aan de [woonplaats], ten tijde van de behandeling ter terechtzitting verblijvende in P.I. Achterhoek (Zutphen).

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBOVE:2023:4960 · Rechtbank Overijssel: Dit betekent dat verdachte van het hem ten laste gelegde moet worden vrijgesproken. 4De schade van de benadeelde [slachtoffer] De vordering van de benadeelde partij tot vergoeding van vermogensschade heeft betrekking op het ten laste gelegde feit. Omdat verdachte van het ten laste gelegde wordt vrijgesproken, wordt hem geen straf of maatregel opgelegd en zal de rechtbank de benadeelde partij op de voet van artikel 361, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.

Keywords

AI generated
threats against authorities endangerment offence identity theft threat of narcotics trafficking endangerment of life security risk
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Almelo Parketnummer: 08-205598-23 (P) Datum vonnis: 5 december 2023 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats], wonende aan de [woonplaats], ten tijde van de behandeling ter terechtzitting verblijvende in P.I. Achterhoek (Zutphen).

1Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 21 november 2023. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. T. de Munnik en van wat door verdachte en zijn raadsman mr. J.B.A. Kalk, advocaat in Enschede, naar voren is gebracht.

2De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte op 29 januari 2023 al dan niet samen met anderen rollen dakbedekking en een telefoon heeft gestolen en daarbij geweld heeft gebruikt en gedreigd heeft geweld te gebruiken tegen beveiliger [slachtoffer]. Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat: hij op of omstreeks 29 januari 2023 te Enschede, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meerdere bitumen dakbedekking rollen en/of een telefoon, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de [bedrijf 1] en/of [slachtoffer] en/of [bedrijf 2], in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door - die [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen:

‘als je iemand gaat bellen om hier wat aan te doen dan trappen we je samen in elkaar’, althans woorden van gelijk dreigende aard en/of strekking en/of - de telefoon van die [slachtoffer] uit zijn handen te slaan, waardoor de telefoon op de grond viel en/of - meermalen, althans eenmaal, (met kracht) te trappen in/op/tegen het gezicht/hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer] (al dan niet terwijl die [slachtoffer] weerloos op de grond lag en/of werd vastgehouden) en/of - meermalen, althans eenmaal, te slaan en/of te stompen in/op/tegen het gezicht/hoofd en/of tegen het lichaam van die [slachtoffer] (al dan niet terwijl die [slachtoffer] weerloos op de grond lag en/of werd vastgehouden) en/of - een wurggreep/nekklem aan te brengen en/of deze wurggreep/nekklem vol te houden bij die [slachtoffer] en/of - die [slachtoffer] te dwingen zijn ID-kaart te tonen, zodat die [slachtoffer] gevonden kon worden als de politie erbij gehaald zou worden en/of foto’s te maken van het rijbewijs van die [slachtoffer] en/of - tegen een mededader te zeggen:

‘pak een mes want ik snij zijn strot door’, althans woorden van gelijk dreigende aard en/of strekking. 3De bewijsvraag 3.1 Inleiding Op 29 januari 2023 in de avond zijn op een bouwterrein in Enschede 21 rollen dakbedekking gestolen. Toen beveiliger [slachtoffer] de verdachten op heterdaad betrapte, is hij door twee van de verdachten mishandeld en bedreigd. De vraag die beantwoord moet worden, is of verdachte een van hen is geweest. 3.2 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard. 3.3 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het ten laste gelegde vanwege het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. 3.4 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat op basis van het dossier aanwijzingen bestaan dat verdachte op 29 januari 2023 betrokken is geweest bij de diefstal met geweld en bedreiging met geweld, maar dat deze aanwijzingen, ook in onderling verband en samenhang bezien, hiervoor onvoldoende wettig bewijs opleveren.

Dit betekent dat verdachte van het hem ten laste gelegde moet worden vrijgesproken. 4De schade van de benadeelde [slachtoffer] De vordering van de benadeelde partij tot vergoeding van vermogensschade heeft betrekking op het ten laste gelegde feit. Omdat verdachte van het ten laste gelegde wordt vrijgesproken, wordt hem geen straf of maatregel opgelegd en zal de rechtbank de benadeelde partij op de voet van artikel 361, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.

5De beslissing

De rechtbank: vrijspraak - verklaart niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij; schadevergoeding - bepaalt dat de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk is in de vordering en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. Dit vonnis is gewezen door mr. P.M.F. Schreurs, voorzitter, mr. A.M.G. Ellenbroek en mr. R.G.J. Gehring, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.R. Kuiper, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 5 december 2023.