Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBOVE:2023:2166 ECLI:NL:RBOVE:2023:2166 AI generated

ECLI:NL:RBOVE:2023:2166 · Rechtbank Overijssel

Case Number ECLI:NL:RBOVE:2023:2166
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

beslissing RECHTBANK OVERIJSSEL Wrakingskamer Zittingsplaats Zwolle zaaknummer: 297760 KG RK 23-240 Beslissing van 12 juni 2023 in de zaak van [verzoeker] , handelend onder de naam [eenmanszaak] , te [woonplaats] , verzoeker tot wraking. 1De procedure 1.1. Bij e-mail van 4 juni 2023 heeft verzoeker het verzoek tot wraking gedaan van mr. W.R.H. Lutjes, rechter in deze rechtbank en in die hoedanigheid belast met de behandeling van de kantonzaak die is geregistreerd onder zaaknummer 10190885 \ CV EXPL 22-3983. Het verzoek is ingediend bij de wrakingskamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant en vervolgens ter behandeling in handen gesteld van de wrakingskamer van deze rechtbank. 2De beoordeling 2.1.

Legislator headnote

AI generated

artikel 37 lid 1 Rv; ECLI:NL:RBOVE:2023:2166 · Rechtbank Overijssel: De wrakingskamer overweegt dat uit artikel 37 lid 1 Rv volgt dat een verzoek tot wraking in beginsel in elke stand van de procedure kan worden gedaan. Het verzoek moet evenwel zijn ingediend vóórdat de behandeling van de zaak door het wijzen van een einduitspraak is geëindigd (zie HR 18 december 1998, ECLI:NL:HR:1998:AD2977). In dit geval is het verzoek gedaan nadat op 30 mei 2023 eindvonnis is gewezen. Het verzoek is dus te laat ingediend. Verzoeker is daarom niet-ontvankelijk in zijn verzoek. Om die reden komt de wrakingskamer aan een inhoudelijke behandeling van het verzoek niet toe.

Keywords

AI generated
unjustified procedural delay untimely request for extension statute of limitations bar timeliness of recusal request extension of proceedings party to proceedings

Cited Legislation

AI generated
artikel 37 lid 1 Rv
De wrakingskamer overweegt dat uit artikel 37 lid 1 Rv volgt dat een verzoek tot wraking in beginsel in elke stand van de procedure kan worden gedaan.

Cited Case Law

AI generated
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

beslissing RECHTBANK OVERIJSSEL Wrakingskamer Zittingsplaats Zwolle zaaknummer: 297760 KG RK 23-240 Beslissing van 12 juni 2023 in de zaak van [verzoeker] , handelend onder de naam [eenmanszaak] , te [woonplaats] , verzoeker tot wraking. 1De procedure 1.1. Bij e-mail van 4 juni 2023 heeft verzoeker het verzoek tot wraking gedaan van mr. W.R.H. Lutjes, rechter in deze rechtbank en in die hoedanigheid belast met de behandeling van de kantonzaak die is geregistreerd onder zaaknummer 10190885 \ CV EXPL 22-3983. Het verzoek is ingediend bij de wrakingskamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant en vervolgens ter behandeling in handen gesteld van de wrakingskamer van deze rechtbank. 2De beoordeling 2.1.

De wrakingskamer overweegt dat uit artikel 37 lid 1 Rv volgt dat een verzoek tot wraking in beginsel in elke stand van de procedure kan worden gedaan. Het verzoek moet evenwel zijn ingediend vóórdat de behandeling van de zaak door het wijzen van een einduitspraak is geëindigd (zie HR 18 december 1998, ECLI:NL:HR:1998:AD2977). In dit geval is het verzoek gedaan nadat op 30 mei 2023 eindvonnis is gewezen. Het verzoek is dus te laat ingediend. Verzoeker is daarom niet-ontvankelijk in zijn verzoek. Om die reden komt de wrakingskamer aan een inhoudelijke behandeling van het verzoek niet toe.

3De beslissing

De wrakingskamer 3.1. verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking. Deze beslissing is gegeven door mrs. U. van Houten, H. Manuel en M.H. van der Lecq in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 12 juni 2023. de griffier de voorzitter Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.