Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBOVE:2017:4139 ECLI:NL:RBOVE:2017:4139 AI generated

ECLI:NL:RBOVE:2017:4139 · Rechtbank Overijssel

Case Number ECLI:NL:RBOVE:2017:4139
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Rechtbank Overijssel Afdeling Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Almelo Parketnummers: 08/760197-16 (P) Datum vonnis: 3 november 2017 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1959 in [geboorteplaats] , wonende in [woonplaats] .

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBOVE:2017:4139 · Rechtbank Overijssel: De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

Keywords

AI generated
criminal threat endangerment by explosives weapons offences provocatory action threat of narcotics trafficking duress by threat
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Rechtbank Overijssel Afdeling Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Almelo Parketnummers: 08/760197-16 (P) Datum vonnis: 3 november 2017 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1959 in [geboorteplaats] , wonende in [woonplaats] .

1Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 20 oktober 2017. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. M. Weimar en van hetgeen door de door verdachte gemachtigde raadsman mr. R. Oude Breuil, advocaat te Enschede, naar voren is gebracht.

2De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte drie personen heeft bedreigd met de dood dan wel met zware mishandeling. Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat: hij op of omstreeks 14 december 2015, in de gemeente Enschede, [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, gericht op en/of getoond aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en daarbij dreigend de woorden toegevoegd: "Het is oorlog" en/of "Mijn kleinkinderen wil ik zien, ik ga over lijken. Ik ben ook opa." en/of "Als er toch doden moeten vallen dan moet dat nu maar gebeuren" en/of "Ik kom nog terug, je bent van mij nog niet af", althans (een) feitelijkhe(i)d(en) en/of woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

3De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4De beoordeling van het bewijs

Evenals de officier van justitie en de verdediging acht de rechtbank niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte is tenlastegelegd, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt daartoe het volgende. Tegenover belastende verklaringen van aangevers [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] staan de andersluidende verklaringen van verdachte en diens medeverdachten over het gebeuren. Verdachte heeft het tenlastegelegde feit met klem tegengesproken en zijn verklaring wordt ondersteund door de verklaring van getuige [getuige] die heeft verklaard dat verdachte niets gedaan heeft. De rechtbank heeft voorts in aanmerking genomen dat de verklaringen van aangevers niet alleen ten opzichte van die van verdachte en diens medeverdachten op essentiële punten tegenstrijdig zijn, maar ook onderling op onderdelen tegenstrijdig zijn. De rechtbank is dan ook van oordeel dat deze verklaringen daarom onbetrouwbaar zijn en niet kunnen bijdragen aan het bewijs.

5De beslissing

De rechtbank: - verklaart niet bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mr. B.W.M. Hendriks, voorzitter, mr. E.J.M. Bos en mr. A.A. Smit, rechters, in tegenwoordigheid van P.G.M. Klaassen, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 3 november 2017.